Een Nederlandse startup ziet veel potentie in waterstofpoeder als oplossing voor de groeiende problemen op het elektriciteitsnet. Door waterstof in poedervorm op te slaan en te vervoeren, zou energie eenvoudiger en veiliger getransporteerd kunnen worden dan met traditionele waterstofopslag.
De technologie richt zich vooral op netcongestie: situaties waarbij het stroomnet overbelast raakt doordat vraag en aanbod van elektriciteit niet meer goed in balans zijn. In Nederland vormt dat een steeds groter probleem, waardoor bedrijven en nieuwbouwprojecten regelmatig moeten wachten op een aansluiting.
De startup gebruikt een methode waarbij waterstof chemisch wordt gebonden aan een metaalpoeder. Daardoor ontstaat een vaste stof die makkelijker te vervoeren en op te slaan is dan gasvormige waterstof. Op de plek waar energie nodig is, kan de waterstof vervolgens weer uit het poeder worden vrijgemaakt.
Volgens de ontwikkelaars biedt dat meerdere voordelen. Het transport zou veiliger zijn, omdat er minder hoge druk nodig is dan bij traditionele waterstoftanks. Daarnaast kan energie lokaal worden opgeslagen en later worden ingezet wanneer het elektriciteitsnet onvoldoende capaciteit heeft.
De technologie kan vooral interessant zijn voor bedrijven, industriegebieden en energiehubs die kampen met beperkte netcapaciteit. Nederland onderzoekt momenteel verschillende decentrale oplossingen voor netcongestie, zoals batterijen, lokale energienetwerken en waterstofsystemen.
Tegelijkertijd bestaat er discussie over de rol van waterstof in de energietransitie. Voorstanders zien het als een belangrijke manier om duurzame energie langdurig op te slaan en zware industrie te verduurzamen. Critici wijzen juist op energieverlies tijdens de omzetting en opslag van waterstof en vinden batterijen in veel situaties efficiënter. Die discussie leeft ook sterk binnen online communities en energiesectoren.
woensdag 13 mei 2026
dinsdag 12 mei 2026
Deze boeren voorzien Merselo van biogas
Nu de aanvoer van olie en aardgas uit het Midden-Oosten steeds onzekerder wordt, speelt het melkveebedrijf van Johan en Willem Loonen in op een alternatief: biogas uit koeienmest. Hun bedrijf in Merselo produceert dagelijks genoeg gas om het hele dorp van energie te voorzien.
Op melkveebedrijf De Boterpot staan zo’n vijfhonderd koeien. In de moderne, emissiearme stal wordt mest automatisch verzameld door een mestrobot. Die transporteert de mest via ondergrondse leidingen rechtstreeks naar een vergister.
In deze installatie wordt de mest verwarmd tot ongeveer veertig graden. Door dit proces ontstaan micro-organismen die de mest afbreken, vergelijkbaar met de spijsvertering in de maag. Daarbij komt biogas vrij, dat wordt opgevangen in een grote silo.
De broers Loonen, die eerder dit jaar werden uitgeroepen tot Agrarisch Ondernemer van het Jaar, combineren de energieproductie met hun melkveebedrijf, dat jaarlijks vijf miljoen liter melk produceert.
Voordat het biogas geschikt is voor gebruik in het reguliere gasnet, moet het eerst worden opgewerkt. Het gas wordt gekoeld zodat water kan worden verwijderd en daarna ontzwaveld om ongewenste geuren en stoffen eruit te halen. Vervolgens controleert een meetinstallatie de kwaliteit van het gas.
Als het biogas aan alle eisen voldoet, wordt het via een leiding ingevoerd in het gasnet van Enexis. Volgens de ondernemers levert de installatie dagelijks genoeg gas om heel Merselo van energie te voorzien.
Op melkveebedrijf De Boterpot staan zo’n vijfhonderd koeien. In de moderne, emissiearme stal wordt mest automatisch verzameld door een mestrobot. Die transporteert de mest via ondergrondse leidingen rechtstreeks naar een vergister.
In deze installatie wordt de mest verwarmd tot ongeveer veertig graden. Door dit proces ontstaan micro-organismen die de mest afbreken, vergelijkbaar met de spijsvertering in de maag. Daarbij komt biogas vrij, dat wordt opgevangen in een grote silo.
De broers Loonen, die eerder dit jaar werden uitgeroepen tot Agrarisch Ondernemer van het Jaar, combineren de energieproductie met hun melkveebedrijf, dat jaarlijks vijf miljoen liter melk produceert.
Voordat het biogas geschikt is voor gebruik in het reguliere gasnet, moet het eerst worden opgewerkt. Het gas wordt gekoeld zodat water kan worden verwijderd en daarna ontzwaveld om ongewenste geuren en stoffen eruit te halen. Vervolgens controleert een meetinstallatie de kwaliteit van het gas.
Als het biogas aan alle eisen voldoet, wordt het via een leiding ingevoerd in het gasnet van Enexis. Volgens de ondernemers levert de installatie dagelijks genoeg gas om heel Merselo van energie te voorzien.
woensdag 6 mei 2026
Plastic afval wordt mogelijk nieuwe bron van schone brandstof dankzij zonlicht
Onderzoekers hebben een techniek ontwikkeld waarmee plastic afval met behulp van zonlicht kan worden omgezet in brandstoffen zoals waterstof, syngas en andere waardevolle chemische stoffen. Daarmee kan plastic volgens wetenschappers veranderen van milieuprobleem in een potentiële energiebron.
Wereldwijd wordt jaarlijks meer dan 460 miljoen ton plastic geproduceerd, waarvan een groot deel eindigt op stortplaatsen of in het milieu. Tegelijk groeit de vraag naar duurzame alternatieven voor fossiele brandstoffen. Volgens onderzoekers van de University of Adelaide biedt de nieuwe methode een oplossing voor beide problemen.
De techniek maakt gebruik van zogeheten fotokatalysatoren die zonlicht opvangen en de lange polymeerketens in plastic afbreken. Daarbij komen onder meer waterstof, organische zuren en zelfs dieselachtige stoffen vrij. In sommige experimenten bleef het systeem meer dan 100 uur stabiel draaien.
Toch zijn er nog uitdagingen voordat de technologie op grote schaal kan worden ingezet. Plastic afval bestaat uit veel verschillende soorten materialen en additieven, wat verwerking lastig maakt. Ook moeten de katalysatoren efficiënter en goedkoper worden om commerciële toepassing haalbaar te maken.
De onderzoekers zien de technologie vooral als een stap richting een circulaire economie, waarin plastic niet langer wordt weggegooid, maar opnieuw wordt ingezet als grondstof voor energie en chemische producten.
Wereldwijd wordt jaarlijks meer dan 460 miljoen ton plastic geproduceerd, waarvan een groot deel eindigt op stortplaatsen of in het milieu. Tegelijk groeit de vraag naar duurzame alternatieven voor fossiele brandstoffen. Volgens onderzoekers van de University of Adelaide biedt de nieuwe methode een oplossing voor beide problemen.
De techniek maakt gebruik van zogeheten fotokatalysatoren die zonlicht opvangen en de lange polymeerketens in plastic afbreken. Daarbij komen onder meer waterstof, organische zuren en zelfs dieselachtige stoffen vrij. In sommige experimenten bleef het systeem meer dan 100 uur stabiel draaien.
Toch zijn er nog uitdagingen voordat de technologie op grote schaal kan worden ingezet. Plastic afval bestaat uit veel verschillende soorten materialen en additieven, wat verwerking lastig maakt. Ook moeten de katalysatoren efficiënter en goedkoper worden om commerciële toepassing haalbaar te maken.
De onderzoekers zien de technologie vooral als een stap richting een circulaire economie, waarin plastic niet langer wordt weggegooid, maar opnieuw wordt ingezet als grondstof voor energie en chemische producten.
dinsdag 5 mei 2026
Waterstofnetwerk Oost-Nederland weer een stap verder
In Nederland wordt stap voor stap een landelijk waterstofnetwerk aangelegd. Dit netwerk is nodig om de industrie te verduurzamen. Waterstof zorgt voor minder uitstoot van CO₂ en maakt Nederland minder afhankelijk van energie uit het buitenland.
Een onderdeel van dit landelijke netwerk is Waterstofnetwerk Oost‑Nederland. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Hynetwork (een 100% dochter van Gasunie) willen bestaande aardgasleidingen ombouwen voor het vervoer van waterstof. Het gaat om leidingen tussen Ommen en Boxtel en tussen Ommen en Angerlo. Deze leiding loopt ook door de gemeente Zutphen.
In 2025 kon iedereen meedenken over de eerste plannen en het voorstel voor het onderzoeksplan. Bewoners, grondeigenaren, overheden en andere betrokkenen gaven reacties en wensen mee. Deze zijn gebruikt om een definitief onderzoeksplan te maken.
Dit onderzoeksplan is nu openbaar en kunt u vinden op de website van RVO: www.rvo.nl/waterstofnetwerk-on. In het plan staat welke onderzoeken de komende jaren worden gedaan, bijvoorbeeld naar veiligheid, milieu en de omgeving.
De bestaande aardgasleidingen worden geschikt gemaakt voor waterstof. Zo hoeft er op geen nieuwe leiding te worden aangelegd.
Na het onderzoeksplan wordt gestart met de onderzoeken in de regio. Denk aan bureau- en veldonderzoeken bijvoorbeeld bodem of natuur. Dit gebeurt stap voor stap en vaak verspreid over een langere periode. De resultaten van de onderzoeken vormen de basis voor verdere besluitvorming in het project. Als alles volgens planning verloopt, verwachten het ministerie en Hynetwork dat de leiding rond 2031 in gebruik kan worden genomen voor waterstof.
Een onderdeel van dit landelijke netwerk is Waterstofnetwerk Oost‑Nederland. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Hynetwork (een 100% dochter van Gasunie) willen bestaande aardgasleidingen ombouwen voor het vervoer van waterstof. Het gaat om leidingen tussen Ommen en Boxtel en tussen Ommen en Angerlo. Deze leiding loopt ook door de gemeente Zutphen.
In 2025 kon iedereen meedenken over de eerste plannen en het voorstel voor het onderzoeksplan. Bewoners, grondeigenaren, overheden en andere betrokkenen gaven reacties en wensen mee. Deze zijn gebruikt om een definitief onderzoeksplan te maken.
Dit onderzoeksplan is nu openbaar en kunt u vinden op de website van RVO: www.rvo.nl/waterstofnetwerk-on. In het plan staat welke onderzoeken de komende jaren worden gedaan, bijvoorbeeld naar veiligheid, milieu en de omgeving.
De bestaande aardgasleidingen worden geschikt gemaakt voor waterstof. Zo hoeft er op geen nieuwe leiding te worden aangelegd.
Na het onderzoeksplan wordt gestart met de onderzoeken in de regio. Denk aan bureau- en veldonderzoeken bijvoorbeeld bodem of natuur. Dit gebeurt stap voor stap en vaak verspreid over een langere periode. De resultaten van de onderzoeken vormen de basis voor verdere besluitvorming in het project. Als alles volgens planning verloopt, verwachten het ministerie en Hynetwork dat de leiding rond 2031 in gebruik kan worden genomen voor waterstof.
woensdag 29 april 2026
Twente zit binnen paar jaar aan Duitse waterstof
Twente laat zien dat de overstap van aardgas naar groene energie sneller kan dan vaak gedacht wordt. Terwijl landelijke plannen voor een Nederlands waterstofnetwerk vertraging oplopen, kiest de regio voor een praktische oplossing: aansluiting op het Duitse waterstofnet vlak over de grens.
Volgens bestuurders in Overijssel duurden gesprekken in Nederland lang zonder duidelijkheid over wanneer Twente aan de beurt zou zijn. Daarom werd contact gezocht met Duitse partners. Die gingen akkoord met een aftakking op hun leiding, waardoor waterstof rechtstreeks naar Twente kan stromen. Een akkoord was volgens het artikel al binnen drie maanden rond.
Dat levert flinke tijdswinst op. Via het Nederlandse netwerk zou Twente mogelijk pas rond 2040 aangesloten worden. Met de Duitse route kan de infrastructuur al vanaf 2027 gebouwd worden en mikt men op levering tegen 2030. Ook de kosten zouden fors lager liggen, mede doordat bestaande leidingen gebruikt kunnen worden.
Voor bedrijven in de regio is dat belangrijk. Grote industriële spelers zoals bakkerijen en metaalbedrijven hebben hoge temperaturen nodig in hun processen. Die zijn moeilijk volledig te elektrificeren, zeker nu het stroomnet op veel plaatsen overbelast is. Waterstof wordt daarom gezien als een realistisch alternatief voor aardgas.
Er zijn wel aandachtspunten. Waterstof vraagt aangepaste installaties en extra veiligheidsmaatregelen, omdat het anders reageert dan aardgas. Daarom wordt in Twente ook gewerkt aan opleidingen en trainingen voor hulpdiensten en bedrijven.
Volgens bestuurders in Overijssel duurden gesprekken in Nederland lang zonder duidelijkheid over wanneer Twente aan de beurt zou zijn. Daarom werd contact gezocht met Duitse partners. Die gingen akkoord met een aftakking op hun leiding, waardoor waterstof rechtstreeks naar Twente kan stromen. Een akkoord was volgens het artikel al binnen drie maanden rond.
Dat levert flinke tijdswinst op. Via het Nederlandse netwerk zou Twente mogelijk pas rond 2040 aangesloten worden. Met de Duitse route kan de infrastructuur al vanaf 2027 gebouwd worden en mikt men op levering tegen 2030. Ook de kosten zouden fors lager liggen, mede doordat bestaande leidingen gebruikt kunnen worden.
Voor bedrijven in de regio is dat belangrijk. Grote industriële spelers zoals bakkerijen en metaalbedrijven hebben hoge temperaturen nodig in hun processen. Die zijn moeilijk volledig te elektrificeren, zeker nu het stroomnet op veel plaatsen overbelast is. Waterstof wordt daarom gezien als een realistisch alternatief voor aardgas.
Er zijn wel aandachtspunten. Waterstof vraagt aangepaste installaties en extra veiligheidsmaatregelen, omdat het anders reageert dan aardgas. Daarom wordt in Twente ook gewerkt aan opleidingen en trainingen voor hulpdiensten en bedrijven.
vrijdag 24 april 2026
'Mest omzetten in biogas kan al vanaf 100 koeien'
Mest verwerken tot biogas hoeft niet alleen interessant te zijn voor grote veehouderijen. Volgens deskundigen kan het al rendabel worden vanaf een bedrijf met ongeveer honderd koeien. Daarmee komt duurzame energieproductie ook binnen bereik van middelgrote melkveehouders.
Door mest te vergisten ontstaat biogas, dat kan worden gebruikt voor warmte, elektriciteit of opgewerkt groen gas. Tegelijk helpt het systeem om methaanuitstoot uit opgeslagen mest te verminderen en levert het extra inkomsten op voor boerenbedrijven.
Wel blijft een goede voorbereiding belangrijk. Investeringen zijn fors en het rendement hangt af van factoren zoals subsidies, energieprijzen, techniek en de hoeveelheid beschikbare mest. Samenwerking tussen meerdere bedrijven kan daarom aantrekkelijk zijn om schaalvoordeel te behalen en risico’s te spreiden.
De boodschap is duidelijk: mest wordt steeds minder gezien als restproduct en steeds meer als waardevolle grondstof voor de energietransitie op het boerenerf.
Door mest te vergisten ontstaat biogas, dat kan worden gebruikt voor warmte, elektriciteit of opgewerkt groen gas. Tegelijk helpt het systeem om methaanuitstoot uit opgeslagen mest te verminderen en levert het extra inkomsten op voor boerenbedrijven.
Wel blijft een goede voorbereiding belangrijk. Investeringen zijn fors en het rendement hangt af van factoren zoals subsidies, energieprijzen, techniek en de hoeveelheid beschikbare mest. Samenwerking tussen meerdere bedrijven kan daarom aantrekkelijk zijn om schaalvoordeel te behalen en risico’s te spreiden.
De boodschap is duidelijk: mest wordt steeds minder gezien als restproduct en steeds meer als waardevolle grondstof voor de energietransitie op het boerenerf.
maandag 20 april 2026
Toevallige ontdekking maakt goedkope waterstofproductie mogelijk
Onderzoekers in Japan hebben per ongeluk een verrassend eenvoudige manier ontdekt om waterstof te produceren. Wat begon als een controle-experiment – bedoeld om te laten zien wat níet werkt – leidde tot een onverwachte doorbraak.
Tijdens het experiment combineerden de wetenschappers methanol, ijzerionen en natriumhydroxide. Toen dit mengsel werd blootgesteld aan UV-licht, ontstond plots een sterke productie van waterstofgas. De onderzoekers waren zelf verbaasd over het resultaat.
De reactie is gebaseerd op het losmaken van waterstof uit alcohol (zoals methanol). Normaal zijn daarvoor dure metalen of hoge temperaturen nodig, maar hier gebeurt het met een eenvoudig en goedkoop mengsel onder invloed van licht.
Opvallend is dat er geen zeldzame metalen zoals platina nodig zijn. In plaats daarvan speelt ijzer – een goedkoop en veelvoorkomend element – de hoofdrol.
Het systeem blijkt bovendien efficiënt: de hoeveelheid geproduceerde waterstof is vergelijkbaar met die van veel duurdere industriële technieken.
De methode werkt niet alleen met methanol, maar ook met andere alcoholen en zelfs bepaalde biomaterialen zoals glucose. Dat opent de deur naar het gebruik van afvalstromen voor waterstofproductie.
Waterstof speelt een belangrijke rol in de energietransitie, maar de productie ervan is vaak duur en complex. Deze ontdekking laat zien dat het mogelijk is om met eenvoudige en goedkope middelen toch efficiënt waterstof te maken.
Als de techniek verder wordt ontwikkeld en opgeschaald, kan dit een grote stap zijn richting betaalbare en duurzame energie.
Tijdens het experiment combineerden de wetenschappers methanol, ijzerionen en natriumhydroxide. Toen dit mengsel werd blootgesteld aan UV-licht, ontstond plots een sterke productie van waterstofgas. De onderzoekers waren zelf verbaasd over het resultaat.
De reactie is gebaseerd op het losmaken van waterstof uit alcohol (zoals methanol). Normaal zijn daarvoor dure metalen of hoge temperaturen nodig, maar hier gebeurt het met een eenvoudig en goedkoop mengsel onder invloed van licht.
Opvallend is dat er geen zeldzame metalen zoals platina nodig zijn. In plaats daarvan speelt ijzer – een goedkoop en veelvoorkomend element – de hoofdrol.
Het systeem blijkt bovendien efficiënt: de hoeveelheid geproduceerde waterstof is vergelijkbaar met die van veel duurdere industriële technieken.
De methode werkt niet alleen met methanol, maar ook met andere alcoholen en zelfs bepaalde biomaterialen zoals glucose. Dat opent de deur naar het gebruik van afvalstromen voor waterstofproductie.
Waterstof speelt een belangrijke rol in de energietransitie, maar de productie ervan is vaak duur en complex. Deze ontdekking laat zien dat het mogelijk is om met eenvoudige en goedkope middelen toch efficiënt waterstof te maken.
Als de techniek verder wordt ontwikkeld en opgeschaald, kan dit een grote stap zijn richting betaalbare en duurzame energie.






