woensdag 30 november 2011

Eerste groengashub in Nederland

Bij Attero in Tilburg bevindt zich de eerste en enige groengashub van Nederland. Op 23 november ontving Attero uit handen van certificeringsorganisatie Vertogas het eerste certificaat voor het groen gas uit deze installatie. Ook Waterschap De Dommel kreeg zo'n certificaat voor het gas dat uit zijn Tilburgse rioolwaterzuivering aan de opwerkingsinstallatie van Attero wordt geleverd.

dinsdag 29 november 2011

Nijmeegse centrale wil meer hout verstoken

De elektriciteitscentrale in Nijmegen gaat meer biomassa bijstoken. Technisch gezien kan het biomassa-percentage van 25 procent omhoog, maar de geldende milieuvergunning legt een maximum op. Het bedrijf is volgens de Gelderlander nu in overleg met de provincie Gelderland over een nieuwe vergunning zodat een hoger percentage biomassa bijgestookt kan worden. Volgens Pessers is stoken van duurzaam hout beter voor het milieu. De uitstoot van co2 daalt.

maandag 28 november 2011

Drijfmest van vervuiler naar nuttige grondstof

Drijfmest uit de veehouderij kan binnen tien jaar een nuttige grondstof zijn voor onder meer energieopwekking en natuurlijke bemesting. Dat is de belangrijkste conclusie van een integrale visie, die LTO Nederland, Natuur & Milieu en het ministerie van EL&I hebben ontwikkeld. Het mestdossier, dat decennialang met name de varkens- en rundveehouderij parten speelde, kan dan worden gesloten. Met als resultaten een aanzienlijke vermindering van broeikasgassen en andere emissies uit drijfmest (inclusief uitspoeling naar het grondwater) en energiewinst. Mest is dan zelfs een product met een positieve handelswaarde voor de agrarische sector.
De omslag van drijfmest als een vervuilend en kostenverslindend restproduct naar een nuttige en rendabele grondstof vereist echter wel forse investeringen en daadkrachtige samenwerking tussen overheden, kennisinstellingen, ketenpartijen en de agrarische sector.
De technieken om bestanddelen uit drijfmest om te vormen tot kunstmestvervangers, energie en vaste mestkorrels, worden steeds verfijnder. Daarmee komt ook de economische haalbaarheid in beeld. Uit de studie blijkt, dat een optimale drijfmestverwaarding begint bij het mechanisch scheiden van drijfmest in een dikke en dunne fractie. De dunne fractie wordt vervolgens opgewaardeerd tot een mineralenconcentraat (met stikstof en kali) en schoon water. Dat kan op of dicht bij het veebedrijf. Bijkomend voordeel is een minimum aan transportbewegingen. De dikke fractie wordt gedroogd en verwerkt tot natuurlijke mestkorrels danwel vergist ten behoeve van energie-opwekking (met daarna alsnog een verdere bewerking tot droge mestkorrels).
LTO Nederland en Natuur & Milieu hebben berekend, dat in ons land enkele tientallen regionale mestverwerkingsinstallaties nodig zijn, afhankelijk van de ontwikkeling van de veestapel. De bouw en inrichting daarvan kan door individuele ondernemers of samenwerkende boeren die gezamenlijk mest verwerken. De beste methode is ook afhankelijk van de regionale situatie. In gebieden zonder een mestoverschot en met bedrijven die overwegend eigen land hebben, is verwerking op boerderijschaal een mogelijkheid. In regio’s waar veel veehouders met weinig of geen grond zijn gevestigd, past de verwerkingroute met regionale installaties het beste. Op dit moment zijn er al enkele mestverwerkende bedrijven operationeel, zoals Kumac Mineralen BV in Deurne. Ook de keten duurzame varkenshouderij start met de bouw van een mestverwerkingsinstallatie.
De omschakeling vereist forse investeringen. Het gaat in totaal om zeker 150 miljoen euro. Daar staan na een aantal aanvangsjaren ook winsten uit energieleveranties en verkoop van mestkorrels tegenover. Daarbij telt niet alleen het economisch voordeel voor de veehouders, maar ook het algemeen belang van een vergroening van de economie. Een succesvolle drijfmestverwaarding betekent lokale energieproductie, zorgt voor regionale werkgelegenheid, minder geur- en ammoniakemissies en leidt tot minder uitstoot van broeikasgassen. Hergebruik van waardevolle mineralen vermindert bovendien de afhankelijkheid van grond- en hulpstoffen. Voor LTO Nederland en Natuur&Milieu is er daarom alles aan gelegen de omschakelingsoperatie te laten slagen.

dinsdag 22 november 2011

Biopower Tongeren van start met bouw biogascentrale

Biopower Tongeren is in de industriezone Tongeren-Oost van start gegaan met de bouw van een biogascentrale op basis van energiemaïs. De initiële investering in Biopower Tongeren vertegenwoordigt 11 miljoen euro. In mei 2012 moet de centrale van 2,8 MW operationeel zijn. Anderhalf tot twee jaar later staat een verdubbeling van de capaciteit gepland, goed voor een bijkomende investering van nog eens 7 à 8 miljoen euro. “Mocht tegen de opstart van de tweede fase een fair betoelagingskader voor biogas voorhanden zijn, is niet uitgesloten dat we dan met de productie van biogas (groen gas) een aanvang nemen,” onthult André Jurres, ceo van NPG energy N.V. (Tongeren).

maandag 21 november 2011

Meerlanden laat wagens op bananenschillen rijden

Vuilverwerkingsbedrijf de Meerlanden heeft een bijzondere gaskraan opengedraaid met ‘groengas’. Het afvalbedrijf haalt gft-afval op bij bewoners van de regio, verwerkt het biogas wat bij het vergisten vrijkomt tot groengas, en voedt dit in het lokale aardgasnet. Inmiddels rijdt een aantal inzamelwagens van het bedrijf op het zelf ingezamelde organische afval. In 2016 zal het bedrijf bijna volledig klimaatneutraal opereren.

donderdag 17 november 2011

TU Eindhoven gaat schone diesel en benzine maken


De Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) gaat biobrandstoffen maken van haar afvalhout. Er komt een pomp op de universiteitscampus waar medewerkers met benzine- of dieselauto’s straks kunnen tanken. Onderzoekers van de TU/e ontwikkelen een kleinschalige demoreactor die de jaarlijkse veertig ton afvalhout van de universiteit gaat omzetten in diesel- en benzinevervangers. De TU/e wil met dit project aantonen dat het mogelijk is om kleinschalig milieuvriendelijke brandstoffen te maken van het eigen afvalmateriaal, tegen concurrerende prijzen.
Een van de brandstoffen die de universiteit gaat maken is CyclOx, een door de universiteit gepatenteerde dieselvariant die leidt tot minder roetuitstoot. Bij de TU/e-pomp kan straks een mengsel getankt worden van CyclOx en gewone diesel. Door de toevoeging van 10 procent CyclOx aan gewone diesel daalt de roetuitstoot tot vijftig procent, blijkt uit recent onderzoek door dr.ir. Michael Boot van de groep Combustion Technology, van prof.dr. Philip de Goey. Het werkingsprincipe van CyclOx is dat het de ontbranding uitstelt, waardoor lucht en diesel meer tijd hebben om goed te mengen, wat een schonere verbranding oplevert. Bovendien voldoet deze brandstof straks aan de EU-norm, die voorschrijft dat in 2020 brandstoffen voor 10 procent uit biobrandstof moeten bestaan.
Naast CyclOx gaat het afvalhout van de universiteit – zoals pallets en verpakkingshout - nog andere brandstoffen opleveren, waaronder ethanol (alcohol). Dit zal aan de universiteitspomp worden aangeboden gemengd met benzine, in een 10:90 mengverhouding. Op dit mengsel kunnen de meeste benzineauto’s zonder aanpassingen rijden.
In de eerste fase van het project plaatst de universiteit een pompinstallatie, in de loop van 2012. Bij dit ‘tankstation’ zal in eerste instantie alleen de dieselbrandstof met CyclOx getankt kunnen worden, door een selecte groep testgebruikers. In ruil voor gratis brandstof werken ze mee aan het onderzoek naar de korte- en lange-termijneffecten van het rijden op deze brandstof. De CyclOx wordt in deze periode nog uit aardolie geproduceerd, door een derde partij.
Tegelijkertijd werken TU/e-onderzoekers in de groep van prof.dr.ir. Emiel Hensen (leerstoel Inorganic materials chemistry) aan een demoreactor die houtafval omzet in de genoemde brandstoffen. Medio 2015 moet dit fabriekje operationeel zijn, en kunnen alle stroomaggregaten en dienstauto’s van de TU/e voorzien worden. Omdat de productie veel hoger zal zijn dan de brandstofbehoefte van de universiteit, is de bedoeling dat later ook medewerkers aan de TU/e-pomp kunnen tanken.
Projecttrekker dr.ir. Michael Boot (Combustion Technology groep), verwacht dat de TU/e-pomp niet duurder zal zijn dan andere tankstations, door het gebruik van afvalhout. Dit afval heeft nu een negatieve waarde, doordat de universiteit geld betaalt om het hout te laten afvoeren. Het gebruik van dit afvalhout drukt dus flink de prijs van de uiteindelijke brandstoffen.
De universiteit wil met het project laten zien dat het mogelijk is om zelf milieuvriendelijk en concurrerend brandstof te maken. Boot hoopt dat andere universiteiten en organisaties dit voorbeeld overnemen. Ook hoopt hij dat de industrie enthousiast wordt door dit pilotproject. Boot: “We kunnen niet verwachten dat de industrie onze technologie omarmt, als we dat niet eerst zelf doen.” Ook past het project binnen het streven van de TU/e om technologie die is ontwikkeld aan de universiteit, zelf in pilotstudies toe te passen, in zogeheten ‘Living Labs’.

woensdag 16 november 2011

Havenbedrijf start proef biobrandstofgebruik

In samenwerking met het Rotterdam Climate Initiative - een proef begonnen met het gebruik van biobrandstoffen als brandstof voor patrouillevaartuigen. Het gaat daarbij om het door Neste Oil geleverde `HVO (Hydrotreated Vegetable Oil) renewable diesel', een hoogwaardig alternatief voor reguliere dieselolie (ook bekend als EN590). Het doel is om inzicht te krijgen in zowel de technische als de klimaat- en milieuaspecten die het gebruik van HVO in patrouillevaartuigen met zich meebrengen.
De proef vindt de komende drie maanden plaats op de RPA 12. Mocht het experiment succesvol verlopen dan komt daarna een grootschaliger proef voor meerdere patrouilleschepen van het Havenbedrijf over de periode van een jaar.

dinsdag 15 november 2011

Turku wil bussen op biogas

De Finse stad Turku heeft plannen om vanaf 2014 nieuwe stadsbussen aan te schaffen die op biogas rijden. Op dit moment heeft de stad 175 stadsbussen, die dan gedurende een periode van 10 jaar geleidelijk aan zullen worden vervangen. Er rijden nog weinig Finse bussen op gas, alleen in Helsinki is dat het geval.

maandag 14 november 2011

Centrale op wind, waterstof en biogas

De eerste hybride energiecentrale die wind, waterstof en biogas verenigt, levert aan het hoogspanningsnet. Dat gebeurt volgens Technisch Weekblad in het Duitse Prenzlau, Daar staan drie windmolens, drie opslagtanks voor waterstof en een biomassatank. Het gezamenlijke vermogen is 6 MW. In een warmtekrachtcentrale worden waterstof en biogas gemengd en verbrand, waarbij elektrische stroom en warmte wordt gewonnen.

vrijdag 11 november 2011

Misstanden bij ‘Nederlands’ biomassa bedrijf in Liberia

Diverse Liberiaanse boeren en houtskoolproducenten ondervinden schadelijke gevolgen van de activiteiten van Buchanan Renewables, een bedrijf dat biomassa produceert en op papier haar hoofdkantoor heeft in Amsterdam. Dat blijkt uit het vandaag verschenen rapport ‘Burning Rubber’ van SOMO en Green Advocates. Het onderzoek toont aan hoe dit bedrijf, dat zichzelf als zeer duurzaam presenteert, een negatieve impact heeft op de leefomstandigheden van verscheidene kleinschalige rubberboeren en zijn gemaakte afspraken niet nakomt. Ook onderneemt het bedrijf geen adequate stappen om de energievoorziening in Liberia te verbeteren. Bovendien kent Buchanan Renewables een bedrijfsstructuur die optimaal toegepast kan worden om belasting te ontwijken.
Buchanan Renewables is een bedrijf dat houtsnippers produceert uit oude rubberbomen, die gebruikt worden in biomassacentrales. Een deel van deze bomen koopt het bedrijf van kleine rubberboeren, waarvoor het bedrijf ook nieuwe bomen in de plaats plant. Daarnaast heeft de onderneming plannen om een biomassacentrale in Liberia te bouwen, om op die manier de hoofdstad Monrovia van elektriciteit te voorzien.
Op basis van dit bedrijfsmodel heeft Buchanan Renewables grote bedragen los weten te krijgen bij diverse ontwikkelingsbanken, zoals het Amerikaanse OPIC en MIGA, de verzekeringstak van de Wereldbank. Het Zweedse Vattenfall, moederonderneming van Nuon, heeft een minderheidsaandeel in de biomassa productietak van het bedrijf. Het hoofdkantoor van Buchanan Renewables is gevestigd bij een trustkantoor op de Amsterdamse Zuidas.
Uit het SOMO-rapport blijkt dat een deel van de kleine boeren die zouden moeten profiteren van dit bedrijfsmodel, juist slechter af zijn. Het bedrijf komt verbale prijsafspraken niet na, pleegt onvoldoende onderhoud aan de jonge bomen en in enkele gevallen heeft het bedrijf de bomen wel gekapt, maar nooit tot houtsnippers verwerkt. Deze bomen blijven op het land liggen, waardoor dit niet langer te gebruiken is door de boeren. “Meerdere boeren geven aan dat zij in armoede leven, als direct gevolg van de aanwezigheid van Buchanan Renewables” zegt onderzoeker Tim Steinweg.
De biomassacentrale die het bedrijf van plan is te bouwen heeft grote vertraging opgelopen. Hierdoor blijft de bevolking in de hoofdstad Monrovia afhankelijk van houtskool voor hun energievoorziening. Deze houtskool, veelal geproduceerd uit dezelfde rubberbomen waar Buchanan Renewables biomassa van maakt, is de laatste jaren veel duurder geworden. Ook is het voor houtskoolproducenten veel moeilijker geworden om voldoende hout te verzamelen. Om deze verslechteringen in de houtskoolketen tegen te gaan, heeft Buchanan Renewables een aantal jaren geleden afspraken gemaakt met de nationale vakbond van houtskoolproducenten. Tot op heden heeft het bedrijf echter nog geen enkele concrete stap genomen om deze afspraken na te komen.
Op papier heeft het bedrijf haar hoofdkantoor in Amsterdam, hoewel het in Nederland geen economische activiteiten ontplooit en ook geen werknemers heeft. Het bedrijf heeft een uitgebreide en complexe bedrijfsstructuur dat zeer geschikt is om belasting mee te ontwijken. Indien het bedrijf in de komende jaren haar productie opschroeft en winstgevend wordt, is de kans groot dat de belastingafdracht aan de Liberiaanse overheid miniem blijft. “Buchanan Renewables’ bedrijfsstructuur, en de mogelijke implicaties hiervan voor belastingen in Liberia zijn niet in lijn met het duurzame imago van het bedrijf”, aldus Tim Steinweg.

donderdag 10 november 2011

Groen gas in Haarlem

De opwerking van biogas tot groen gas in Haarlem is een stap dichterbij gekomen. Gedeputeerde Staten van Noord-Holland gaan akkoord met plannen om een biogasinstallatie in de Waarderpolder te realiseren. Nu fakkelt men het stortgas uit de gesloten vuilstort én het biogas van de waterzuivering af. Opwerking van stortgas tot aardgas is beter dan verbranden. De installatie kan niet binnen bestaand bebouwd gebied worden gerealiseerd.

woensdag 9 november 2011

Kiezen voor groene warmte

Met de introductie van een categorie duurzame warmte in de steunregeling SDE 2012 heeft minister Maxime Verhagen een belangrijke stap gezet om het aandeel duurzaam in het Nederlandse energieverbruik van 4 % nu naar 14 % in 2020 te brengen. Tot nu toe was het overheidsbeleid gericht op duurzame elektriciteit, maar het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie heeft de koers verlegd om de afspraak met Brussel van 14 % in 2020 te kunnen halen. Het aandeel warmte is immers vele malen groter dan dat van elektriciteit in het eindverbruik van energie in Nederland.
De in 2008 opgerichte stichting Warmtenetwerk is blij met de aandacht voor duurzame warmte in de brief over de SDE 2012 van minister Verhagen aan de Tweede Kamer. In de steunregeling voor 2012 zijn geothermie en stoken van hout en biogas voor warmteproductie de grote kanshebbers voor subsidie. Die zitten in de eerste fase van de SDE 2012 die op 31 januari open gaat. Maar ze profiteren ook van een nieuwe regel die een eind maakt aan de loterij die de SDE dit jaar nog kenmerkte. Als het budget op de eerste dag al wordt overtekend dan zullen de aanvragen worden behandeld op volgorde van kosten per eenheid energie. Juist op dat punt scoren geothermie en houtketels bijzonder goed. Logisch is ook dat de kostprijs per eenheid energie voor het verstoken van biogas in een ketel lager is dan de opwerking naar groen gas dat aan de eisen van de beheerder van het aardgasnet voldoet.
Uitbreiding van warmtelevering door bestaande biomassacentrales en afvalenergiecentrales is nog goedkoper maar zal daardoor bij de huidige gasprijs geen subsidie nodig hebben, aldus minister Verhagen.
De nieuwe strategie van het ministerie om met de SDE zoveel mogelijk duurzame energie te realiseren met het beschikbare budget is met de categorie duurzame warmte slim ingevuld.  De SDE kent in 2012 geen onderverdeling van budgetten tussen elektriciteit, groen gas en warmte. Daarmee wordt de afspraak met de EU in 2020 duidelijk beter haalbaar.  Een minpuntje van deze keuze is dat innovatieve opties weinig kans maken. Op basis van de berekeningen door ECN en KEMA, die ten grondslag liggen aan de SDE, zijn innovaties als hydrolyse van rioolslib om biogas te maken en het gebruik van olie uit hout (pyrolyse) te duur voor de eerste fase. Dat geldt ook voor de winning van zonnewarmte.
Overigens biedt de regeling wel de mogelijkheid om in de eerste fase in de vrije categorie elke optie aan te vragen tegen een lager tarief dan de door ECN en KEMA berekende kostprijs.
De regeling is bedoeld voor exploitatiesteun gedurende 12 tot 15 jaren. De kosten voor metingen en administratie maken het noodzakelijk dat projecten een redelijke omvang hebben. Voor verwarmingsketels op hout en bio-olie is het minimale vermogen 500 kW en voor zonnecollectoren geldt een oppervlak van tenminste 100 m2.


dinsdag 8 november 2011

Biogasleiding naar zwembad Leeuwarderadeel

In Leeuwarderadeel wordt een biogasleiding met een lengte van circa twee kilometer aangelegd. De leiding brengt biogas van de vergister bij de boerderij van de familie De Boer naar het sportcomplex, waar onder meer het zwembad ermee wordt verwarmd. De leiding wordt aangelegd door A-Hak Infranet, dat nieuw is in de markt.

maandag 7 november 2011

Subsidieregeling voor groene energie slaat aan

De nieuwe subsidieregeling voor groene energie, SDE+, is volgens minister Verhagen (economische zaken) een succes. Voor maar liefst dertien verschillende categorieën - waaronder vergisters, wind op land en zonnepanelen - zijn aanvragen binnengekomen. Vorig jaar waren belangstellenden aangewezen op aparte subsidiepotjes voor zonne-, wind- en andere bronnen van duurzame energie. Voor de nieuwe regeling is 1,5 miljard euro (en volgend jaar 1,7 miljard euro) beschikbaar.

vrijdag 4 november 2011

BioNet één van de beste klimaatideeën van Nederland

Het project 'Pilot BioNet' van de gemeente Dronten ontving de tweede prijs in de het door het ministerie van Infrastructuur en Milieu uitgeroepen 'Beste klimaatidee van Nederland'. Wethouder van Amerongen nam woensdagochtend op het Klimaatcongres in Utrecht het juryrapport in ontvangst.
Dronten was één van de drie genomineerden met het plan 'Pilot BioNet'. Dit plan houdt in dat in een nieuwbouwwijk een afgeschermd gasnetwerk aan wordt gelegd. De ketels in de woningen werken zowel op biogas als op aardgas. Het idee is winstgevend voor alle partijen. Behalve dat het EPC met 0,3 punt omlaag gaat is biogas ook nog eens goedkoper dan aardgas. De gemeente Haarlem ontving meer stemmen kreeg de eerste prijs.

woensdag 2 november 2011

Faillissementen in Belgische biogassector

In 2010 gingen voor het eerst drie installaties voor anaerobe vergistingscapaciteit in Vlaanderen failliet. Dat blijkt uit het voortgangsrapport van Biogas-E vzw. Door het onzekere klimaat kregen veel installaties het moeilijk. De investeringen voor een vergistingsinstallatie kan behoorlijk hoog oplopen, mede door de steeds strengere milieuwetgeving. Hoewel de biogassector reeds enkele jaren bestaat, is er nog heel wat onwetendheid bij de burger, wat vaak leidt tot het ‘not in my backyard’-syndroom.

dinsdag 1 november 2011

Nieuwe regelgeving stimuleert gebruik biokerosine

Het gebruik van biokerosine in de luchtvaart wordt gestimuleerd. Daarbij geldt wel als voorwaarde dat biokerosine, net als andere biobrandstoffen, duurzaam wordt geproduceerd waardoor de productie niet ten koste gaat van bijvoorbeeld natuurgebieden. Ook moet de biobrandstof, qua CO2-ketenemissies, aanzienlijk beter presteren dan fossiele brandstoffen. De ministerraad heeft hiermee ingestemd op voorstel van staatssecretaris Atsma van Infrastructuur en Milieu.
De nieuwe regelgeving rond biokerosine is interessant voor brandstofleveranciers. Zij hebben namelijk een verplichting om, naast de benzine en diesel die we van oudsher kennen, een aandeel hernieuwbare energie op de markt te brengen. Meestal is dit biobrandstof die wordt bijgemengd bij de benzine en diesel. Biokerosine wordt in de nieuwe wetgeving ook onder de noemer biobrandstof geschaard. In 2012 moet 4,5% van de brandstof die op de markt gebracht wordt van hernieuwbare afkomst zijn. Als daarbij biobrandstoffen worden ingezet moeten deze, volgens Europese regels, duurzaam zijn. Het kabinet komt met dit besluit tegemoet aan de motie-Haverkamp/Leegte die verzoekt om verbreding van de werking van de regelgeving met betrekking tot biobrandstoffen.
 
Copyright (c) 2010 Biogas Nieuws and Powered by Blogger.