dinsdag 26 mei 2026
Succesvolle taxitest met waterstofvliegtuig AeroDelft op Rotterdam The Hague Airport
Het Delftse studententeam, AeroDelft, ontwerpt en bouwt een 1-persoonsvliegtuig op vloeibare waterstof. Afgelopen week bereikten zij een belangrijke mijlpaal: zij hebben met succes hun waterstofvliegtuig getest op Rotterdam The Hague Airport. Teammanager Isha Moharir: “We hebben verschillende grondtests gedaan met gasvormig waterstof, zo hebben we waterstof kunnen tanken op de luchthaven, hebben we tests kunnen doen met het aandrijfsysteem van ons vliegtuig en hebben we voor het eerst op een operationele luchthaven kunnen taxiën met het toestel.” De grondtests zijn een onderdeel van een breder project met partners Rotterdam The Hague Airport, Air Products, TU Delft, gecoördineerd door de stichting Rotterdam The Hague Innovation Airport, gericht op het opzetten en testen van een waterstofwaardeketen op de luchthaven.
De tests zijn een essentiële en logische stap om vliegen op waterstof te ontwikkelen. Moharir: “We hebben een stapsgewijze aanpak. We hebben al meerdere tests gedaan. Eerst vooral gericht op de verschillende deelsystemen. Vorig jaar hebben we met succes onze hele aandrijflijn kunnen testen op vloeibare waterstof in een laboratoriumopstelling. Nu hebben we het aandrijfsysteem kunnen testen in een echt vliegtuig op een echte luchthaven. Dat hebben we gedaan met gasvormig waterstof, omdat die technologie op dit moment beter ontwikkeld is.”
Testen op een echte en operationele luchthaven levert bovendien ontzettend waardevolle kennis op over veiligheid. Samen met partners, waaronder onderzoekstestpiloten Alexander in ’t Veld en Hans Mulder en hun team van het TU Delft Flight Test Laboratory, gestationeerd op RTHA onder de naam Fieldlab Next Aviation, heeft het team risicoanalyses gemaakt en een operationeel taxitestplan geschreven, zodat het team de tests veilig kan uitvoeren op de luchthaven. Moharir: “We doen geen enkele concessie op veiligheid."
vrijdag 22 mei 2026
Gasunie, Open Grid Europe en Thyssengas tekenen overeenkomst voor waterstofcorridor tussen Nederland en Duitsland
De ondertekening vond plaats in het bijzijn van minister Stientje van Veldhoven van Klimaat en Groene Groei tijdens de Hydrogen Milestone Ceremony in Rotterdam; de viering van de oplevering van Gasunie’s eerste deel van het Nederlandse waterstofnetwerk. Het tekenen van de overeenkomst onderstreept de gezamenlijke ambitie om de grootschalige waterstofinfrastructuur in Noordwest‑Europa van meet af aan internationaal te ontwikkelen. De overeenkomst werd ondertekend door Hans Coenen, COO van Gasunie, Thomas Hüwener, CEO van Open Grid Europe, en dr. Stefanie Kesting, CEO van Thyssengas.
Het grenspunt Zevenaar-Elten is de strategische schakel die de Duitse industrie en chemische sector verbindt met productie-, opslag- en importfaciliteiten voor waterstof in Nederland. In de eerste fase voorziet de overeenkomst in de aansluiting van het Rijn-Roergebied, gevolgd door een tweede fase waarin ook zuidelijke locaties, waaronder Ludwigshafen, worden verbonden. De Delta Rhine Corridor speelt in dit verband een centrale rol en vormt de Nederlandse route tussen de Rotterdamse haven en het Duitse achterland.
Tijdens de Hydrogen Milestone Ceremony, die plaatsvond in de week van de World Hydrogen Summit, werd zichtbaar dat de energietransitie zich in een nieuwe fase bevindt: van ambitie naar realisatie. Met de realisatie van het eerste deel van het waterstofnetwerk in Rotterdam en de overeenkomsten voor grensoverschrijdende waterstofcorridors wordt de basis gelegd voor verdere nationale en Europese verbindingen. Een Europees waterstofsysteem is essentieel voor het versterken van de energiezekerheid, het verduurzamen van de Europese industrie en het realiseren van een robuust en toekomstbestendig energiesysteem.
donderdag 21 mei 2026
Zuid-Holland versnelt waterstofinnovatie met nieuwe samenwerking LAUNCH2
Waterstof speelt een belangrijke rol in de overgang naar een duurzamere economie. Vooral voor de haven, industrie en het zware transport biedt waterstof kansen om minder CO2 uit te stoten. Tegelijk zorgt het voor innovatie, nieuwe bedrijvigheid en werkgelegenheid in de regio.
Arne Weverling, gedeputeerde o.a. haven en industrie: “Zuid-Holland heeft alles in huis om koploper te zijn in waterstofinnovatie. Met LAUNCH₂ brengen we partijen echt bij elkaar, zodat veelbelovende ideeën niet blijven hangen in losse projecten, maar kunnen doorgroeien naar grootschalige toepassingen. Zo pakken we knelpunten in samenwerking, infrastructuur en afstemming aan en versnellen we samen de hele waterstofketen.”
Veel waterstofprojecten lopen in de praktijk nog tegen uitdagingen aan. Bijvoorbeeld op het gebied van infrastructuur, regelgeving, financiering of samenwerking tussen partijen. Met LAUNCH2 werken overheden en kennisinstellingen beter samen om bedrijven sneller vooruit te helpen bij waterstofinnovatie. Bedrijven krijgen daardoor makkelijker toegang tot kennis, partners, infrastructuur en mogelijkheden om innovaties te testen en op te schalen.
LAUNCH2 is geen nieuwe organisatie of nieuw loket. Het samenwerkingsverband bouwt juist voort op bestaande initiatieven in de regio en wil zorgen voor meer samenhang en versnelling. Met de samenwerking wil Zuid-Holland bijdragen aan een sterke en toekomstbestendige economie. Daarnaast helpt het om de regio internationaal verder te versterken als belangrijke waterstofregio in Europa.
woensdag 20 mei 2026
Koning Willem‑Alexander en minister Van Veldhoven openen eerste deel van het landelijke waterstofnetwerk
De aanleg van het landelijke waterstofnetwerk is gestart in oktober 2023. Met de oplevering van dit eerste traject kan waterstof worden getransporteerd van productielocaties op de Maasvlakte naar de industrie. De komende jaren wordt het netwerk verder uitgebreid naar. de grote industriële regio’s in Nederland en verbonden met opslaglocaties en netwerken in Duitsland en België.
De oplevering van het eerste deel in Rotterdam markeert een belangrijke stap om de industrie met behoud van concurrentiekracht te laten verduurzamen. Met de Rotterdamse haven als Europees energieknooppunt en de strategische Delta Rhine Corridor verbinding kan waterstof en CO2 tussen Nederland en Duitsland worden getransporteerd. Deze infrastructuur vormt daarmee een belangrijke bouwsteen voor een geïntegreerd Europees energiesysteem. In dat systeem versterken waterstof, CO₂, aardgas, warmte en windenergie samen de strategische autonomie en het economische verdienvermogen van Nederland en Noordwest‑Europa.
Het landelijke waterstofnetwerk zal uiteindelijk circa 1.200 kilometer beslaan en maakt voor een groot deel gebruik van bestaande aardgasleidingen. Daarmee vormt het netwerk een essentiële randvoorwaarde voor de ontwikkeling van een goed functionerende waterstofmarkt en voor de verduurzaming van de industrie. Inmiddels is ook de eerste waterstoffabriek aangesloten op het netwerk. Naar verwachting zullen de komende jaren meer productie- en importlocaties en industriële afnemers op het Rotterdamse netwerk worden aangesloten.
De ontwikkeling van waterstofinfrastructuur vraagt om nauwe samenwerking over grenzen heen. Grensoverschrijdende netwerken zijn cruciaal om vraag en aanbod van waterstof in Noordwest‑Europa met elkaar te verbinden en om industrie perspectief te bieden op schaal, leveringszekerheid en betaalbaarheid. In dat kader ondertekenden Gasunie, Thyssengas en Open Grid Europe tijdens de bijeenkomst in Rotterdam een overeenkomst om gezamenlijk een grensoverschrijdende waterstofverbinding tussen Nederland en Duitsland te ontwikkelen. Met de overeenkomst is een volgende stap gezet in de ontwikkeling van een grensoverschrijdende waterstofverbinding tussen Nederland en Duitsland.
dinsdag 19 mei 2026
Schroders Greencoat stapt in Nederlandse biomethaan-productie
Schroders Greencoat, de gespecialiseerde manager van infrastructuur voor hernieuwbare energie en energietransitie heeft het Nederlandse biomethaanbedrijf APF Energy overgenomen. APF is een sterk groeiend biomethaan-bedrijf. Verkopende partij is het Franse SWEN Impact Fund for Transition, onderdeel van SWEN Capital Partners, en APF BV.
APF Energy is eigenaar van installaties die grootschalig biomethaan produceren uit een mix van agrarische mest en voedselreststromen. Hiermee draagt het bedrijf bij aan het aanpakken van stikstofproblemen die weer verband houden met de Nederlandse veehouderijsector.
Het platform bestaat momenteel uit zes biomethaanlocaties, waaronder drie volledig operationele locaties in Anerveen en Biddinghuizen en drie locaties in aanbouw in Baarlo, Axel en Nieuw Wolda, plus een portefeuille van projecten in een vergevorderd stadium.
De grote hoeveelheid agrarische grondstoffen in Nederland, gecombineerd met een van de dichtste gasdistributienetwerken van Europa, maakt ons land bijzonder aantrekkelijk voor de ontwikkeling van biomethaan. Biomethaan kan als directe vervanger van aardgas worden opgenomen in de bestaande gasinfrastructuur en speelt daarmee een belangrijke rol bij het verminderen van Europa’s afhankelijkheid van fossiele brandstofimporten en het versterken van de energiezekerheid in de regio.
Naast de bestaande expertise op het gebied van hernieuwbare energie en infrastructuur voor de energietransitie heeft Schroders Greencoat de afgelopen jaren ook kennis opgebouwd in de Europese sector voor anaerobe vergisting en biobrandstoffen, mede door investeringen in projecten in het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. Dit trackrecord is belangrijk voor de ambitie om sterke rendementen voor beleggers te realiseren binnen een cruciaal onderdeel van de overgang naar een koolstofarm energiesysteem.
Schroders Greencoat is onderdeel van Schroders Capital, de private beleggingstak van Schroders. Meer informatie over APF Energy op www.apfenergy.eu.
maandag 18 mei 2026
Risico’s biogas zijn bekend, kennis nu gebundeld
Biogas ontstaat door vergisting van biologisch materiaal, zoals mest, slib en groente-, fruit- en tuinafval. Het gas bestaat grotendeels uit methaan (CH₄) en bevat ook waterstofsulfide (H₂S), wat risico’s met zich meebrengt zoals brand, explosie, verstikking en vergiftiging bij vrijkomen. Deze risico’s zijn vergelijkbaar met die van mestgassen en zijn vooral relevant voor mensen die direct met installaties werken of incidenten met biogasinstallaties moeten bestrijden, maar er bestaan ook externe veiligheidsrisico’s.
Veilig optreden bij incidenten
Voor de brandweer bestaan er al duidelijke handelingsperspectieven, waaronder de Aandachtskaart Biovergistingsinstallaties en scenariokaarten binnen het Scenarioboek Energietransitie. Deze bieden richtlijnen voor veilig optreden bij incidenten.
De mogelijke toename van het aantal biogasinstallaties is geen aanleiding om deze handelingsperspectieven aan te passen. Omdat de aard van de biogasrisico’s niet verandert, zijn de bestaande handelingsperspectieven voor biogas toereikend.
Achtergronddocument
De verkenning bundelt bestaande kennis over biogas, de bijbehorende veiligheidsrisico’s en het optreden bij incidenten. Het rapport moet vooral worden gezien als een achtergronddocument.
woensdag 13 mei 2026
Waterstofpoeder als oplossing voor netcongestie
De technologie richt zich vooral op netcongestie: situaties waarbij het stroomnet overbelast raakt doordat vraag en aanbod van elektriciteit niet meer goed in balans zijn. In Nederland vormt dat een steeds groter probleem, waardoor bedrijven en nieuwbouwprojecten regelmatig moeten wachten op een aansluiting.
De startup gebruikt een methode waarbij waterstof chemisch wordt gebonden aan een metaalpoeder. Daardoor ontstaat een vaste stof die makkelijker te vervoeren en op te slaan is dan gasvormige waterstof. Op de plek waar energie nodig is, kan de waterstof vervolgens weer uit het poeder worden vrijgemaakt.
Volgens de ontwikkelaars biedt dat meerdere voordelen. Het transport zou veiliger zijn, omdat er minder hoge druk nodig is dan bij traditionele waterstoftanks. Daarnaast kan energie lokaal worden opgeslagen en later worden ingezet wanneer het elektriciteitsnet onvoldoende capaciteit heeft.
De technologie kan vooral interessant zijn voor bedrijven, industriegebieden en energiehubs die kampen met beperkte netcapaciteit. Nederland onderzoekt momenteel verschillende decentrale oplossingen voor netcongestie, zoals batterijen, lokale energienetwerken en waterstofsystemen.
Tegelijkertijd bestaat er discussie over de rol van waterstof in de energietransitie. Voorstanders zien het als een belangrijke manier om duurzame energie langdurig op te slaan en zware industrie te verduurzamen. Critici wijzen juist op energieverlies tijdens de omzetting en opslag van waterstof en vinden batterijen in veel situaties efficiënter. Die discussie leeft ook sterk binnen online communities en energiesectoren.





