dinsdag 31 december 2024

Waterstof vrachtwagen rijdt 2900 kilometer na één tankbeurt

Een vrachtwagen heeft op waterstof een afstand afgelegd van bijna 3000 kilometer. De H2Rescue deed dit met slechts een tankbeurt van 175 kilogram waterstof.

Tijdens deze indrukwekkende rit stootte de H2Rescue niets anders uit dan water. Ter vergelijking: een traditioneel voertuig zou voor dezelfde afstand ongeveer 301 kilogram CO2 hebben uitgestoten.

Daarnaast kan de waterstof-truck tot 25 kilowatt aan vermogen leveren vanuit zijn brandstofcellen, genoeg om gedurende 72 uur elektriciteit te voorzien.

De naam H2Rescue doet wellicht vermoeden dat het gaat om 'het redden van waterstof', maar de vrachtwagen is specifiek ontworpen voor gebruik in rampgebieden en andere noodsituaties.

donderdag 19 december 2024

Pilot waterstofproductie Oosterwolde beëindigd

De pilot Sinnewetterstof in Oosterwolde (Friesland), een samenwerking tussen netwerkbedrijf Alliander en hernieuwbare energieontwikkelaar GroenLeven, wordt beëindigd. Tijdens deze pilot onderzochten beide partijen of productie van groene waterstof een oplossing kan zijn om de drukte op het stroomnet tegen te gaan. Nu de eerste ervaringen zijn opgedaan, wordt bekeken of de waterstofinstallatie in Oosterwolde aan een andere eigenaar kan worden overgedragen.

In 2022 opende Alliander in Oosterwolde de allereerste binnenlandse waterstoffabriek naast een zonnepark dat is ontwikkeld door GroenLeven. Daarmee wilden beide partijen met een kleinschalige elektrolyser onderzoeken op welke manier waterstof een rol kan spelen in de congestieproblematiek op het elektriciteitsnet. In het onderzoek is onder andere gekeken of filevorming op het elektriciteitsnet kan worden verminderd of voorkomen en of waterstof een oplossing is om uitbreiding van het net te voorkomen.

Bij aanvang van de pilot was het de bedoeling om jaarlijks 100.000 kilogram waterstof te produceren. Door verschillende uitdagingen in de opstart van de installatie is deze doelstelling nog niet behaald. Toch is in de afgelopen periode met verschillende systeemtesten op beperkte schaal groene waterstof geproduceerd. Dit is echter onvoldoende geweest om antwoord te geven op de oorspronkelijke leerdoelen.

De uitgevoerde testen hebben wel meerdere bruikbare inzichten opgeleverd over de wijze waarop een elektrolyser kan functioneren naast bijvoorbeeld een zonnepark. Een belangrijke les is ook dat de toeleveranciers van componenten voor dit soort installaties nog niet optimaal op elkaar waren ingespeeld. Daarnaast was bij de start van de pilot nog veel onduidelijk in de vergunningsprocedure. Voor de vergunningsverlener heeft deze pilot dan ook kaders opgeleverd voor vergunningverlening. Alles bij elkaar heeft de pilot voor zowel Alliander als GroenLeven waardevolle inzichten opgedaan in de productie van groene waterstof. Dit draagt bij aan de gezamenlijke missie om innovatieve oplossingen te ontwikkelen voor een duurzaam energiesysteem.

De ontwikkeling van de productie van waterstof staat niet stil. Ook zijn er inmiddels meer mogelijkheden om filevorming op het elektriciteitsnet tegen te gaan. Bijvoorbeeld met flexibele contracten. Daarmee kunnen ondernemers gerichte afspraken maken met de netbeheerder om onder voorwaarden hun opgewekte elektriciteit terug te leveren. Nu elektrolysers steeds meer in opkomst zijn als onderdeel van een nieuw energiesysteem, is het voor Alliander niet langer noodzakelijk een eigen elektrolyser te onderhouden. Daarom is besloten de pilot Sinnewetterstof eerder te beëindigen dan de geplande vijf jaar.

De komende weken worden de testen door Alliander afgerond. Daarnaast wordt gezocht naar een partij die de waterstofinstallatie wil overnemen. Na een overname is Alliander niet langer meer betrokken en zal dan ook geen testen meer uitvoeren. Wel blijft Alliander het belang van waterstof onderstrepen. Waterstof gaat immers een grote rol spelen in de energietransitie. Op veel plekken ontstaan nieuwe initiatieven dat door het netwerkbedrijf met belangstelling worden gevolgd.

dinsdag 17 december 2024

Eneco en Oost NL investeren in groen gas-startup BASgas

BASgas, een pionierend bedrijf dat groen gas produceert uit mest, ontvangt een investering van energiebedrijf Eneco en ontwikkelingsmaatschappij Oost NL. Met die financiële impuls realiseert BASgas productie-units bij boerenbedrijven. Daarnaast kan de onderneming een logistiek systeem opzetten om het bij boerenbedrijven geproduceerde gas te transporteren en op het gasnet in te voeden.

BASgas ontvangt niet alleen een directe investering van Oost NL en Eneco’s investeringstak Eneco Ventures. De beide partijen ondersteunen de start-up ook bij de verdere opschaling naar 50 installaties naar boeren. Daarnaast gaat Eneco het door BASgas geproduceerde groene gas afnemen. Dat gas wordt op het gasnet bijgemengd. Door de afnameovereenkomst is BASgas de komende jaren verzekerd van inkomsten, wat verdere groei vergemakkelijkt.

Voor biogasproductie wordt de drijfmest van koeien snel de stal uitgewerkt. Dit zorgt voor een aanzienlijk lagere uitstoot van ammoniak en methaan. De mest gaat in een vergister waar biogas ontstaat. Om dat biogas op te waarderen tot groen gas dat in het gasnet kan worden ingevoed, zijn speciale installaties nodig. Voor veruit de meeste boeren zijn dergelijke installaties nu niet rendabel omdat ze te weinig biogas produceren. Daarmee laat Nederland jaarlijks ruim 600 miljoen kuub aan groen gas liggen, stelt BASgas.

Met haar kleine installatie, die BASgas plaatst op het erf, gaat BASgas dat biogas wel opwerken. Vervolgens draagt BASgas ook zorg voor de opslag van het gas in gasbundels en invoeding in het gasnet. De boer krijgt een deel van de opbrengst en heeft zo tegen een beperkte investering een nieuw verdienmodel. Ook stoot het boerenbedrijf flink minder uit, waarmee het een grote stap zet in verduurzaming.

maandag 16 december 2024

Provincie Drenthe draagt bij aan onderzoek naar vestiging groene waterstofproductielocatie

Groene waterstofproducent Roger Renewable Energy ontvangt van provincie Drenthe een incidentele subsidie van 122.500 euro om te onderzoeken of het bedrijf zich kan vestigen in Hoogeveen. In deze zogeheten haalbaarheidsstudie moet worden gekeken of dit een geschikte locatie is en of het bedrijf kan bijdragen aan de regionale energietransitie.

ROGER Renewable Energy B.V. is een koploper in de productie, levering en toepassing van groene waterstof. Het bedrijf levert groene waterstof als emissievrij alternatief voor het gebruik van fossiele brandstoffen. Zo voert Roger Renewable Energy met aannemers infrastructurele en landschappelijke projecten uit in de grond- weg- en waterbouwsector. In aanvulling op de locaties in Gelderland en Flevoland heeft het bedrijf nu Drenthe op het oog en wil daar nader onderzoek naar doen.

In de haalbaarheidsstudie wordt naast een geschikte locatie ook onderzocht of er samenwerking mogelijk is met andere partijen om onder meer netcongestie te verlichten en er wordt onderzocht of er andere koppelkansen zijn in de omgeving. De haalbaarheidsstudie start dit jaar. De verwachting is dat medio 2025 de resultaten bekend zijn.

donderdag 12 december 2024

Planning landelijk waterstofnetwerk geactualiseerd

Hynetwork, dochteronderneming van Gasunie, levert de komende jaren het landelijke waterstofnetwerk in Nederland gefaseerd op. Het eerste deel zal uiterlijk in 2026 in Rotterdam in gebruik genomen worden. In de jaren erna komt voor of in 2030 de infrastructuur binnen de industriële clusters langs de Nederlandse kust beschikbaar.

Dat geldt ook voor de verbindingen vanuit Noord-Nederland met de grootschalige waterstofopslagfaciliteit HyStock en de eerste grensverbindingen met Duitsland en vanuit Zeeland met België. Van 2031 tot 2033 volgt de oplevering van het netwerk binnen het industriële cluster in Limburg en de verbindingen tussen de clusters, waaronder de Delta Rhine Corridor. Bovenstaande blijkt uit de geactualiseerde netwerkplanning, die Hynetwork vandaag heeft gepubliceerd en ter consultatie voorlegt aan marktpartijen en andere belanghebbenden.

In 2023 is Hynetwork gestart met de aanleg van het landelijke waterstofnetwerk. Met deze infrastructuur willen wij de industrieën helpen om in Nederland te kunnen verduurzamen. Daarmee blijft Nederland een aantrekkelijke vestigingsplaats en dat is ook goed voor onze economie en werkgelegenheid. Voor de industrie is duidelijkheid over de planning en de beschikbaarheid van het waterstofnetwerk cruciaal. Voor de zomer van dit jaar bleek dat het uitrolplan dat Hynetwork hanteerde geactualiseerd moest worden. Dat was onder meer nodig vanwege de ontwikkelingen rondom de Delta Rhine Corridor en de langere doorlooptijden in de projectprocedures.

De afgelopen maanden heeft Hynetwork in detail gekeken naar alle deeltracés, die gezamenlijk het landelijke waterstofnetwerk vormen. Begin december kon daarbij het laatste puzzelstukje worden gelegd met het besluit van het kabinet om een oplevering van de Delta Rhine Corridor tussen 2031 en 2032 mogelijk te maken. Daarmee ontstond helderheid over de beoogde opleverdatum van deze cruciale west-oostverbinding van het waterstofnetwerk in Nederland en kon de actualisatieronde van het uitrolplan worden afgerond.

De fasering in het kort:

2026:                
Rotterdam;
2026-2030:      
Noord-Nederland, inclusief de verbinding met HyStock en grensverbindingen met Duitsland;
Noordzeekanaalgebied;
Zuidwest-Nederland, inclusief een grensverbinding met België
2031-2033
Limburg;
Verbindingen tussen de industriële clusters  inclusief de Delta Rhine Corridor

Tot eind januari kunnen marktpartijen en andere belanghebbenden reageren op dit uitrolplan. Daarnaast organiseert Hynetwork op 17 december een online webinar waarin Hynetwork in gesprek gaat over het uitrolplan met een aantal vertegenwoordigers van de waterstofketen. Ook  is er ruimte om digitaal vragen te stellen en feedback te geven. Na deze consultatiefase leggen we het uitrolplan met verwerkte reacties ter besluitvorming voor aan de minister voor Klimaat & Groene Groei.

woensdag 11 december 2024

Straks ruim 200 voertuigen op waterstof erbij dankzij subsidie

Voor het eind van 2027 komen er meer watertstoftankstations bij in Nederland. Ook komen er 192 zware voertuigen, 10 personenbusjes en 9 kleine bestelwagens op waterstof extra bij. Dit is dankzij de subsidieregeling Waterstof in mobiliteit (SWIM). In totaal krijgen 9 samenwerkingsverbanden subsidie. Het budget van SWIM werd begin december nog met € 6 miljoen verhoogd.

SWIM ging open op 15 juli en sloot op 6 september dit jaar. Door de verhoging van het budget - begin december - kunnen projecten als waterstoftankstations in Nijmegen en Venlo van start. Ook worden 3 tankstations vergroot. En Rijksdienst van Ondernemend Nederland (RVO) kon 9 van de 12 aanvragen goedkeuren.

Waterstof is een uitstootvrije (zero-emissie) techniek voor verkeer. In Nederland is rijden op waterstof een alternatief naast elektrisch vervoer. Zeker wanneer elektrisch rijden minder interessant is. Bijvoorbeeld bij netcongestie of als er langere afstanden gereden moeten worden. Of als er tussendoor weinig tijd is om te laden. Ook voor rolstoelbussen die te zwaar zijn voor accu's kan een waterstofbus uitkomst bieden.
In 2025 nieuwe subsidie beschikbaar

De subsidieregeling is voor ondernemers die in een samenwerkingsverband investeren in waterstof. Het samenwerkingsverband (consortium) moet in ieder geval bestaan uit één exploitant van een waterstoftankstation, en minstens één bedrijf dat actief is als vervoerder. Per project is er maximaal € 6 miljoen te verdelen. In 2025 kunnen ondernemers weer SWIM-subsidie aanvragen. Er is dan € 40 miljoen beschikbaar. De regeling opent op 1 april en sluit op 7 mei 2025.

dinsdag 10 december 2024

Import van groene waterstof noodzakelijke én haalbare aanvulling op de energietransitie

De import van groene waterstof via de haven van Amsterdam biedt een unieke kans voor de verduurzaming van sectoren zoals zware industrie, transport en luchtvaart. Hoewel import in de eerste jaren hogere kosten dan opbrengsten heeft, kan het op lange termijn 2 miljard euro aan rendement opleveren als er gerichte financiële instrumenten en beleidsmaatregelen worden toegepast. Dit blijkt uit een casestudie uitgevoerd door Invest-NL, in samenwerking met Port of Amsterdam, Ecolog en Tata Steel.

Groene waterstof is essentieel om sectoren die moeilijk te elektrificeren zijn, zoals zware industrie, transport en luchtvaart, te verduurzamen. De Nederlandse groene waterstofproductie kan de toekomstige vraag niet aan, vanwege hoge productiekosten en een beperkte capaciteit aan hernieuwbare energie. Import van waterstof uit regio’s waar hernieuwbare energie in overvloed aanwezig is en tegen lagere kosten wordt geproduceerd – zoals Oman, Spanje en Brazilië – biedt een betaalbare en schaalbare aanvulling op de binnenlandse productie.

De casestudie wijst op een financieringskloof van 2,4 miljard euro in de eerste elf jaar van het project, ondanks dat op de lange termijn 2 miljard aan rendement wordt voorzien. Om dit gat te dichten, ziet Invest-NL een bepalende rol voor de overheid. Concrete interventies, zoals een Contract-for-Difference (CfD), achtergestelde leningen, en aanpassingen in wet- en regelgeving bieden zekerheid aan investeerders en versnellen de ontwikkeling van een stabiele markt voor groene waterstof.

Om de import te realiseren, is samenwerking tussen publieke en private partijen noodzakelijk. Naast de genoemde interventies vanuit de overheid is een cruciale rol weggelegd voor een aggregator. Dit is een partij die vraag en aanbod bundelt en lange-termijncontracten aangaat met zowel producenten als afnemers.

Dit rapport dient als voorbeeldcase en is ook van waarde voor andere importprojecten. Het bevat een analyse over de verschillende sectoren waar groene waterstof toegepast kan worden en toont hoe gerichte interventies groene waterstofimport niet alleen in Nederland maar in heel Europa haalbaar kunnen maken. De haven van Amsterdam is daarbij strategisch gepositioneerd als knooppunt voor Noordwest-Europa.

maandag 9 december 2024

Gasprijzen aanzienlijk gestegen ten opzichte van oktober

De gasprijzen zijn voor consumenten aanzienlijk gestegen in november 2024 ten opzichte van oktober 2024. De variabele gasprijzen zijn met 3,5 procent omhooggegaan, terwijl de 1-jaars en 3-jaars vaste gasprijzen respectievelijk met 7,6 procent en 4,2 procent zijn toegenomen. Ook de elektriciteitsprijzen zijn gestegen vergeleken met oktober 2024.

De variabele elektriciteitsprijzen zijn met 5,9 procent gestegen, terwijl de 1-jaars en 3-jaars vaste prijzen respectievelijk met 7,4 procent en 4,6 procent zijn toegenomen. Deze stijging komt voort uit de prijsstijging op de groothandelsmarkt, deels door de zogenoemde ‘dunkelflaute’, een periode met relatief weinig zon en wind waardoor de opwek via duurzame bronnen erg tegenvalt en men moet terugvallen op o.a. opwek in gasgestookte centrales. Dit zorgt voor meer vraag naar gas voor elektriciteitsopwekking, wat weer zorgt voor stijgende inkoopprijzen voor elektriciteit (opgewekt met duurder ingekocht gas).

Energieleveranciers zullen hun gas- en stroomprijzen per december 2024 gaan verhogen als reactie op de gestegen inkoopprijzen. Daarnaast voorspellen weerinstituten een koude winter in Europa. Dit kan leiden tot een hogere energievraag en dus hogere groothandelsprijzen.
 
Opvallend is de aankomende stijging van de netbeheerkosten met ongeveer 11 procent per 1 januari 2025. Onderhoud en uitbreiding van het stroomnet en ook de kosten van het gasnet (verdeelt over steeds minder huishoudens) dienen opgehoest te worden door eindafnemers. Ook dit zal impact gaan hebben op de energierekening van huishoudens. Hier staat tegenover dat de energiebelastingen voor zowel gas als stroom zullen dalen.
 
Verder stijgen bij grote energieleveranciers in 2025 de variabele gasprijzen ten opzichte van dit kwartaal. Ook de stroomprijzen stijgen, dalen licht of blijven gelijk. Daarmee stijgen de variabele stroomprijzen met gemiddeld 17,4 procent ten opzichte van oktober 2024 en de variabele gasprijzen met gemiddeld 16,4 procent.

vrijdag 6 december 2024

Kabinet zet in op waterstof- en CO2-infrastructuur in Delta Rhine Corridor

Om de verduurzaming van de industrie te versnellen en verdere vertraging van de Delta Rhine Corridor (DRC) te voorkomen, heeft het kabinet besloten prioriteit te geven aan waterstof- en CO₂-infrastructuur. Deze beslissing draagt bij aan de tijdige overstap naar duurzame energie, om Nederland minder afhankelijk te maken van het buitenland en om de klimaatdoelen te halen. Het besluit biedt duidelijkheid aan betrokkenen en legt een stevige basis voor een schonere industrie.

Minister Hermans (Klimaat en Groene Groei) informeert vandaag, mede namens minister Madlener (Infrastructuur en Waterstaat) en minister Keijzer (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening), de Tweede Kamer over dit besluit.

De Delta Rhine Corridor is een grootschalig project om ondergrondse leidingen aan te leggen vanuit de Rotterdamse haven, via Moerdijk naar Duitsland. Dit project is essentieel voor de toekomst van onze industrie. Het aanleggen van buisleidingen voor waterstof en CO₂ verlaagt de uitstoot van broeikasgassen en voorziet de industrie van de benodigde infrastructuur om schoner te produceren. Dit levert niet alleen een bijdrage aan de klimaatdoelen, maar versterkt ook de ontwikkeling van een duurzame economie.

Het oorspronkelijke plan voor de DRC, waarin meerdere modaliteiten zoals ammoniak en gelijkstroomkabels werden gecombineerd, bleek te ambitieus en complex. Onderlinge afhankelijkheid en ruimtelijke beperkingen leidden tot aanzienlijke vertragingen. Door het project nu te richten op waterstof en CO₂, belangrijk voor de verduurzaming van de industrie, kan het project verder en ontstaat duidelijkheid voor alle betrokken partijen.

Hierdoor kunnen de waterstof- en CO₂-leidingen volgens een heldere tijdlijn worden gerealiseerd, met een geplande afronding tussen 2031-2033. Dit biedt bedrijven de zekerheid om de benodigde investeringen in duurzame technologie te blijven doen. Tegelijkertijd versterkt het de positie van Nederland als internationale waterstofhub en betrouwbare locatie voor CO₂-opslag.

Het kabinet heeft ervoor gekozen om ammoniak uit het DRC-project te halen. Dit plan is nog onvoldoende uitgewerkt en heeft meer tijd nodig. Ook is besloten een herbruikbare buisleiding niet in het project op te nemen vanwege dezelfde reden. De mogelijkheid om deze onderdelen later te realiseren blijft open.

Ook de gelijkstroomkabels die nodig zijn voor de zogenaamde diepe aanlandingen van windenergie op zee (de infrastructuur die nodig is om de opgewekte elektriciteit van offshore windparken naar het vasteland te transporteren) vallen nu buiten het project. Dit heeft gevolgen voor de tijdige beschikbaarheid van groene stroom in Nederland. De inschatting van Tennet is dat de aanleg van de kabels dan pas vanaf 2040 wordt gerealiseerd. Daarom wordt er met spoed naar alternatieve routes gezocht.

Het kabinet erkent de impact van dit besluit, maar benadrukt dat vasthouden aan de oorspronkelijke integrale aanpak álle onderdelen ernstig zou vertragen. Met deze keuze ontstaat ruimte om de benodigde waterstof- en CO₂-infrastructuur aan te leggen, waardoor de verduurzaming van de industrie kan versnellen. Dit biedt betrokken partijen zekerheid en versterkt de internationale samenwerking, onder andere met Duitsland als partner.

donderdag 5 december 2024

VPRO Tegenlicht - Gas eraf!

Nederland moet van het gas af. Zowel burgers als grote energiebedrijven werken momenteel aan een belangrijk alternatief: het warmtenet, ondergrondse netwerken met warm water. Maar waarom laten we dat over aan een paar monopolistische buitenlandse bedrijven, die restwarmte gebruiken uit de fossiele industrie? Er blijken veel slimmere vormen van restwarmte te zijn. VPRO Tegenlicht kijkt mee met de Nederlandse pioniers die deze warmterevolutie proberen vlot te trekken.

Nu krijgen we onze warme douche en warme vloer nog vaak via de gasketel, maar over 25 jaar moet het daarmee definitief afgelopen zijn. Dan hebben we het niet meer over cv-ketels maar gaan warmtenetten een derde van ons land van warmte voorzien. Die warmtenetten worden nu opgetuigd door een paar monopolistische buitenlandse bedrijven die restwarmte gebruiken uit de fossiele industrie.
 
Ondertussen gebeurt er op buurtniveau iets bijzonders: verspreid door het hele land proberen burgers en lokale overheden deze monsterklus zelf tot een goed einde te brengen. Met wel heel bijzondere warmtebronnen uit de buurt. En warempel, dat blijkt goedkoper, betrouwbaarder en niet te vergeten: duurzamer.
 
VPRO Tegenlicht kijkt mee met de pioniers die deze warmterevolutie van onderen proberen vlot te trekken:
 
Annelies Huygen, hoogleraar energiemarkten en onderzoeker bij TNO
Gerd-Jan Otten, duurzaam ondernemer in de regio Den Haag
Eloy Seijen, medewerker van MijnWater in Heerlen
Desiree Orij, mede-oprichter van buurtcoöperatie Zonnewarmte Ramplaankwartier Haarlem
Martin Herbergs, oud-mijnwerker en kaartenmaker in Heerlen
 
Regie: Daan Kuys
Research: Kas Jansma, Daan Kuys
Productie: Britt Bennink, Amber Wilmsen, Doortje Nieuwenhuijzen
Camera: Pim Hawinkels, Rob Hosselmans, Niels Lokhoff
Geluid: Mike van der Sluijs, Siebren Hodes
Eindredactie: Julia Veldman
 
VPRO Tegenlicht: Gas eraf!, zondag 8 december, Youtube

woensdag 4 december 2024

Met nieuwe biogasboiler zet Aviko grote stappen in verduurzaming productieproces


 


Aviko, Europa’s grootste producent van aardappelproducten in het out-of-home segment en één van de top vijf wereldmarktleiders, heeft in haar productielocatie in Rain (Duitsland) een biogasboiler in gebruik genomen. Het biogas levert een aanzienlijke bijdrage aan het terugdringen van de uitstoot van broeikasgas met 45 procent in 2030. Het gaat om een reductie van zo’n 70 procent van de totale uitstoot van de fabriek in Rain. In Rain worden verschillende aardappelproducten geproduceerd voor zowel de Duitse markt als exportmarkten.

In de fabriek wordt uit organische (rest)stromen biogas geproduceerd, door middel van vergisting. Het biogas wordt door de biogasboiler in stoom omgezet, dat vervolgens in het productieproces gebruikt wordt. Bijvoorbeeld voor het schillen van de aardappelen, het verwarmen van de bakoven en het verwarmen van het blancheerwater. De biogasinstallatie is gerealiseerd in samenwerking met en onder begeleiding van LEW, een grote energieleverancier in Duitsland die inzet op waterkracht en innovatieve energieoplossingen.

De afgelopen jaren heeft Aviko verschillende mogelijkheden onderzocht om hun locaties te verduurzamen en CO₂-neutraal te worden. Op de productielocatie in Lomm (Limburg) leidde een toename in biogasgebruik tot een forse CO₂-reductie. In Steenderen (Gelderland), waar Aviko naast dat er het hoofdkantoor gevestigd is, ook geproduceerd wordt, hebben projecten voor restwarmtegebruik ook een flinke CO₂-reductie opgeleverd. In de fabriek in Poperinge (België) is de productie-efficiëntie met ruim 30 procent verbeterd, wat zich vertaalt in een aanzienlijke CO₂-besparing per ton product.

woensdag 27 november 2024

Rijden auto’s straks op rot zeewier?

Een start-up Rum and Sargassum combineert afvalwater van rumfabrieken met rottend zeewier om biogas te produceren. Dit gas kan vervolgens gebruikt worden om auto’s aan te drijven. Daarvoor is slechts een simpele aanpassing aan de auto nodig, vergelijkbaar met auto’s die op samengeperst aardgas rijden.

In Barbados spoelt zeewier door stijgende watertemperaturen en vervuiling steeds vaker aan op de stranden. Zodra het aan land komt, begint het te rotten.

Het bedrijf is er al in geslaagd om een prototype aan de praat te krijgen. Met de technologie hoopt het bedrijf uiteindelijk 80.000 auto’s op Barbados van brandstof te voorzien, dat is zo’n tweederde van alle auto’s op het eiland. Dit zou niet alleen miljoenen ton CO2-uitstoot voorkomen, maar ook de brandstofkosten halveren.

dinsdag 26 november 2024

Onderzoek wil aantonen dat waterstof veilig kan worden opgeslagen in lege gasvelden

Ondergrondse waterstofopslag kan cruciaal zijn voor de stabiliteit van toekomstige energiesystemen, die voornamelijk afhankelijk zullen zijn van wind- en zonne-energie. Een Europees onderzoeksproject, genaamd ‘EUH2STARS’ (European Underground Hydrogen Storage Reference System), wil aantonen dat waterstof veilig, betrouwbaar en betaalbaar kan worden opgeslagen in lege gasvelden.

In dit project werken TNO, Energie Beheer Nederland (EBN) en Shell samen met organisaties uit Oostenrijk, Spanje en Hongarije. Het doel is om te bewijzen dat waterstof veilig, betrouwbaar en betaalbaar kan worden opgeslagen in lege gasvelden.

Het EUH2STARS-onderzoeksproject ontvangt een Europese subsidie van €20 miljoen. Onder leiding van RAG Austria richt het project zich op zowel de technische als maatschappelijke aspecten van ondergrondse waterstofopslag in lege gasvelden.

Volgens de betrokken partijen is het toekomstige energiesysteem sterk afhankelijk van wind- en zonne-energie, die in Nederland en elders in Europa wordt geproduceerd. Dit betekent dat de energieproductie per dag en seizoen varieert, en deze fluctuaties moeten worden opgevangen.


maandag 25 november 2024

Mogelijkheden voor mestverwerking verkennen

Er zijn grote zorgen in de agrarische sector over de situatie op de mestmarkt. Daarom wil minister Femke Marije Wiersma van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) zorgen dat de mest ook goed verwerkt of vergist kan worden tot bijvoorbeeld kunstmest of groen gas. Daarvoor stelt de minister Raymond Knops aan om te verkennen hoe de vergunningverlening voor mestverwerkingscapaciteit te vergroten. De verkenner brengt in kaart welke kansen er zijn en hoe knelpunten in de vergunningverlening voor mestverwerking (en – vergisting) kunnen worden opgelost.

Voormalig minister Raymond Knops gaat eerst verkennen hoe de vergunningverlening bij provincies nu loopt en waar knelpunten zitten. Dit is een wisselwerking tussen wat private partijen nodig hebben voor optimale mestverwerking en hoe de provincies dit kunnen faciliteren. Er zijn goede voorbeelden te noemen van organisaties, samenwerkingsverbanden, die zich bijvoorbeeld inzetten om duurzaam gas uit mest te halen (groen gas). Dit soort trajecten wil de minister stimuleren en daar speelt de vergunningverlening een belangrijke rol.

Mestverwerking is een van de sporen om de huidige druk op de mestmarkt te verlichten. In de Kamerbrief van september 2024 staat het complete pakket beschreven, dat ook bestaat uit stimuleren van de exportmarkt, onderzoek naar verwerking dierlijke mest in potgrond, RENURE, aanpassing stikstofexcretieforfaits en afroming bij verhandelen van dierrechten in verschillende sectoren. De mestverwerking is een belangrijk spoor omdat dierlijke mest nuttige nutriënten bevat voor andere doeleinden. Naast dat het een oplossing is voor de huidige situatie op de mestmarkt kan het ook een verdienmodel worden voor de boer.

vrijdag 22 november 2024

Súdwest-Fryslân daagt markt uit om waterstof verder te ontwikkelen in Bolsward

Samen met vier Bolswarder bedrijven onderzocht gemeente Súdwest-Fryslân de mogelijkheid voor productie van waterstof in Bolsward. Nu de onderzoeken zijn afgerond, daagt de Friese gemeente de markt uit om waterstof in Bolsward verder te ontwikkelen, omdat er kansen liggen.

Waterstof kan een serieuze rol gaan spelen in Bolsward. Alle mogelijkheden en voorwaarden voor waterstof komen in Bolsward samen. Dat is de conclusie uit verschillende haalbaarheidsonderzoeken die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd.

Zo hebben meerdere bedrijven aangegeven waterstof te willen afnemen. Ook is er duurzame elektriciteit in de omgeving aanwezig via Windpark Fryslân, ‘s werelds grootste windpark in binnenwater. Dit is gunstig, omdat de opwek van waterstof veel stroom vereist.

Voor de warmte en zuurstof die vrijkomen bij het maken van waterstof, is ook al een invulling. Met de warmte kunnen huizen in Bolsward verwarmd worden. En de zuurstof die vrijkomt kan Wetterskip Fryslân gebruiken voor het zuiveren van rioolwater. Kortom, in Bolsward komen alle elementen samen die maken dat hier de productie van waterstof logisch is.

Om waterstof te gebruiken voor energie en verwarming, moet er een waterstoffabriek worden gebouwd. Na de regie te hebben gepakt in de onderzoeken, daagt de gemeente Súdwest-Fryslân nu de markt uit om een waterstoffabriek te bouwen. Er ligt een mooie kans voor marktpartijen. De gemeente zegt zich daarbij te willen opwerpen als gesprekspartner voor deze partijen en de omgeving.

woensdag 20 november 2024

ACM publiceert uitleg nieuwe regels derdentoegang waterstofterminals

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) publiceert een Q&A met uitleg over de nieuwe regels over zogenoemde derdentoegang tot waterstofterminals. De ACM vindt het als de beoogd toezichthouder op waterstofinfrastructuur in Nederland belangrijk dat de regels voor derdentoegang tot waterstofterminals voor marktpartijen duidelijk zijn. Dit kan bijdragen aan investeringszekerheid en daarmee de totstandkoming van een importketen voor waterstof in Nederland bevorderen. Dit draagt bij aan een versnelling van de energietransitie.

Derdentoegang betekent dat waterstofterminalbeheerders aan (potentiële) gebruikers toegang moeten bieden tot de capaciteit van hun waterstofterminal. Op basis van nieuwe Europese regels moeten waterstofterminalbeheerders vanaf 2025 derdentoegang bieden tot hun waterstofterminal.
In Nederland zal een systeem van onderhandelde derdentoegang gaan gelden. Hierbij is het aan de waterstofterminalbeheerder om met (potentiële) gebruikers van de terminal onderling afspraken te maken over voorwaarden en tarieven waartegen zij gebruik kunnen maken van de terminal. Beide partijen zijn daarbij verplicht te goeder trouw over toegang te onderhandelen. Hierbij gelden algemene principes, zoals transparantie en non-discriminatie.

In een waterstofterminal wordt een per schip geïmporteerde waterstofdrager, zoals ammoniak, afgeladen en omgezet naar gasvormige waterstof. Deze waterstof kan vervolgens via een waterstofnetwerk worden vervoerd naar (industriële) afnemers.

dinsdag 19 november 2024

Algenkwekerij gevoed met CO2-uitstoot van biogasvergister

Het groene afval van de agrarische sector zo duurzaam mogelijk te verwerken tot groen gas, dat was de doelstelling van Sustenso.

Het bedrijf richt zich nu op de circulaire verwerking van de bijproducten van de biogas-productie; CO2 en digestaat.

Met behulp van de Rabobank, de overheid en investeerders is een state of the art vergistingsfabriek gebouwd in de Boekelermeer.

In de demonstratiehal van InVesta Expertise Centrum staat nu een indrukwekkende algenfabriek in het klein. In een lange zigzaggende buis stroomt zo’n vijfhonderd liter vloeistof waarin de algen groeien. Er wordt zonlicht nagebootst met LED verlichting en continu CO2 toegevoegd vanuit een kleine vergister. 

Voor Sustenso is het niet voldoende om alleen de CO2 die vrijkomt bij de biogas-productie in te zetten voor de groei van algen. Ze willen volledig circulair werken.

'We streven er daarbij naar om alle componenten van de alg aan onze afnemers te kunnen leveren. Sommige algenkwekerijen kweken bijvoorbeeld alleen voor de olie. Dat is maar 10 tot 15% van de alg, de rest gooien ze weg. Dat strookt niet met de doelstellingen van Sustenso. Wij gebruiken alles.'

maandag 18 november 2024

Mestoverschot Overijssel wordt duurzame goudmijn

Over vijf jaar moet de helft van alle mest die boeren in Overijssel produceren, omgezet worden in biogas en groen gas.

In Overijssel moeten met grote snelheid nieuwe mestvergisters gebouwd worden. Dat is nodig omdat de provincie wil dat er veel méér biogas geproduceerd gaat worden. Zo’n 100.000 kubieke meter.

Er is sprake van een enorm mestoverschot in Overijssel. En dat overschot wordt alleen maar groter door de afschaffing van de Europese uitzonderingsregel voor Nederland.

Groengas is opgewerkt biogas en kan als directe vervanging dienen voor aardgas in woningen en andere gebouwen, waar een warmtepomp of warmtenet niet toe te passen is.

Op dit moment wordt nog geen vijf procent van de Overijsselse mest vergist tot biogas. Dat moet naar vijftig procent van de Overijsselse mest, over vijf jaar.

donderdag 14 november 2024

GAFT en Hogeschool Utrecht ontwikkelen vliegtuigbrandstof

Aan Hogeschool Utrecht (HU) werken onderzoekers en studenten samen met startup GAFT BV aan een opvallende innovatie: duurzame kerosine, geproduceerd uit CO₂ uit de lucht. Deze ontwikkeling zou een grote stap kunnen betekenen richting verduurzaming van de luchtvaart, een sector die bekendstaat om zijn hoge CO₂-uitstoot.

Marien de Jonge, medeoprichter van GAFT BV, werkt samen met de HU aan een baanbrekende vorm van kerosine, ook wel Sustainable Aviation Fuel (SAF) genoemd. 'We zetten CO₂ uit de lucht om in voedingsstoffen, waarmee we micro-organismen laten groeien die vetten produceren. Vervolgens worden die vetten omgezet in SAF”, legt De Jonge uit. De CO₂ wordt in eerste instantie afgevangen bij fabrieken die een hoge uitstoot hebben. Uiteindelijk willen we ons primair richten op biogene CO₂ die bijvoorbeeld geproduceerd wordt in biovergisters.'

Opschalen van het proces om SAF te maken met vetten uit micro-organismen is eenvoudiger dan bijvoorbeeld met gebruikt frituurvet, een andere bron voor SAF die nu al in gebruik is. Er is hiervoor simpelweg te weinig frituurvet beschikbaar. De vetten uit micro-organismen zijn daarom een mooie aanvulling op de al bestaande methode om SAF te maken. Er is namelijk veel SAF nodig om duurzaam vliegen mogelijk te maken.

De volgende stap is om het productieproces van duurzame kerosine op te schalen naar industrieel niveau. 'We hebben al bewezen dat we de grondstof voor SAF kunnen maken die chemisch sterk lijkt op de grondstof voor SAF die geproduceerd wordt uit frituurvet. Nu werken we aan verdere optimalisatie en opschaling, dat is een enorme uitdaging.'

dinsdag 12 november 2024

Nobian en Gas Storage Denmark starten samenwerking gericht op ontwikkeling waterstofopslag

Nobian en GSD werken samen om de mogelijkheden voor energieopslag cavernes in Denemarken te onderzoeken, inclusief waterstofopslag. Met de samenwerking willen de partijen bijdragen aan de ontwikkeling van belangrijke energie- en waterstofinfrastructuur en de energietransitie. Dansk Salt, met meer dan 60 jaar ervaring in zoutwinning en uitgebreide ervaring in de bouw en exploitatie van zoutcavernes in Denemarken, maakt deel uit van Nobian, dat aanvullende expertise in oplossingen voor energieopslag meebrengt. GSD, een dochteronderneming van Energinet, heeft meer dan 30 jaar ervaring in ondergrondse gasopslag.

Met de samenwerking willen beide bedrijven het Deense potentieel voor de opslag van hernieuwbare energie onderzoeken. Daarnaast zien ze en belangrijke rol voor Denemarken als een toonaangevende hub voor de opslag van waterstof in de Scandinavische regio. De samenwerking sluit aan op Nobian’s ambitieuze duurzaamheidsprogramma “Grow Greener Together ”. Het bedrijf wil een van de duurzaamste chemiebedrijven in de EU zijn, met nul uitstoot in 2040 en 100% hernieuwbare energie.

Het MoU is ondertekend tijdens het werkbezoek van Zijne Majesteit Koning Willem Alexander aan Denemarken en Noorwegen op 12 en 13 november. Hij werd daarbij vergezeld door Sophie Hermans, minister van Klimaatbeleid en Groene Groei. Het bezoek was gericht op de ontwikkeling van de waterstofmarkt in Noordwest-Europa, met als hoofdthema's waterstof en het energiesysteem van de toekomst. Zijne Majesteit Koning Frederik X van Denemarken en Zijne Koninklijke Hoogheid Kroonprins Haakon van Noorwegen voegden zich bij de Koning voor delen van het programma. Een Nederlandse delegatie van bedrijven die actief zijn op het gebied van waterstof en energie-infrastructuur, waaronder Nobian, nam ook deel.

donderdag 7 november 2024

Promovendus speelt belangrijke rol in haalbaarheid geavanceerde bio-raffinaderij

Arjan Smit mag zichzelf met recht een uitvinder noemen. Op vijf patenten in de bio-raffinage prijkt zijn naam bovenaan. Hij werkt al vijftien jaar bij TNO en in 2019 zocht hij de samenwerking op met de Utrechtse hoogleraar Pieter Bruijnincx om te promoveren en zijn werk een stap verder te brengen. De resultaten daarvan dragen nu voor een belangrijk deel bij aan de haalbaarheid van een geavanceerde bio-raffinaderij op demoschaal. Smit promoveerde op 4 november.

De bio-raffinaderij speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van een duurzame, op biomaterialen gebaseerde economie. Hier worden verschillende soorten biomassa, zoals snoei- en agrarisch restafval, bermgras, riet en zelfs notendoppen, omgezet in bouwstenen voor uiteenlopende producten, waaronder bouw- en verpakkingsmaterialen, coatings, bioplastics en biobrandstoffen. Bio-raffinaderijen zouden op termijn fossiele olieraffinaderijen kunnen vervangen, maar vooralsnog zijn ze vaak niet genoeg concurrerend, onder meer vanwege de hoge proceskosten.

Tijdens zijn promotieonderzoek, en in de periode daarvoor, heeft Smit, samen met een team van TNO, ontdekkingen gedaan die de concurrentiepositie en duurzaamheid van een bio-raffinaderij aanzienlijk verbeteren. Door te sleutelen aan het Organosolv-scheidingsproces, hebben zij een manier gevonden om op een kosten-efficiënte manier hoogwaardige groene bouwstenen, zoals cellulose, suikers en lignine, te isoleren uit biomassa.

Een andere belangrijke ontdekking betreft de flexibiliteit van het proces om deze stoffen te isoleren uit allerlei soorten biomassa-residuen: iets wat de haalbaarheid én duurzaamheid van een fabriek verder vergroot. “We kunnen nu tachtig tot vijfennegentig procent van de biomassa omzetten naar hoogwaardige groene bouwstenen”, aldus Smit. “Het nieuwe proces presteert uitstekend qua productopbrengst, economie én duurzaamheid, iets waar onderzoekers eerder niet in zijn geslaagd.”

Pieter Bruijnincx begeleidde Smit tijdens zijn promotieonderzoek. Hij is hoogleraar Duurzame Chemie & Katalyse en expert op het gebied van de verwaarding van biomassa, waaronder lignine en de karakterisering ervan. De samenwerking met Bruijnincx en de Universiteit Utrecht heeft wat Smit betreft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van het proces om hoogwaardige lignine te isoleren. Lignine is een stof die van nature veel voorkomt in planten en kan worden gebruikt als basis voor allerlei toepassingen, zoals isolatieschuim, coatings en lijm voor bijvoorbeeld de bouwsector. Lignine is chemisch zeer complex en erg gevoelig voor afbraak onder te stevige procescondities. “Iets te veel energie en je krijgt platgekookte prut”, aldus Smit.

Mede dankzij de resultaten uit het onderzoek van Smit, werkt TNO, onder de vlag van Biorizon Shared Research Center en samen met Nederlandse en Europese partners, nu aan de ontwikkeling van een bio-raffinaderij op demonstratieniveau. Deze kleinschalige versie van een volwaardige fabriek verwerkt tot één miljoen kilo biomassa per jaar en zet verschillende soorten biomassa om in hoogwaardige bouwstenen, waaronder een hoogwaardige lignine. “Een geavanceerde bio-raffinaderij van dit type op demoschaal is een unieke ontwikkeling”, zegt Smit, die zelf, vanuit TNO, de marktimplementatie coördineert. Het is de bedoeling dat de fabriek groene bouwstenen gaat leveren voor de bouw- en constructiesector. “Dat is een bewuste keuze, omdat we in Nederland een grote ambitie hebben voor biobased bouwen”, licht Smit toe. “Maar de technologie kan voor van alles worden ingezet, van elektronica tot medicijnen.”

woensdag 6 november 2024

Groningen Seaports krijgt ruim € 4.4 miljoen voor waterstofleiding tussen Eemshaven en Delfzijl

Groningen Seaports krijgt een Europese subsidie van ruim 4.4 miljoen euro voor de aanleg van een innovatieve waterstofleiding tussen de Eemshaven en Delfzijl. Het geld komt uit het Just Transition Fund (JTF). Het Just Transition Fund is een Europees subsidieprogramma dat bijdraagt aan de overgang naar een Klimaatneutraal Europa. Gedeputeerde Henk Emmens  overhandigde op 6 november tijdens de Groninger Promotiedagen in Martiniplaza symbolisch een cheque aan CEO Cas König van Groningen Seaports.  
 
HyNetworkServices (HNS) werkt hard aan de aanleg van een landelijk hogedruk-transportnetwerk voor waterstof, waaronder ook een leiding tussen de Eemshaven en Delfzijl. Tijdige beschikbaarheid van groene waterstof is op dit moment een belangrijke vestigingsvoorwaarde voor bedrijven in de Eemshaven en Delfzijl en van groot belang voor de verdere ontwikkeling van de duurzame industrie in de regio.  De zogeheten 'Kickstartleiding' is een lagedruk-waterstofleiding die niet alleen aanzienlijk sneller aangelegd kan worden  door een slimme aanlegtechniek, maar ook een hoge zuiverheid van waterstof als pluspunt heeft.

De Kickstartleiding is ontwikkeld onder regie van de stichting NorthGrid, die zich inzet voor de ontwikkeling van ondergrondse infrastructuur in Noord-Nederland.
 
Met de aanleg en ontwikkeling van de Kickstartleiding is een bedrag van 15 miljoen euro gemoeid. Het Just Transition Fund draagt hier 4,4 miljoen aan bij. Het JTF – ook wel het 'fonds voor een rechtvaardige klimaattransitie' - is een Europees fonds voor gebieden die het zwaarst worden getroffen door de overgang naar een groene economie. Hiermee wil de Europese Unie de sociaaleconomische ongelijkheid verkleinen. Het JTF komt voort uit de Europese Green Deal, het programma voor een klimaatneutraal Europa in 2050. Om deze overgang in Noord-Nederland te bereiken is 330 miljoen euro toegezegd tot 2027. In de komende jaren (t/m 2027) worden hiervoor meerdere subsidies beschikbaar gesteld.

Het JTF is uitgewerkt door de provincies Groningen, Drenthe en Fryslân, de gemeente Emmen en de Arbeidsmarkttafel Noord-Nederland (een publieke samenwerking tussen de drie Noordelijke Arbeidsmarktregio’s - dit zijn de gemeente en UWV - en de drie noordelijke provincies). Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) voert de JTF-subsidies uit.


maandag 4 november 2024

Een gevechtstank op waterstof

Het dochterbedrijf Rotem van Hyundai ontwikkelt gevechtstanks die rijden op waterstof in plaats van fossiele brandstoffen. Dit zal stapsgewijs gebeuren.

De eerste voertuigen zullen bestaan uit waterstof- en dieselmotoren en zijn dus hybride gevechtsvoertuigen te noemen.

De tanks moeten niet alleen duurzamer, maar ook kwalitatief beter worden.

De brandstofceltechnologie zal ook het geluid van de tank drastisch verminderen. Door veel minder bewegende onderdelen zouden de voertuigen op waterstof ook minder onderhoud nodig hebben.

maandag 28 oktober 2024

Twence start bouw groen gasinstallatie

Twence gaat van start met de bouw van een groen gasinstallatie, waarmee groen gas uit GFT-afval zal worden geproduceerd. Met de nodige vergunningen binnen en de bouwvoorbereidingen in volle gang, verwacht Twence eind 2025 het eerste groene gas in het bestaande aardgasnet in te voeden. Deze duurzame stap draagt bij aan het aardgasvrij maken van 1.700 huishoudens in de regio. Twence is daarmee de eerste leverancier die groen gas zal leveren via het bestaande gasnet in Hengelo.

GFT-afval wordt bij Twence omgezet in biogas. In de nieuwe installatie zal dit biogas vervolgens worden opgewerkt en gezuiverd tot groen gas, dat kan worden bijgemengd op het reguliere gasnet. Dit betekent dat er minder fossiel aardgas nodig is voor het verwarmen van woningen en industrie. Minder uitstoot van stikstof en CO₂ dus. Marc Kapteijn, algemeen directeur van Twence, licht toe: "Met deze installatie kunnen straks 1.700 huishoudens aardgasvrij worden. Het is belangrijk om het gebruik van fossiel aardgas zoveel mogelijk terug te dringen. Elektrisch verwarmen en warmtenetten zijn goede alternatieven, maar waar dat niet kan, biedt groen gas een duurzame oplossing."

Met de realisatie van deze groengasinstallatie vergroot Twence haar energierendement, verlaagt het haar CO₂-uitstoot en stikstofemissie. De bouw van de installatie start in 2024 en eind 2025 zal het groene gas beschikbaar zijn voor huishoudens en bedrijven via het bestaande aardgasnet van Enexis in Hengelo.

donderdag 24 oktober 2024

Dubbele belasting zit groei van groen gasproductie in de weg

NVDE, Energie-Nederland, LTO Nederland en het Platform Groen Gas hebben de krachten gebundeld om een fiscale vergroeningsmaatregel te realiseren bij de behandeling van het Belastingplan 2025. Zij bepleiten een inputvrijstelling van energiebelasting bij de productie van groen gas. Er is momenteel sprake van een dubbele heffing, omdat producenten ook belasting betalen over het gas dat ze leveren aan afnemers. Eenzelfde dubbele heffing is voor de productie van waterstof reeds geëlimineerd. Het doortrekken van deze lijn naar groen gas geeft een belangrijke impuls aan productie-installaties in Nederland en heeft een licht dempende werking op de prijs voor afnemers van groen gas.  

Tijdens het productieproces van groen gas wordt energie gebruikt om bijvoorbeeld de installatie op temperatuur te brengen of om biogas op te waarderen naar aardgaskwaliteit. Dit groene gas kan dan één op één ingezet worden als aardgasvervanger, waarmee de CO2-uitstoot van het gassysteem wordt gereduceerd. Over de energie die nodig is om groen gas te kunnen produceren wordt energiebelasting geheven. Gekoppeld aan de belasting over de levering van groen gas aan de eindafnemer betekent dit een dubbele heffing op dezelfde energiestroom. De belasting op energie benodigd voor de productie van groen gas, werkt kostenverhogend voor projecten die de opschaling van groen gas voor onder andere de aankomende Bijmengverplichting moeten realiseren.  

Dat deze dubbele belasting in het Belastingplan 2025 overeind blijft, noemen de betrokken partijen een weeffout. Europese kaders wijzen in de richting van het voorkómen van dubbele heffingen. Nota bene het Ministerie van het Financiën zelf noemt in het rapport “Naar een toekomstige energiebelasting” dit fenomeen een knelpunt in de energieketen van hernieuwbare gassen (Kamerstuk 32140-195). Daar komt bij dat in het Belastingplan de reeds bestaande vrijstelling voor de productie van waterstof via elektrolyse nog verder wordt uitgebreid. Dit leidt tot ongelijke behandeling van productie van groene moleculen in het energiesysteem. Het realiseren van de Inputvrijstelling op de energiebelasting is derhalve een vergroeningsmaatregel die een fiscale weeffout herstelt.

woensdag 23 oktober 2024

Duitsland bouwt mega-netwerk voor waterstof

De Duitse overheid heeft groen licht gegeven voor de aanleg van een enorm waterstofnetwerk dat het hele land zal doorkruisen. Met een prijskaartje van 18,9 miljard euro is dit één van de grootste infrastructuurprojecten van Europa op het gebied van duurzame energie.

Het nieuwe netwerk, dat in 2032 volledig operationeel moet zijn, verbindt belangrijke industriegebieden met elkaar via meer dan 9.000 kilometer aan pijpleidingen.

Het project is zo’n 600 kilometer korter uitgevallen dan oorspronkelijk gepland. De aangepaste plannen zouden zorgen voor een efficiënter netwerk zonder overbodige verbindingen.

Het project kent echter uitdagingen. Zo haakte de Noorse energiegigant Equinor recent af als potentiële waterstofleverancier vanwege te hoge kosten en onzekere afzetmarkt. Ook grote afnemers zoals staalbedrijf Thyssen-Krupp twijfelen nog over de overstap naar waterstof.

vrijdag 18 oktober 2024

Essent en Circul8.energy ontwikkelen 20 megawatt elektrolyser voor groene waterstof in Flevoland

Essent en Circul8.energy hebben een overeenkomst getekend om samen een 20 megawatt elektrolyser in Flevoland te bouwen. Deze installatie zal jaarlijks ongeveer 2100 ton groene waterstof produceren met behulp van wind- en zonne-energie.

De elektrolyser wordt aangesloten op het Smart Grid Flevoland, een gesloten distributiesysteem met 300 megawatt aan wind- en zonne-energie. Door de lokale opwek en het directe gebruik van deze energie wordt het elektriciteitsnet ontlast en hoeven energiebronnen niet langer stilgezet te worden bij overcapaciteit.

De groene waterstof is bedoeld voor verschillende sectoren, zoals transport en logistiek.

De komende maanden werken Essent en Circul8.energy verder aan de laatste stappen om tot een definitief investeringsbesluit te komen. De eerste waterstofproductie wordt eind 2026 verwacht.

De elektrolyser is de eerste fase van project HyDeer, dat gericht is op de productie van 100% groene waterstof. Het project is modulair opgebouwd en kan worden uitgebreid tot een capaciteit van 105 megawatt, wat neerkomt op een productie van meer dan 11.000 ton waterstof per jaar. De 20 megawatt elektrolyser is hierin de eerste cruciale stap. Om het project te kunnen realiseren, is de afgelopen twee jaar intensief samengewerkt met de provincie Flevoland en gemeente Lelystad.

donderdag 17 oktober 2024

Engie koopt met Biogas Bree eerste Belgische fabriek voor groen aardgas

Amper enkele weken nadat Biogas Bree gestart is met de verkoop van biomethaan - groen aardgas - wordt het bedrijf overgenomen door Engie.

De deal volgt op gelijkaardige overnames van de Franse energiereus in Nederland en het VK.

Het Limburgse bedrijf is al sinds 2011 actief in groene energie en produceerde biogas uit de vergisting van organisch afval. Dat werd gebruikt als brandstof om een eigen warmtekrachtkoppelingsinstallatie te laten draaien. Vorig jaar kondigde het bedrijf aan dat het dat biogas zou opzuiveren tot biomethaan.

woensdag 16 oktober 2024

Flix bussen op biogas

Voortaan rijden er vijf hagelnieuwe Flix bussen routes van Eindhoven, via Brussel en Amsterdam, weer terug naar de de lichtstad in Brabant. Niet met dampende dieselmotoren, maar op biogas.

Het is op een totaal van 5500 dieselbussen van het bedrijf wereldwijd niet veel, maar samen met vijf van deze milieuvriendelijke bussen die al in Duitsland rijden, is het een begin.

De vijf nieuwe bussen gaan rijden van Eindhoven naar Brussel, dan naar Amsterdam en terug naar Eindhoven en omgekeerd. Op het grote Shell tankstation in Eindhoven Acht wordt de bus weer vol vloeibaar biogas getankt en maakt hij de rit opnieuw. Voorlopig is dit nog aardgas met bijmenging van 30 procent biologisch gewonnen gas.

Foto: Florian Fèvre

dinsdag 15 oktober 2024

Nederlands groen waterstofproject Duwaal breidt uit naar Egypte

Een consortium van drie Nederlandse bedrijven—HYGRO, SoluForce en DEBCO—heeft een strategisch partnerschap gesloten met de Suez Kanaal Economische Zone (SCZONE) van Egypte om groene waterstof te ontwikkelen en distribueren. Voortbouwend op het succes van het Nederlandse project Duwaal Wind to Wheel, zal deze nieuwe samenwerking ook zonne-energie integreren om een duurzaam waterstofecosysteem in Egypte te creëren.

Met financiële steun van de Nederlandse overheid (RVO) heeft het consortium een samenwerkingsovereenkomst getekend met SCZONE om de haalbaarheid te onderzoeken van het repliceren van het Nederlandse Duwaal-project in een van de havens van SCZONE. De innovatieve 'Hub iBundle en Satellite' strategie van het project integreert wind- en zonne-energie met elektrolyse voor waterstofproductie. De waterstof wordt via pijpleidingen naar een centraal knooppunt getransporteerd, opgeslagen en gedistribueerd naar satelliettankstations met behulp van iBundles, wat waterstofmobiliteit in de regio mogelijk maakt.

Het voorgestelde 'Wind & Solar to Wheel in Egypt' project ondersteunt de langetermijndoelstellingen van Egypte op het gebied van duurzaamheid, met als doel de CO2-uitstoot te verminderen en de adoptie van groene brandstoffen te bevorderen. De schaalbaarheid van dit project positioneert Egypte als een potentiële leider in de productie van groene waterstof, met de mogelijkheid om in de toekomst hernieuwbare waterstof naar Europa te exporteren.

De economische regio van het Suezkanaal, bekend om zijn strategische ligging, biedt een ideale omgeving voor grootschalige productie van groene waterstof. Het gebied streeft ernaar een belangrijke hub voor hernieuwbare energie te worden in het Midden-Oosten en een exporteur naar Europa, wat bijdraagt aan de visie van Egypte om een regionale kernspeler te worden in de productie van groene energie.

Het consortium zal een haalbaarheidsstudie uitvoeren, ondersteund door de DHI-subsidie van de RVO, om de meest geschikte locatie te beoordelen voor de productie van groene waterstof en de plaatsing van tankstations binnen SCZONE. De studie zal ook de regelgevende mogelijkheden en beperkingen in Egypte onderzoeken. Bij positieve resultaten zal het project leiden tot de export van HYGRO- en SoluForce-producten naar Egypte, waarmee een cruciale schakel in de wereldwijde leveringsketen van groene waterstof wordt gelegd.

maandag 7 oktober 2024

Groene waterstof voor staalproductie

Waterstof is een brandbaar gas. Het is kleurloos, geurloos, niet giftig en bevat geen koolstof. Er kan mee worden gekookt of verwarmd. Met waterstof vervangen wij aardgas in ons productieproces.Wij gaan schoon staal maken.

Waterstof wordt met elektriciteit uit water (H2O) gehaald. Water wordt gesplitst in waterstof en zuurstof. Als waterstof verbrandt, komt warmte en water vrij. Die energie wordt (via elektrolyse) opgeslagen in waterstof en komt weer vrij door waterstof te verbranden.

Of waterstof een schone energiebron is, hangt van de productie af. Op dit moment wordt waterstof vooral met aardgas gemaakt. Daarbij komt CO2 vrij. Dit heet grijze waterstof. Er is ook blauwe waterstof. Die ontstaat als je de CO2 van de productie afvangt en opslaat, bijvoorbeeld onder de lege gasvelden in de Noordzee.

Tata Steel wil zo snel mogelijk staal produceren met groene waterstof. Die komt van hernieuwbare energiebronnen; zon, water- en windenergie. Vanuit windparken op zee wordt groene stroom naar IJmuiden getransporteerd. Bij het produceren van groene waterstof komt geen CO2 vrij. Zo maken wij groen staal voor een gezond klimaat en een schone omgeving.

donderdag 3 oktober 2024

IndustrieCluster Oost-Groningen kan eerste regionale waterstofcluster van Europa worden

De bedrijven verenigd in het IndustrieCluster Oost-Groningen willen vergroenen. Netcongestie-dreiging en het op dit moment ontbreken van alternatieven voor aardgas maken de ontwikkelingen van blauwe en groene waterstof dringend. Een voorstudie van New Energy Coalition naar vergroeningsmogelijkheden wijst uit dat waterstofproductie uit de Eemshaven bijdraagt aan nieuw economisch perspectief voor de industrie in het Noorden.

Het IndustrieCluster Oost-Groningen is een samenwerkingsverband van uiteenlopende bedrijven die alle in het kader van hun bijdrage aan de energietransitie bezig zijn met het terugbrengen van hun CO2-uitstoot. Zij gebruiken nu als groep ruim 215 miljoen m3 aardgas per jaar, aardgas dat door de snel toenemende CO2-kosten steeds duurder wordt.

Om de vergroeningsmogelijkheden voor het cluster te onderzoeken hebben Catrinus Jepma en Jeffrey Paays van New Energy Coalition, in samenwerking met het cluster en de organisaties die verantwoordelijk zijn voor het aanbod, transport en de aansluiting van energie, een voorstudie gedaan.

Uit de voorstudie komt naar voren dat de overstap van aardgas op waterstof dat ook nog in eigen regio wordt geproduceerd een goede optie is om de CO2-uitstoot van de bedrijven terug te brengen, ook omdat netcongestie en hoge netwerktarieven een bottleneck zijn voor elektrificatie en elektrificatie voor sommige bedrijven technisch niet mogelijk of lastig is. Het nationaal waterstofnet dat vanuit de Eemshaven wordt uitgerold en de inzet van de regio Groningen om zich te ontwikkelen tot een toonaangevende waterstofregio om het aardgastijdperk achter zich te laten, maken de keuze voor de inzet van waterstof alleen maar logischer. Het IndustrieCluster Oost-Groningen kan met deze overstap zelfs het eerste regionale waterstofcluster van Europa worden. Daarbij zal ook om redenen van kosten waarschijnlijk eerst een mengsel van regionaal geproduceerde groene en blauwe waterstof worden ingezet, waarbij de rol van groene waterstof geleidelijk toeneemt.

De overstap van het IndustrieCluster Oost-Groningen op waterstof helpt de bedrijven om te vergroenen en een aanzet te geven voor de opstart van een regionaal waterstof netwerk met aantrekkingskracht voor andere/nieuwe bedrijven. Maar een dergelijke overstap brengt hoge kosten met zich mee. Allereerst voor de aanleg van een waterstofdistributienet en technische aanpassingen in de bedrijven. Er wordt geschat dit  eenmalig circa 100 miljoen euro kan gaan kosten. Naast deze investeringskosten zullen bovendien de operationele kosten toenemen omdat waterstof in de eerste periode meer kost dan aardgas. Dit betekent dat voor de overstap naar waterstof financiële ondersteuning vanuit de overheid noodzakelijk is. Dan kan de overstap naar waterstof uit eigen regio vóór 2030 gerealiseerd worden. De bedrijven van het IndustrieCluster Oost-Groningen bestendigen daarmee hun waarde als belangrijke leverancier van werkgelegenheid (ca 10.000 banen) en aanjager van de verduurzaming van de regio.

maandag 23 september 2024

Nieuw ontwerp voor lokale waterstofproductie kan overbelast stroomnet verlichten en energietransitie versnellen

Onder leiding van onderzoekers van hogeschool Saxion hebben bedrijven, partners en studenten gezamenlijk een innovatief elektrolysesysteem ontworpen. Dit systeem voor decentrale waterstofproductie gebruikt wind- en zonne-energie om lokaal waterstof te produceren. Vervolgens wordt de waterstof opgeslagen en omgevormd naar energie op het moment dat het nodig is. Dit innovatieve ontwerp, dat voortkomt uit het onderzoeksproject HYGENESYS, helpt netcongestie tegen te gaan en zorgt voor een stabielere duurzame energievoorziening.

Nederland wil in 2050 CO2-neutraal zijn. Hiervoor is grootschalig gebruik van zon- en windenergie noodzakelijk. Maar zon- en windenergie zijn afhankelijk van het tijdstip, de weersomstandigheden en de seizoenen. Om ervoor te zorgen dat er altijd voldoende energie beschikbaar is, is het belangrijk om die energie tijdelijk en grootschalig op te slaan.

Wanneer er een overschot aan duurzame energie is, kan dit worden gebruikt om waterstof te genereren. Doordat het energieoverschot dan wordt opgeslagen in waterstof, vermindert dit de belasting van het stroomnet. De opgeslagen energie in waterstof kan vervolgens weer worden omgezet naar elektriciteit bij windstil en bewolkt weer. Doordat waterstof goed getransporteerd kan worden via (deels bestaande) pijpleidingen kunnen er grote hoeveelheden energie verplaatst worden zonder dat dit zorgt voor extra belasting van het stroomnet.

Er is nog niet veel aandacht voor het ontwikkelen van decentrale elektrolysesystemen en lokale opwekking van waterstof. Met project HYGENESYS is, samen met verschillende partners, belangrijke expertise ontwikkeld en is er door de betrokkenheid van studenten een bijdrage geleverd aan het opleiden van toekomstige werknemers op dit gebied. Door verschillende partners en disciplines samen te brengen, is er een toekomstgerichte aanpak gecreëerd. Het uiteindelijke doel is om een waterstofproductiesysteem op de H2Hub in Twente te realiseren en onderzoek te doen naar decentrale industriële toepassingen van waterstof. Op termijn zal ook de residentiële toepassing van decentrale waterstof getest worden.

HYGENESYS is een RAAK MKB-project en onderdeel van de strategische samenwerking tussen hogeschool Saxion en de HAN op het gebied van decentrale waterstof. Voor het HYGENESYS-onderzoekproject werken uiteenlopende partijen samen: Boessenkool, Cogas, Demcon, H2Hub Twente, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, HyMatters, Jotem, Kiemt, Kiwa, Powerspex, ROC van Twente, Hogeschool Saxion, Universiteit Twente, VDL Energy Systems en Waterschap Vechtstromen. Studenten, onderzoekers, bedrijven en partners onderzoeken samen de mogelijkheden voor waterstofproductie via decentrale elektrolysesystemen.  Dat doen zij onder leiding van het lectoraat Sustainable Energy Systems van hogeschool Saxion. Het project is uitgevoerd bij de H2Hub Twente in Almelo.

donderdag 19 september 2024

In 2026 definitief apart tarief voor waterstof in energiebelasting

Er komt in 2026 definitief een apart tarief in de energiebelasting voor waterstof. Dat heeft het kabinet bekendgemaakt op Prinsjesdag, meldt Solar Magazine.

In het Belastingplan 2025 schrijft het ministerie van Financiën dat waterstof helpt bij de overgang van fossiele brandstoffen en het diversifiëren van de energiemix. ‘De productie van hernieuwbare en koolstofarme waterstof heeft evenwel vooralsnog een aanzienlijke onrendabele top ten opzichte van aardgas. In de energiebelasting wordt energetisch verbruik van waterstof nu nog hetzelfde belast als energetisch verbruik van aardgas. Daardoor is er op dit moment bij energetische toepassingen geen fiscale prikkel om aardgas te vervangen door waterstof. De energiebelasting op aardgas stijgt bovendien richting 2030.’

Het kabinet stelt voor om met ingang van 1 januari 2026 energetisch verbruik van waterstof in de energiebelasting te belasten met een separaat tarief dat lager is dan het tarief voor aardgas. ‘Daarmee wordt voorkomen dat de energiebelasting een remmende werking heeft op de energetische toepassing van waterstof waar het als vervanging kan dienen voor aardgas’, duidt het ministerie.’

dinsdag 17 september 2024

Essent en Bosch Thermotechniek tekenen overeenkomst: 100 ton groene waterstof per jaar

Essent en Bosch Thermotechniek tekenen een overeenkomst voor de levering van 100 ton groene waterstof per jaar. Vanaf februari 2025 levert Essent de eerste groene waterstof aan Bosch Thermotechniek. De groene waterstof zal worden ingezet voor het duurtesten met waterstofketels in het nieuwe testcentrum van Bosch in Deventer. De overeenkomst loopt voor een periode van twee jaar. Dit is de eerste keer dat Essent op deze schaal groene waterstof levert aan een industriële partner.  

De groene waterstof wordt in de eerste fase in Duitsland geproduceerd middels elektrolyse en vanuit daar in tubetrailers vervoerd naar Deventer. Voor de import en het distribueren werkt Essent nauw samen met moederbedrijf E.ON.

In de tweede fase van de samenwerking wordt Bosch Thermotechniek voorzien van lokaal geproduceerde waterstof. Hiervoor werkt Essent aan de ontwikkeling van een 2,5 megawatt elektrolyser op het terrein van Bosch Thermotechniek in Deventer. In het najaar van 2024 start Essent met het bouwen van het waterstofstation dat naar verwachting in januari 2025 wordt opgeleverd. Na een laatste controle kan vanaf februari de groene waterstof geleverd worden.

De overeenkomst tussen Essent en Bosch Thermotechniek is onderdeel van het samenwerkingsverband GROHW (Green Oxygen, Hydrogen and Wasteheat) tussen bedrijven, overheid en kennisinstellingen uit Deventer. Samen werken we aan het ontwikkelen van ’s werelds eerste lokale waterstofnetwerk op megawatt-niveau voor industriële toepassingen. Het produceren van groene waterstof op lokale schaal en het direct benutten ervan om congestie op het stroomnet te verminderen zijn hierbij belangrijke uitgangspunten.

vrijdag 13 september 2024

'Waterstof opslaan in zoutholtes mogelijk maar lastig'

Het is technisch mogelijk om waterstof op te slaan in zogeheten zoutcavernes in Nederland. Dat concluderen onderzoekers van het Kennisprogramma Effecten Mijnbouw.

Om risico’s zo klein mogelijk te houden, moeten ‘veel preventieve en correctieve maatregelen’ worden genomen en is per locatie onderzoek nodig.

Het onderzoek is in het voorjaar afgerond, maar het Staatstoezicht op de Mijnen (SOdM) deelde pas deze donderdag de conclusies. De onderzoekers raden aan om klein te beginnen en de eerste waterstofopslag continu te monitoren.

Bovendien luidt het advies dat ‘sociale acceptatie’ van ondergrondse waterstofopslag een belangrijke rol speelt.

woensdag 11 september 2024

Draaiing van moleculen kan productie van waterstof aan en uit zetten

Onderzoekers van de faculteit TNW van de Universiteit Twente laten een nieuwe aanpak zien voor het produceren van duurzame brandstoffen. Het onderzoek van Kaijian Zhu toont aan dat het sturen van de lichtgeïnduceerde draaiing van moleculen de productie van waterstof aan en uit kan zetten.

Fotoelektrochemische cellen zijn veelbelovend voor de productie van duurzame brandstoffen, bijvoorbeeld de omzetting van water in waterstof of CO2 in organische moleculen. Helaas beperken de prestaties van de fotokathode in deze cellen nog vaak de efficiëntie. Het huidige onderzoek richtte zich op het manipuleren van het gedrag van de moleculen op het oppervlak van de fotokathode gemaakt van nikkeloxide (NiO).

Wanneer licht wordt geabsorbeerd door de kleurstofmoleculen op het NiO-oppervlak, draaien ze om de scheiding van positieve en negatieve ladingen te bevorderen. Een belangrijke vraag was hoe deze draaiing de prestaties van de fotokathode beïnvloedt. Zhu's onderzoek toonde aan dat door dit draaiingsproces te sturen, de productie van waterstof onder belichting aan of uit kan worden gezet.

Door myristinezuur aan het NiO-oppervlak toe te voegen, konden de onderzoekers de mate van verdraaiing van de kleurstofmoleculen na lichtabsorptie controleren en verminderen. Interessant genoeg maakte de toevoeging van het myristinezuur lichtgeïnduceerde waterstofproductie in water mogelijk, zelfs zonder een waterstofevolutiekatalysator. “Het genereren van waterstof is waarschijnlijk een synergetisch effect van verminderde draaiing van het kleurstof radicaal anion, dat het elektrochemische potentiaal verhoogt. Dit gecombineerd met ladingsoverdracht en reductie van protonen aan het gehydroxyleerde NiO-oppervlak maakt de waterstofproductie mogelijk”, zegt Annemarie Huijser, de corresponderende auteur van dit werk.

Het onderzoek illustreert het belang van het begrijpen van de effecten van lichtgeïnduceerde intramoleculaire draaiing en toont aan dat controle hiervan een eenvoudige ontwerpbenadering mogelijk maakt voor efficiënte fotokatalyse.

zaterdag 31 augustus 2024

500 nieuwe waterstofscooters in Chungdu

Sinds kort staan er 500 nieuwe waterstofscooters bij fietsverhuurstations in de Chinese stad Chengdu.

Het gebruik van waterstof draagt ​​bij aan het terugdringen van de milieuvervuiling door de uitstoot van kooldioxide met 1206 kg te verminderen.

Het brandstofcompartiment onder de stoel bevat 100 gram waterstof, waardoor het voertuig tot 100 km kan rijden. De maximale bewegingssnelheid bedraagt ​​25 km/u.

 
Copyright (c) 2010 Biogas Nieuws and Powered by Blogger.