Scania blijft binnen haar duurzame transportstrategie actief onderzoek doen naar verschillende innovatieve technologieën en energiedragers. Hoewel batterij-elektrisch transport de kern van deze strategie vormt, ziet Scania ook waterstof als een interessante aanvulling voor specifieke transporttoepassingen. De levering van twee waterstofbrandstofceltrucks (FCEV) aan Colruyt Group past binnen dit voortdurende onderzoek naar de mogelijkheden en praktische inzetbaarheid van waterstof in zwaar transport. Voor Colruyt Group past dit in het vooropgestelde plan om te streven naar duurzamer en 100 % zero-emissie goederentransport, waarbij batterij-elektrische en waterstof-elektrische voertuigen een sleutelrol spelen.
Het Scania Pilot Partner-initiatief, opgericht in 2021, is het samenwerkingsplatform van het bedrijf voor innovatie met geselecteerde klanten. Binnen het programma worden uiteenlopende technologieën en methoden geëvalueerd en getest: van batterij-elektrische tot verbrandingsmotoren met range extender en opkomende alternatieven zoals waterstofbrandstofcellen.
Doel is om de technische prestaties, operationele haalbaarheid en het commerciële potentieel te evalueren. Binnen dit vijfjarige pioniersproject is Colruyt Group de eerste en enige Belgische klant die twee Scania waterstoftrucks opneemt in zijn dagelijkse operaties. Scania ontwikkelde slechts een twintigtal voertuigen van deze reeks, die in een select aantal landen onder reële omstandigheden worden getest. Dit benadrukt het unieke en exclusieve karakter van het project. “Door te testen in echte transportomgevingen leren we wat in de praktijk het beste werkt en hoe we vooruitgang kunnen versnellen,” legt Tony Sandberg, Head of Scania Pilot Partner, uit.
De test met waterstoftrucks verandert niets aan Scania’s strategie voor de decarbonisatie van het transportsysteem, die gericht blijft op directe elektrificatie. Het is echter één van de verschillende testen binnen het Pilot Partner-programma om te begrijpen hoe diverse energiedragers en aandrijflijnen presteren. Het doel is inzicht te krijgen in de reële sterktes en zwaktes van andere technologieën en brandstoffen.
Scania Fuel Cell Electric Vehicle (FCEV)
Het voertuig is een volledig elektrisch aangedreven waterstofbrandstofceltruck. Het voertuig heeft een brandstofcel met een maximaal vermogen van 300kW die elektriciteit produceert uit waterstof en zo de batterijen tijdens het rijden ondersteunen. De elektrische aandrijflijn levert een continu vermogen van 400 kW en biedt bovendien tot 480 kW regeneratief remvermogen voor maximale energie-efficiëntie.
De trekker is uitgevoerd als een drie-assige 6x2-configuratie met gestuurde naloopas, wat zorgt voor een hoge laadcapaciteit gecombineerd met een uitstekende manoeuvreerbaarheid. Met een maximaal toegelaten treingewicht van 50 ton is het voertuig geschikt voor zware transporttoepassingen over langere afstanden.
De waterstof wordt opgeslagen in tanks met een totale capaciteit van 56 kg bij een druk van 700 bar. De trucks zullen waterstof tanken in bestaande en nog te bouwen HRS-waterstof tankstations in Halle en Ollignies. Het tanken gebeurt via een SAE J2600-H70-vulnippel met een maximale vulsnelheid van 60 gram waterstof per seconde. Daarnaast beschikt het voertuig over twee batterijpacks met een totale bruto energie-inhoud van 356 kWh. Deze kunnen extern worden opgeladen via een CCS2 Combo-laadaansluiting met een maximale laadstroom van 500 ampère, goed voor een laadvermogen tot 375 kW.
Dankzij de combinatie van batterij-elektrische aandrijving en een waterstof-brandstofcel realiseert de truck een actieradius tot ongeveer 800 kilometer, terwijl hij volledig emissievrij opereert. Het voertuig is bovendien uitgerust met een Scania-bumper die voldoet aan de Europese IVD-richtlijn (Increased Vehicle Dimensions). Hierdoor mag de trekker-opleggercombinatie wettelijk langer zijn dan de traditionele maximale lengte van 16,5 meter, zonder in te boeten op laadruimte. De extra lengte wordt benut voor verbeterde aerodynamica, veiligheid en energie-efficiëntie.
donderdag 20 augustus 2026
donderdag 6 augustus 2026
Energieleveranciers mogen contracten met vaste prijs niet aanpassen als ETS-2 en bijmengverplichting groen gas ingaan
Energieleveranciers mogen geen vaste contracten voor de levering van gas aanbieden waarbij de prijs aangepast kan worden als de nieuwe regels rond de CO2-heffing (ETS-2) en de bijmengverplichting voor groen gas ingaan. De ACM heeft energieleveranciers die contracten met zo’n prijswijzigingsbeding aanboden hierop aangesproken, waarna deze leveranciers dat beding hebben geschrapt.
Manon Leijten, bestuurslid van de ACM: “Het doel van een vast contract is dat het mensen zekerheid biedt over de prijs die zij gedurende de hele looptijd van het contract moeten betalen. Daarom moet een vast contract ook echt een vast contract zijn. Leveranciers mogen de vaste contracten dus niet zomaar aanpassen als de bijmengverplichting voor groen gas of de regels voor ETS-2 ingaan.”
Er komen nieuwe regels aan die de energiekosten kunnen verhogen. Het Europese ETS-2 systeem zal per 1 januari 2028 in werking treden. Dat systeem houdt in dat energieleveranciers moeten betalen voor de CO2-uitstoot van de gaslevering aan huishoudens. Daarnaast gaat de bijmengverplichting voor groen gas naar verwachting vanaf 1 januari 2027 gelden. Dit houdt in dat leveranciers verplicht zijn om een geleidelijk toenemend percentage groen gas bij te mengen. Dit wordt gedaan om de productie van groen gas te stimuleren en de CO2-uitstoot te verlagen.
Uit onderzoek van de ACM bleek dat sommige leveranciers vaste contracten aanboden waarbij zij de vaste prijs voor gas alsnog konden verhogen zodra deze regels ingaan. Hierdoor kunnen deze vaste contracten duurder uitpakken dan verwacht en zijn contracten niet goed met elkaar te vergelijken. Daarom is dit volgens de ACM niet toegestaan.
Energieleveranciers mogen de prijs voor de levering van gas of elektriciteit in een vast contract alleen in uitzonderlijke gevallen aanpassen. Vooralsnog ziet de ACM alleen een wijzigingsmogelijkheid bij een wijziging van de netbeheerkosten of bij wijzigingen van de energiebelasting of de btw.
De ACM heeft alle energieleveranciers met een sectorbrief over deze regels geïnformeerd. In de sectorbrief herhaalt de ACM ook hoe energieleveranciers om moeten gaan met de afschaffing van de salderingsregeling bij vaste contracten.
Manon Leijten, bestuurslid van de ACM: “Het doel van een vast contract is dat het mensen zekerheid biedt over de prijs die zij gedurende de hele looptijd van het contract moeten betalen. Daarom moet een vast contract ook echt een vast contract zijn. Leveranciers mogen de vaste contracten dus niet zomaar aanpassen als de bijmengverplichting voor groen gas of de regels voor ETS-2 ingaan.”
Er komen nieuwe regels aan die de energiekosten kunnen verhogen. Het Europese ETS-2 systeem zal per 1 januari 2028 in werking treden. Dat systeem houdt in dat energieleveranciers moeten betalen voor de CO2-uitstoot van de gaslevering aan huishoudens. Daarnaast gaat de bijmengverplichting voor groen gas naar verwachting vanaf 1 januari 2027 gelden. Dit houdt in dat leveranciers verplicht zijn om een geleidelijk toenemend percentage groen gas bij te mengen. Dit wordt gedaan om de productie van groen gas te stimuleren en de CO2-uitstoot te verlagen.
Uit onderzoek van de ACM bleek dat sommige leveranciers vaste contracten aanboden waarbij zij de vaste prijs voor gas alsnog konden verhogen zodra deze regels ingaan. Hierdoor kunnen deze vaste contracten duurder uitpakken dan verwacht en zijn contracten niet goed met elkaar te vergelijken. Daarom is dit volgens de ACM niet toegestaan.
Energieleveranciers mogen de prijs voor de levering van gas of elektriciteit in een vast contract alleen in uitzonderlijke gevallen aanpassen. Vooralsnog ziet de ACM alleen een wijzigingsmogelijkheid bij een wijziging van de netbeheerkosten of bij wijzigingen van de energiebelasting of de btw.
De ACM heeft alle energieleveranciers met een sectorbrief over deze regels geïnformeerd. In de sectorbrief herhaalt de ACM ook hoe energieleveranciers om moeten gaan met de afschaffing van de salderingsregeling bij vaste contracten.
vrijdag 31 juli 2026
PosHYdon produceert groene waterstof op offshoreplatform
Pilotproject PosHYdon heeft deze zomer voor het eerst groene waterstof geproduceerd op het operationele offshoreplatform Q13a-A, ongeveer dertien kilometer voor de kust van Scheveningen. Het platform van Eni Energy Netherlands combineert gaswinning op zee met windenergie en waterstofproductie.
De installatie gebruikt een elektrolyser met een vermogen van 1 megawatt. Zeewater wordt eerst omgezet in gedemineraliseerd water en vervolgens, met elektriciteit uit windpark Luchterduinen, via elektrolyse gesplitst in waterstof en zuurstof.
De geproduceerde waterstof wordt bijgemengd met het aardgas van het platform en via de bestaande gasleiding naar land getransporteerd. Voor de proef verhoogde het ministerie van Economische Zaken en Klimaat de toegestane bijmenggrens van 0,02 naar 0,5 procent waterstof.
De pilot moet inzicht geven in de werking van offshore-elektrolyse bij een wisselend aanbod van windstroom. De betrokken partijen onderzoeken onder meer de efficiëntie, onderhoudsbehoefte, kosten en operationele prestaties van de installatie.
PosHYdon is een initiatief van onder meer DEME, EBN, Eneco, Gasunie, Nel, Eni, TAQA, TNO en diverse technische partners. De eerste resultaten worden in augustus en september geanalyseerd; de sector kan de belangrijkste lessen dit najaar verwachten.
De installatie gebruikt een elektrolyser met een vermogen van 1 megawatt. Zeewater wordt eerst omgezet in gedemineraliseerd water en vervolgens, met elektriciteit uit windpark Luchterduinen, via elektrolyse gesplitst in waterstof en zuurstof.
De geproduceerde waterstof wordt bijgemengd met het aardgas van het platform en via de bestaande gasleiding naar land getransporteerd. Voor de proef verhoogde het ministerie van Economische Zaken en Klimaat de toegestane bijmenggrens van 0,02 naar 0,5 procent waterstof.
De pilot moet inzicht geven in de werking van offshore-elektrolyse bij een wisselend aanbod van windstroom. De betrokken partijen onderzoeken onder meer de efficiëntie, onderhoudsbehoefte, kosten en operationele prestaties van de installatie.
PosHYdon is een initiatief van onder meer DEME, EBN, Eneco, Gasunie, Nel, Eni, TAQA, TNO en diverse technische partners. De eerste resultaten worden in augustus en september geanalyseerd; de sector kan de belangrijkste lessen dit najaar verwachten.
donderdag 30 juli 2026
Green Planet stelt MAN-waterstoftruck beschikbaar voor proefritten
Green Planet in Pesse heeft een MAN hTGX met waterstofverbrandingsmotor in gebruik genomen als demonstratietruck. Transportbedrijven en chauffeurs kunnen de truck inzetten of ermee proefrijden om ervaring op te doen met waterstof in zwaar wegtransport.
De demo-truck is beschikbaar gekomen via een samenwerking tussen Green Planet, MAN Nederland, MAN-dealers Roordink en Wierda Bedrijfswagens, de provincies Groningen en Drenthe en de Clean Hydrogen Partnership van de EU. Het project valt onder de DKTI-Transportregeling van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
De MAN hTGX werd op 23 juli officieel overhandigd in Pesse. Voorafgaand aan de presentatie deden Lubbers Transport en de Bork Groep al praktijkervaring op met de truck. De Zuidema Groep en Vredeveld Transport gaan hem de komende periode eveneens gebruiken.
Volgens Green Planet-eigenaar Edward Doorten is het doel om vervoerders en chauffeurs kennis te laten maken met de mogelijkheden van waterstof. „Elektrisch vervoer is voor veel toepassingen uitstekend inzetbaar, maar voor het zwaardere werk is waterstof een aantrekkelijk emissievrij alternatief.”
De demo-truck is beschikbaar gekomen via een samenwerking tussen Green Planet, MAN Nederland, MAN-dealers Roordink en Wierda Bedrijfswagens, de provincies Groningen en Drenthe en de Clean Hydrogen Partnership van de EU. Het project valt onder de DKTI-Transportregeling van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.
De MAN hTGX werd op 23 juli officieel overhandigd in Pesse. Voorafgaand aan de presentatie deden Lubbers Transport en de Bork Groep al praktijkervaring op met de truck. De Zuidema Groep en Vredeveld Transport gaan hem de komende periode eveneens gebruiken.
Volgens Green Planet-eigenaar Edward Doorten is het doel om vervoerders en chauffeurs kennis te laten maken met de mogelijkheden van waterstof. „Elektrisch vervoer is voor veel toepassingen uitstekend inzetbaar, maar voor het zwaardere werk is waterstof een aantrekkelijk emissievrij alternatief.”
maandag 27 juli 2026
Gasunie vergroot ruimte voor groen gas met netkoppeling tussen Zeeland en Noord-Brabant
Gasunie heeft eind juli 2026 een verbinding tussen de bestaande ondergrondse gasnetwerken bij Axel (Zeeland) en Ossendrecht (Noord-Brabant) gerealiseerd. Door deze netkoppeling ontstaat extra transportcapaciteit voor groen gas, waardoor zowel bestaande als nieuwe producenten meer ruimte krijgen om duurzaam gas aan het netwerk te leveren. Daarmee komt meer duurzame energie van eigen bodem beschikbaar voor huishoudens, industrie en transport en ontstaat ruimte voor verdere groei van de productie van groen gas.
Voor de verbinding in het regionale netwerk maakt Gasunie gebruik van een bestaande aardgasleiding die niet langer nodig is voor het transport van aardgas. Hierdoor hoeft geen nieuwe leiding te worden aangelegd. Het hergebruik van bestaande infrastructuur beperkt de werkzaamheden, voorkomt extra materiaalgebruik en minimaliseert de impact op de omgeving. De werkzaamheden vinden uitsluitend plaats op de Gasunie-locaties buiten de bebouwde kom. De koppelwerkzaamheden zijn onlangs gerealiseerd.
Groen gas wordt het hele jaar door geproduceerd, terwijl de vraag naar gas sterk seizoensafhankelijk is. Vooral in de zomer ontstaat daardoor lokaal regelmatig een overschot. Dankzij de verbinding tussen de gasnetwerken van Zeeland en Noord-Brabant kan groen gas eenvoudiger worden getransporteerd naar gebieden waar wel vraag is. Zo wordt het netwerk beter benut en ontstaat ruimte voor verdere groei van de productie.
Die extra capaciteit is hard nodig. De landelijke productie van groen gas nam vorig jaar met 14 procent toe. Ook het aantal producenten groeide in 2025 van 92 naar 108. De komende jaren wordt er hard gewerkt om het aandeel groen gas verder te laten stijgen naar 2 miljard m3 per jaar.
Noord-Brabant heeft een grote potentie voor de productie van groen gas dankzij de beschikbaarheid van groene reststromen uit de landbouw en veehouderij. Gasunie investeert daarom op meerdere locaties in de provincie in uitbreidingen van de infrastructuur.
Naast de netkoppeling tussen Axel en Ossendrecht worden de komende periode ook groengasboosters in Tilburg en Mill aangesloten. Deze installaties verhogen de druk van groen gas, zodat het vanuit het netwerk van Enexis kan worden ingevoed op het landelijke transportnet van Gasunie. Samen zorgen deze projecten ervoor dat meer duurzaam geproduceerd gas beschikbaar komt voor huishoudens, bedrijven en industrie.
Voor de verbinding in het regionale netwerk maakt Gasunie gebruik van een bestaande aardgasleiding die niet langer nodig is voor het transport van aardgas. Hierdoor hoeft geen nieuwe leiding te worden aangelegd. Het hergebruik van bestaande infrastructuur beperkt de werkzaamheden, voorkomt extra materiaalgebruik en minimaliseert de impact op de omgeving. De werkzaamheden vinden uitsluitend plaats op de Gasunie-locaties buiten de bebouwde kom. De koppelwerkzaamheden zijn onlangs gerealiseerd.
Groen gas wordt het hele jaar door geproduceerd, terwijl de vraag naar gas sterk seizoensafhankelijk is. Vooral in de zomer ontstaat daardoor lokaal regelmatig een overschot. Dankzij de verbinding tussen de gasnetwerken van Zeeland en Noord-Brabant kan groen gas eenvoudiger worden getransporteerd naar gebieden waar wel vraag is. Zo wordt het netwerk beter benut en ontstaat ruimte voor verdere groei van de productie.
Die extra capaciteit is hard nodig. De landelijke productie van groen gas nam vorig jaar met 14 procent toe. Ook het aantal producenten groeide in 2025 van 92 naar 108. De komende jaren wordt er hard gewerkt om het aandeel groen gas verder te laten stijgen naar 2 miljard m3 per jaar.
Noord-Brabant heeft een grote potentie voor de productie van groen gas dankzij de beschikbaarheid van groene reststromen uit de landbouw en veehouderij. Gasunie investeert daarom op meerdere locaties in de provincie in uitbreidingen van de infrastructuur.
Naast de netkoppeling tussen Axel en Ossendrecht worden de komende periode ook groengasboosters in Tilburg en Mill aangesloten. Deze installaties verhogen de druk van groen gas, zodat het vanuit het netwerk van Enexis kan worden ingevoed op het landelijke transportnet van Gasunie. Samen zorgen deze projecten ervoor dat meer duurzaam geproduceerd gas beschikbaar komt voor huishoudens, bedrijven en industrie.
maandag 20 juli 2026
Gasprijs stijgt naar hetzelfde niveau als bij begin onrust in Iran
De toenemende onrust in Iran drijft de energieprijzen behoorlijk op. Consumenten die nu een nieuw energiecontract afsluiten, betalen veel meer dan begin juli. De all-in jaarprijs voor een gemiddeld huishouden ligt vandaag op 2.026 euro. Dat is een toename van 5,9 procent ten opzichte van begin juli. De gasprijzen op de groothandelsmarkt bereikten vandaag een niveau van 60 euro per MWh. Daarmee stijgt de marktprijs opnieuw naar het hoge niveau van begin maart, vlak na het uitbreken van de oorlog in Iran. Dat blijkt uit actuele marktdata van vergelijkingssite Overstappen.nl.
Wie vandaag een energiecontract afsluit met een gemiddeld verbruik (2.500 kWh stroom en 1.000 m³ gas), is op jaarbasis € 2.026,- kwijt. De prijzen zijn de afgelopen dagen in rap tempo opgelopen. Op 2 juli bedroeg de all-in jaarprijs nog € 1.912,-, maar op 15 juli was deze al gestegen naar € 1.982,-. In slechts vijf dagen tijd (tussen 15 en 20 juli) steeg de prijs vervolgens nog eens met 2,1%, tot de huidige prijs van € 2.026,-.
De aanleiding voor de recente prijsstijging zijn nieuwe escalaties tussen de Verenigde Staten en Iran nu de vredesonderhandelingen op losse schroeven staan. Er werd vanochtend onder andere een brand gemeld op een olietanker in de Straat van Hormuz. Door deze zeestraat varen boten die olie en gas vervoeren. Sinds deze straat moeilijk te bevaren is, is er minder gas beschikbaar, zijn de verzekeringen voor boten duurder en lopen daarmee ook de olie- en gasprijzen op.
Daardoor opende de gasmarkt vanochtend hoog en tikte de marktprijs de € 60,- per MWh aan. Een vergelijkbare piekprijs rond de € 60,- was te zien aan het begin van de oorlog in maart. Na aanvallen op gasinstallaties in Qatar op 19 maart opende de beurs destijds zelfs op € 72,- per MWh.
“Naast de internationale geopolitieke spanningen spelen ook binnenlandse factoren een rol bij de hoge marktprijs”, licht Boenink toe. “De Nederlandse gasopslagen zijn momenteel voor slechts zo’n 33% gevuld, wat aanzienlijk lager is dan de vulgraad van 55% in dezelfde periode vorig jaar. Om te voldoen aan de Europese afspraken moet Nederland de voorraden voor de winter voor minimaal 74% vullen. De komende maanden moet er dus nog veel gas ingekocht worden.”
Grote voorkeur voor vaste contracten
Ondanks de stijgende marktprijzen blijven energieleveranciers vooralsnog vaste contracten aanbieden. Boenink: “Meer dan 90% van de consumenten kiest momenteel voor de zekerheid van een vast contract. Voor een eenjarig contract liggen de gasprijzen momenteel tussen de € 1,35 en € 1,55 per m³ gas. Voor consumenten die hun verbruik goed kunnen sturen, blijft een dynamisch contract ook interessant. Hoewel de dynamische stroomtarieven vooral in de ochtend en avond hoog staan, zijn de tarieven overdag juist relatief vaak erg laag. Zo bedroeg de stroomprijs gisteren nog acht uur achter elkaar € 0,-. Consu
Wie vandaag een energiecontract afsluit met een gemiddeld verbruik (2.500 kWh stroom en 1.000 m³ gas), is op jaarbasis € 2.026,- kwijt. De prijzen zijn de afgelopen dagen in rap tempo opgelopen. Op 2 juli bedroeg de all-in jaarprijs nog € 1.912,-, maar op 15 juli was deze al gestegen naar € 1.982,-. In slechts vijf dagen tijd (tussen 15 en 20 juli) steeg de prijs vervolgens nog eens met 2,1%, tot de huidige prijs van € 2.026,-.
De aanleiding voor de recente prijsstijging zijn nieuwe escalaties tussen de Verenigde Staten en Iran nu de vredesonderhandelingen op losse schroeven staan. Er werd vanochtend onder andere een brand gemeld op een olietanker in de Straat van Hormuz. Door deze zeestraat varen boten die olie en gas vervoeren. Sinds deze straat moeilijk te bevaren is, is er minder gas beschikbaar, zijn de verzekeringen voor boten duurder en lopen daarmee ook de olie- en gasprijzen op.
Daardoor opende de gasmarkt vanochtend hoog en tikte de marktprijs de € 60,- per MWh aan. Een vergelijkbare piekprijs rond de € 60,- was te zien aan het begin van de oorlog in maart. Na aanvallen op gasinstallaties in Qatar op 19 maart opende de beurs destijds zelfs op € 72,- per MWh.
“Naast de internationale geopolitieke spanningen spelen ook binnenlandse factoren een rol bij de hoge marktprijs”, licht Boenink toe. “De Nederlandse gasopslagen zijn momenteel voor slechts zo’n 33% gevuld, wat aanzienlijk lager is dan de vulgraad van 55% in dezelfde periode vorig jaar. Om te voldoen aan de Europese afspraken moet Nederland de voorraden voor de winter voor minimaal 74% vullen. De komende maanden moet er dus nog veel gas ingekocht worden.”
Grote voorkeur voor vaste contracten
Ondanks de stijgende marktprijzen blijven energieleveranciers vooralsnog vaste contracten aanbieden. Boenink: “Meer dan 90% van de consumenten kiest momenteel voor de zekerheid van een vast contract. Voor een eenjarig contract liggen de gasprijzen momenteel tussen de € 1,35 en € 1,55 per m³ gas. Voor consumenten die hun verbruik goed kunnen sturen, blijft een dynamisch contract ook interessant. Hoewel de dynamische stroomtarieven vooral in de ochtend en avond hoog staan, zijn de tarieven overdag juist relatief vaak erg laag. Zo bedroeg de stroomprijs gisteren nog acht uur achter elkaar € 0,-. Consu
Subsidie voor een groengasinstallatie in Duiven
Waterschap Rijn en IJssel ontvangt 7,8 miljoen euro subsidie van provincie Gelderland voor een groengasinstallatie in Duiven die stikstofuitstoot vermindert en bijdraagt aan natuurherstel.
De subsidie is voor de bouw van een installatie die biogas uit rioolslib omzet in groengas. Daardoor daalt de uitstoot van stikstofoxiden met 2.400 kilogram per jaar. Minder stikstofuitstoot helpt de natuur op en rond de Veluwe te herstellen en creëert ruimte voor woningbouw, ondernemers en andere maatschappelijke ontwikkelingen.
Met de bouw van een groengasinstallatie bij de rioolwaterzuivering in Duiven, kan in september 2026 het eerste project van de Aanpak Veluwe van start gaan. Op 17 juni 2026 maakten het Rijk, waterschappen, provincie en gemeenten afspraken over natuurherstel én ruimte voor wonen, werken en ondernemen op en rond de Veluwe. Het Rijk stelt € 300 miljoen beschikbaar voor de uitvoering van de Aanpak Veluwe.
Provincie Gelderland verstrekt subsidies aan projecten die bijdragen aan de doelen van de Aanpak Veluwe. Waterschap Rijn en IJssel ontvangt op 15 juli 2026 € 7,8 miljoen voor de uitbreiding en vernieuwing van de slibverwerking bij de rioolwaterzuivering in Duiven. Als de aangevraagde vergunningen rond zijn, kan de bouw van de nieuwe installatie half september 2026 al starten.
Bij de verwerking van rioolslib komt biogas vrij. Op dit moment verbrandt de rioolwaterzuivering in Duiven jaarlijks ongeveer 2 miljoen kubieke meter biogas, vergelijkbaar met de inhoud van ongeveer 800 olympische zwembaden. Bij die verbranding komen stikstofoxiden, CO₂ en methaan vrij. Afhankelijk van de windrichting kan een deel van de stikstof neerslaan op natuurgebieden zoals de Veluwezoom en de Landgoederen Brummen.
Met de nieuwe installatie wordt het grootste deel van het biogas omgezet in groengas. Daarmee kan jaarlijks voldoende duurzame energie worden geproduceerd om ongeveer 2.650 huishoudens van gas te voorzien. Tegelijkertijd vervalt een groot deel van de uitstoot die nu ontstaat door de verbranding van biogas. De uitstoot van stikstofoxiden (NOx) daalt hierdoor met 2.400 kilogram per jaar.
De subsidie is voor de bouw van een installatie die biogas uit rioolslib omzet in groengas. Daardoor daalt de uitstoot van stikstofoxiden met 2.400 kilogram per jaar. Minder stikstofuitstoot helpt de natuur op en rond de Veluwe te herstellen en creëert ruimte voor woningbouw, ondernemers en andere maatschappelijke ontwikkelingen.
Met de bouw van een groengasinstallatie bij de rioolwaterzuivering in Duiven, kan in september 2026 het eerste project van de Aanpak Veluwe van start gaan. Op 17 juni 2026 maakten het Rijk, waterschappen, provincie en gemeenten afspraken over natuurherstel én ruimte voor wonen, werken en ondernemen op en rond de Veluwe. Het Rijk stelt € 300 miljoen beschikbaar voor de uitvoering van de Aanpak Veluwe.
Provincie Gelderland verstrekt subsidies aan projecten die bijdragen aan de doelen van de Aanpak Veluwe. Waterschap Rijn en IJssel ontvangt op 15 juli 2026 € 7,8 miljoen voor de uitbreiding en vernieuwing van de slibverwerking bij de rioolwaterzuivering in Duiven. Als de aangevraagde vergunningen rond zijn, kan de bouw van de nieuwe installatie half september 2026 al starten.
Bij de verwerking van rioolslib komt biogas vrij. Op dit moment verbrandt de rioolwaterzuivering in Duiven jaarlijks ongeveer 2 miljoen kubieke meter biogas, vergelijkbaar met de inhoud van ongeveer 800 olympische zwembaden. Bij die verbranding komen stikstofoxiden, CO₂ en methaan vrij. Afhankelijk van de windrichting kan een deel van de stikstof neerslaan op natuurgebieden zoals de Veluwezoom en de Landgoederen Brummen.
Met de nieuwe installatie wordt het grootste deel van het biogas omgezet in groengas. Daarmee kan jaarlijks voldoende duurzame energie worden geproduceerd om ongeveer 2.650 huishoudens van gas te voorzien. Tegelijkertijd vervalt een groot deel van de uitstoot die nu ontstaat door de verbranding van biogas. De uitstoot van stikstofoxiden (NOx) daalt hierdoor met 2.400 kilogram per jaar.






