Onderzoekers hebben een techniek ontwikkeld waarmee plastic afval met behulp van zonlicht kan worden omgezet in brandstoffen zoals waterstof, syngas en andere waardevolle chemische stoffen. Daarmee kan plastic volgens wetenschappers veranderen van milieuprobleem in een potentiële energiebron.
Wereldwijd wordt jaarlijks meer dan 460 miljoen ton plastic geproduceerd, waarvan een groot deel eindigt op stortplaatsen of in het milieu. Tegelijk groeit de vraag naar duurzame alternatieven voor fossiele brandstoffen. Volgens onderzoekers van de University of Adelaide biedt de nieuwe methode een oplossing voor beide problemen.
De techniek maakt gebruik van zogeheten fotokatalysatoren die zonlicht opvangen en de lange polymeerketens in plastic afbreken. Daarbij komen onder meer waterstof, organische zuren en zelfs dieselachtige stoffen vrij. In sommige experimenten bleef het systeem meer dan 100 uur stabiel draaien.
Toch zijn er nog uitdagingen voordat de technologie op grote schaal kan worden ingezet. Plastic afval bestaat uit veel verschillende soorten materialen en additieven, wat verwerking lastig maakt. Ook moeten de katalysatoren efficiënter en goedkoper worden om commerciële toepassing haalbaar te maken.
De onderzoekers zien de technologie vooral als een stap richting een circulaire economie, waarin plastic niet langer wordt weggegooid, maar opnieuw wordt ingezet als grondstof voor energie en chemische producten.
woensdag 6 mei 2026
dinsdag 5 mei 2026
Waterstofnetwerk Oost-Nederland weer een stap verder
In Nederland wordt stap voor stap een landelijk waterstofnetwerk aangelegd. Dit netwerk is nodig om de industrie te verduurzamen. Waterstof zorgt voor minder uitstoot van CO₂ en maakt Nederland minder afhankelijk van energie uit het buitenland.
Een onderdeel van dit landelijke netwerk is Waterstofnetwerk Oost‑Nederland. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Hynetwork (een 100% dochter van Gasunie) willen bestaande aardgasleidingen ombouwen voor het vervoer van waterstof. Het gaat om leidingen tussen Ommen en Boxtel en tussen Ommen en Angerlo. Deze leiding loopt ook door de gemeente Zutphen.
In 2025 kon iedereen meedenken over de eerste plannen en het voorstel voor het onderzoeksplan. Bewoners, grondeigenaren, overheden en andere betrokkenen gaven reacties en wensen mee. Deze zijn gebruikt om een definitief onderzoeksplan te maken.
Dit onderzoeksplan is nu openbaar en kunt u vinden op de website van RVO: www.rvo.nl/waterstofnetwerk-on. In het plan staat welke onderzoeken de komende jaren worden gedaan, bijvoorbeeld naar veiligheid, milieu en de omgeving.
De bestaande aardgasleidingen worden geschikt gemaakt voor waterstof. Zo hoeft er op geen nieuwe leiding te worden aangelegd.
Na het onderzoeksplan wordt gestart met de onderzoeken in de regio. Denk aan bureau- en veldonderzoeken bijvoorbeeld bodem of natuur. Dit gebeurt stap voor stap en vaak verspreid over een langere periode. De resultaten van de onderzoeken vormen de basis voor verdere besluitvorming in het project. Als alles volgens planning verloopt, verwachten het ministerie en Hynetwork dat de leiding rond 2031 in gebruik kan worden genomen voor waterstof.
Een onderdeel van dit landelijke netwerk is Waterstofnetwerk Oost‑Nederland. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en Hynetwork (een 100% dochter van Gasunie) willen bestaande aardgasleidingen ombouwen voor het vervoer van waterstof. Het gaat om leidingen tussen Ommen en Boxtel en tussen Ommen en Angerlo. Deze leiding loopt ook door de gemeente Zutphen.
In 2025 kon iedereen meedenken over de eerste plannen en het voorstel voor het onderzoeksplan. Bewoners, grondeigenaren, overheden en andere betrokkenen gaven reacties en wensen mee. Deze zijn gebruikt om een definitief onderzoeksplan te maken.
Dit onderzoeksplan is nu openbaar en kunt u vinden op de website van RVO: www.rvo.nl/waterstofnetwerk-on. In het plan staat welke onderzoeken de komende jaren worden gedaan, bijvoorbeeld naar veiligheid, milieu en de omgeving.
De bestaande aardgasleidingen worden geschikt gemaakt voor waterstof. Zo hoeft er op geen nieuwe leiding te worden aangelegd.
Na het onderzoeksplan wordt gestart met de onderzoeken in de regio. Denk aan bureau- en veldonderzoeken bijvoorbeeld bodem of natuur. Dit gebeurt stap voor stap en vaak verspreid over een langere periode. De resultaten van de onderzoeken vormen de basis voor verdere besluitvorming in het project. Als alles volgens planning verloopt, verwachten het ministerie en Hynetwork dat de leiding rond 2031 in gebruik kan worden genomen voor waterstof.
woensdag 29 april 2026
Twente zit binnen paar jaar aan Duitse waterstof
Twente laat zien dat de overstap van aardgas naar groene energie sneller kan dan vaak gedacht wordt. Terwijl landelijke plannen voor een Nederlands waterstofnetwerk vertraging oplopen, kiest de regio voor een praktische oplossing: aansluiting op het Duitse waterstofnet vlak over de grens.
Volgens bestuurders in Overijssel duurden gesprekken in Nederland lang zonder duidelijkheid over wanneer Twente aan de beurt zou zijn. Daarom werd contact gezocht met Duitse partners. Die gingen akkoord met een aftakking op hun leiding, waardoor waterstof rechtstreeks naar Twente kan stromen. Een akkoord was volgens het artikel al binnen drie maanden rond.
Dat levert flinke tijdswinst op. Via het Nederlandse netwerk zou Twente mogelijk pas rond 2040 aangesloten worden. Met de Duitse route kan de infrastructuur al vanaf 2027 gebouwd worden en mikt men op levering tegen 2030. Ook de kosten zouden fors lager liggen, mede doordat bestaande leidingen gebruikt kunnen worden.
Voor bedrijven in de regio is dat belangrijk. Grote industriële spelers zoals bakkerijen en metaalbedrijven hebben hoge temperaturen nodig in hun processen. Die zijn moeilijk volledig te elektrificeren, zeker nu het stroomnet op veel plaatsen overbelast is. Waterstof wordt daarom gezien als een realistisch alternatief voor aardgas.
Er zijn wel aandachtspunten. Waterstof vraagt aangepaste installaties en extra veiligheidsmaatregelen, omdat het anders reageert dan aardgas. Daarom wordt in Twente ook gewerkt aan opleidingen en trainingen voor hulpdiensten en bedrijven.
Volgens bestuurders in Overijssel duurden gesprekken in Nederland lang zonder duidelijkheid over wanneer Twente aan de beurt zou zijn. Daarom werd contact gezocht met Duitse partners. Die gingen akkoord met een aftakking op hun leiding, waardoor waterstof rechtstreeks naar Twente kan stromen. Een akkoord was volgens het artikel al binnen drie maanden rond.
Dat levert flinke tijdswinst op. Via het Nederlandse netwerk zou Twente mogelijk pas rond 2040 aangesloten worden. Met de Duitse route kan de infrastructuur al vanaf 2027 gebouwd worden en mikt men op levering tegen 2030. Ook de kosten zouden fors lager liggen, mede doordat bestaande leidingen gebruikt kunnen worden.
Voor bedrijven in de regio is dat belangrijk. Grote industriële spelers zoals bakkerijen en metaalbedrijven hebben hoge temperaturen nodig in hun processen. Die zijn moeilijk volledig te elektrificeren, zeker nu het stroomnet op veel plaatsen overbelast is. Waterstof wordt daarom gezien als een realistisch alternatief voor aardgas.
Er zijn wel aandachtspunten. Waterstof vraagt aangepaste installaties en extra veiligheidsmaatregelen, omdat het anders reageert dan aardgas. Daarom wordt in Twente ook gewerkt aan opleidingen en trainingen voor hulpdiensten en bedrijven.
vrijdag 24 april 2026
'Mest omzetten in biogas kan al vanaf 100 koeien'
Mest verwerken tot biogas hoeft niet alleen interessant te zijn voor grote veehouderijen. Volgens deskundigen kan het al rendabel worden vanaf een bedrijf met ongeveer honderd koeien. Daarmee komt duurzame energieproductie ook binnen bereik van middelgrote melkveehouders.
Door mest te vergisten ontstaat biogas, dat kan worden gebruikt voor warmte, elektriciteit of opgewerkt groen gas. Tegelijk helpt het systeem om methaanuitstoot uit opgeslagen mest te verminderen en levert het extra inkomsten op voor boerenbedrijven.
Wel blijft een goede voorbereiding belangrijk. Investeringen zijn fors en het rendement hangt af van factoren zoals subsidies, energieprijzen, techniek en de hoeveelheid beschikbare mest. Samenwerking tussen meerdere bedrijven kan daarom aantrekkelijk zijn om schaalvoordeel te behalen en risico’s te spreiden.
De boodschap is duidelijk: mest wordt steeds minder gezien als restproduct en steeds meer als waardevolle grondstof voor de energietransitie op het boerenerf.
Door mest te vergisten ontstaat biogas, dat kan worden gebruikt voor warmte, elektriciteit of opgewerkt groen gas. Tegelijk helpt het systeem om methaanuitstoot uit opgeslagen mest te verminderen en levert het extra inkomsten op voor boerenbedrijven.
Wel blijft een goede voorbereiding belangrijk. Investeringen zijn fors en het rendement hangt af van factoren zoals subsidies, energieprijzen, techniek en de hoeveelheid beschikbare mest. Samenwerking tussen meerdere bedrijven kan daarom aantrekkelijk zijn om schaalvoordeel te behalen en risico’s te spreiden.
De boodschap is duidelijk: mest wordt steeds minder gezien als restproduct en steeds meer als waardevolle grondstof voor de energietransitie op het boerenerf.
maandag 20 april 2026
Toevallige ontdekking maakt goedkope waterstofproductie mogelijk
Onderzoekers in Japan hebben per ongeluk een verrassend eenvoudige manier ontdekt om waterstof te produceren. Wat begon als een controle-experiment – bedoeld om te laten zien wat níet werkt – leidde tot een onverwachte doorbraak.
Tijdens het experiment combineerden de wetenschappers methanol, ijzerionen en natriumhydroxide. Toen dit mengsel werd blootgesteld aan UV-licht, ontstond plots een sterke productie van waterstofgas. De onderzoekers waren zelf verbaasd over het resultaat.
De reactie is gebaseerd op het losmaken van waterstof uit alcohol (zoals methanol). Normaal zijn daarvoor dure metalen of hoge temperaturen nodig, maar hier gebeurt het met een eenvoudig en goedkoop mengsel onder invloed van licht.
Opvallend is dat er geen zeldzame metalen zoals platina nodig zijn. In plaats daarvan speelt ijzer – een goedkoop en veelvoorkomend element – de hoofdrol.
Het systeem blijkt bovendien efficiënt: de hoeveelheid geproduceerde waterstof is vergelijkbaar met die van veel duurdere industriële technieken.
De methode werkt niet alleen met methanol, maar ook met andere alcoholen en zelfs bepaalde biomaterialen zoals glucose. Dat opent de deur naar het gebruik van afvalstromen voor waterstofproductie.
Waterstof speelt een belangrijke rol in de energietransitie, maar de productie ervan is vaak duur en complex. Deze ontdekking laat zien dat het mogelijk is om met eenvoudige en goedkope middelen toch efficiënt waterstof te maken.
Als de techniek verder wordt ontwikkeld en opgeschaald, kan dit een grote stap zijn richting betaalbare en duurzame energie.
Tijdens het experiment combineerden de wetenschappers methanol, ijzerionen en natriumhydroxide. Toen dit mengsel werd blootgesteld aan UV-licht, ontstond plots een sterke productie van waterstofgas. De onderzoekers waren zelf verbaasd over het resultaat.
De reactie is gebaseerd op het losmaken van waterstof uit alcohol (zoals methanol). Normaal zijn daarvoor dure metalen of hoge temperaturen nodig, maar hier gebeurt het met een eenvoudig en goedkoop mengsel onder invloed van licht.
Opvallend is dat er geen zeldzame metalen zoals platina nodig zijn. In plaats daarvan speelt ijzer – een goedkoop en veelvoorkomend element – de hoofdrol.
Het systeem blijkt bovendien efficiënt: de hoeveelheid geproduceerde waterstof is vergelijkbaar met die van veel duurdere industriële technieken.
De methode werkt niet alleen met methanol, maar ook met andere alcoholen en zelfs bepaalde biomaterialen zoals glucose. Dat opent de deur naar het gebruik van afvalstromen voor waterstofproductie.
Waterstof speelt een belangrijke rol in de energietransitie, maar de productie ervan is vaak duur en complex. Deze ontdekking laat zien dat het mogelijk is om met eenvoudige en goedkope middelen toch efficiënt waterstof te maken.
Als de techniek verder wordt ontwikkeld en opgeschaald, kan dit een grote stap zijn richting betaalbare en duurzame energie.
maandag 13 april 2026
Eerste waterstofschip voor Waddenzee een stap dichterbij
Na een intensieve voorbereiding zet Rijkswaterstaat een belangrijke stap richting fossielvrije schepen. Op 31 maart 2026 werd officieel het startsein gegeven voor een unieke waterstofpilot door de ondertekening van het contract door Rijkswaterstaat en Next Generation Shipyards.
De waterstofpilot is onderdeel van het programma Vlootvernieuwing Rijksrederij, waarmee Rijkswaterstaat werkt aan een schonere, toekomstbestendige overheidsvloot. Voor veel scheepstypen is volledig elektrisch varen (op batterijen) nog niet haalbaar.
Met waterstof kan meer energie opgeslagen worden aan boord. De toepassing van waterstof is in combinatie met een brandstofcel ook emissieloos en daarmee een alternatieve brandstof met veel potentie voor de toekomstige duurzame vloot.
Er is echter nog weinig ervaring met de toepassing van waterstof aan boord van schepen. Om de technische, operationele en financiële risico’s te verlagen bij de vlootvernieuwing hebben we besloten een pilot uit te voeren voor de toepassing van waterstof aan boord van een bestaand schip.
Met deze pilot wordt ervaring opgedaan met alle facetten van waterstoftechnologie: van ontwerp en bouw tot exploitatie en tankvoorzieningen. Ook zal de pilot waardevolle inzichten geven in techniek, regelgeving, bemanningseisen, prestaties, kosten en vergunningverlening.
Zo bouwen we praktijkkennis op. Dit verlaagt de risico’s bij de vlootvernieuwing en is onmisbaar voor bredere toepassing van waterstof in de maritieme sector. De opgedane kennis vormt een directe bijdrage aan de verduurzaming van de Rijksrederij-vloot en wordt gedeeld met maritieme partners in de hele keten.
Zo draagt het project bij aan innovatie in de maritieme sector en directe CO₂-reductie. Er is vanaf 2020 gewerkt aan het tot stand komen van deze pilot.
Eerste zero-emissie schip op de Waddenzee
De waterstofpilot wordt uitgevoerd met de Ms. Krukel van de Rijksrederij. Dit schip wordt door de Waddenunit, onderdeel van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, ingezet voor toezicht en handhaving, monitoring en onderzoek op de Waddenzee.
Na de ombouw zal de Krukel het eerste zeegaand gecertificeerde zero-emissie schip zijn dat op dit UNESCO Werelderfgoed gaat varen. Op deze manier draagt het bij aan bescherming van dit ecologisch kwetsbare gebied.
De ondertekening van het contract volgt op een positief oordeel over het conceptontwerp, planning, budget en de beschikbaarheid van waterstof. Ook is er perspectief op de benodigde vergunning voor het tanken van waterstof in Lauwersoog. Er wordt eerst gestart met het verder uitwerken van het ontwerp en de engineering.
Naar verwachting wordt in september 2026 het definitieve besluit genomen over de daadwerkelijke ombouw van het schip.
De pilot wordt uitgevoerd binnen het programma Green Shipping Waddenzee, onder regie van Federatie Metaal en Elektrotechnische Industrie (FME). Het programma Green Shipping Waddenzee wordt mede gefinancierd door het Waddenfonds en het Investeringskader Waddengebied, waar Provincie Groningen onderdeel van uitmaakt.
De technische realisatie ligt bij een consortium van innovatieve maritieme partijen, waaronder: Next Generation Shipyards (bouw en onderhoud van duurzame werkschepen) en Marine Service Noord (waterstofopslag, distributie- en veiligheidssystemen).
De waterstofpilot is onderdeel van het programma Vlootvernieuwing Rijksrederij, waarmee Rijkswaterstaat werkt aan een schonere, toekomstbestendige overheidsvloot. Voor veel scheepstypen is volledig elektrisch varen (op batterijen) nog niet haalbaar.
Met waterstof kan meer energie opgeslagen worden aan boord. De toepassing van waterstof is in combinatie met een brandstofcel ook emissieloos en daarmee een alternatieve brandstof met veel potentie voor de toekomstige duurzame vloot.
Er is echter nog weinig ervaring met de toepassing van waterstof aan boord van schepen. Om de technische, operationele en financiële risico’s te verlagen bij de vlootvernieuwing hebben we besloten een pilot uit te voeren voor de toepassing van waterstof aan boord van een bestaand schip.
Met deze pilot wordt ervaring opgedaan met alle facetten van waterstoftechnologie: van ontwerp en bouw tot exploitatie en tankvoorzieningen. Ook zal de pilot waardevolle inzichten geven in techniek, regelgeving, bemanningseisen, prestaties, kosten en vergunningverlening.
Zo bouwen we praktijkkennis op. Dit verlaagt de risico’s bij de vlootvernieuwing en is onmisbaar voor bredere toepassing van waterstof in de maritieme sector. De opgedane kennis vormt een directe bijdrage aan de verduurzaming van de Rijksrederij-vloot en wordt gedeeld met maritieme partners in de hele keten.
Zo draagt het project bij aan innovatie in de maritieme sector en directe CO₂-reductie. Er is vanaf 2020 gewerkt aan het tot stand komen van deze pilot.
Eerste zero-emissie schip op de Waddenzee
De waterstofpilot wordt uitgevoerd met de Ms. Krukel van de Rijksrederij. Dit schip wordt door de Waddenunit, onderdeel van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, ingezet voor toezicht en handhaving, monitoring en onderzoek op de Waddenzee.
Na de ombouw zal de Krukel het eerste zeegaand gecertificeerde zero-emissie schip zijn dat op dit UNESCO Werelderfgoed gaat varen. Op deze manier draagt het bij aan bescherming van dit ecologisch kwetsbare gebied.
De ondertekening van het contract volgt op een positief oordeel over het conceptontwerp, planning, budget en de beschikbaarheid van waterstof. Ook is er perspectief op de benodigde vergunning voor het tanken van waterstof in Lauwersoog. Er wordt eerst gestart met het verder uitwerken van het ontwerp en de engineering.
Naar verwachting wordt in september 2026 het definitieve besluit genomen over de daadwerkelijke ombouw van het schip.
De pilot wordt uitgevoerd binnen het programma Green Shipping Waddenzee, onder regie van Federatie Metaal en Elektrotechnische Industrie (FME). Het programma Green Shipping Waddenzee wordt mede gefinancierd door het Waddenfonds en het Investeringskader Waddengebied, waar Provincie Groningen onderdeel van uitmaakt.
De technische realisatie ligt bij een consortium van innovatieve maritieme partijen, waaronder: Next Generation Shipyards (bouw en onderhoud van duurzame werkschepen) en Marine Service Noord (waterstofopslag, distributie- en veiligheidssystemen).
vrijdag 10 april 2026
Gasunie en Fluxys ondertekenen overeenkomst voor waterstofstofverbinding tussen Nederland en België
De Nederlandse Gasunie-dochter Hynetwork en het Belgische Fluxys hydrogen hebben een overeenkomst ondertekend om gezamenlijk een grensoverschrijdende waterstofverbinding tussen Nederland en België te ontwikkelen. Bij deze verbinding zal waar mogelijk gebruik worden gemaakt van bestaande aardgasleidingen die worden omgebouwd voor waterstoftransport. Beide bedrijven streven naar een realisatie van deze verbinding rond 2030.
Het grenspunt nabij Zandvliet, tussen Zeeland en Antwerpen, is in beeld als eerste strategische bi-directionele schakel die belangrijke import-, en productielocaties verbindt met industriële clusters, waaronder de North Sea Port en Port of Rotterdam in Nederland en de havens van Antwerpen en Gent in België. Deze verbinding draagt bij aan de ambitie om in Noordwest-Europa een geïntegreerd, open en toegankelijk waterstoftransportnetwerk te creëren voor het versterken van de energie-onafhankelijkheid en het verduurzamen van de industrie. Daarnaast laat de overeenkomst ook toe om bijkomende grenspunten te ontwikkelen.
De overeenkomst is een belangrijke stap naar een verdere, intensieve samenwerking. In de overeenkomst maken beide bedrijven afspraken over belangrijke technische en organisatorische zaken, waaronder planning, locatie, capaciteit en andere specificaties. Zulke afspraken zijn nodig om waterstof veilig en betrouwbaar over de grens te kunnen transporteren. Dit initiatief tussen Hynetwork en Fluxys hydrogen kan gezien worden als een krachtig signaal richting de internationale waterstofmarkt, dat de uitbouw van een grensoverschrijdend waterstofnetwerk volop in gang is.
Het grenspunt nabij Zandvliet, tussen Zeeland en Antwerpen, is in beeld als eerste strategische bi-directionele schakel die belangrijke import-, en productielocaties verbindt met industriële clusters, waaronder de North Sea Port en Port of Rotterdam in Nederland en de havens van Antwerpen en Gent in België. Deze verbinding draagt bij aan de ambitie om in Noordwest-Europa een geïntegreerd, open en toegankelijk waterstoftransportnetwerk te creëren voor het versterken van de energie-onafhankelijkheid en het verduurzamen van de industrie. Daarnaast laat de overeenkomst ook toe om bijkomende grenspunten te ontwikkelen.
De overeenkomst is een belangrijke stap naar een verdere, intensieve samenwerking. In de overeenkomst maken beide bedrijven afspraken over belangrijke technische en organisatorische zaken, waaronder planning, locatie, capaciteit en andere specificaties. Zulke afspraken zijn nodig om waterstof veilig en betrouwbaar over de grens te kunnen transporteren. Dit initiatief tussen Hynetwork en Fluxys hydrogen kan gezien worden als een krachtig signaal richting de internationale waterstofmarkt, dat de uitbouw van een grensoverschrijdend waterstofnetwerk volop in gang is.






