vrijdag 25 mei 2018

Nieuw inzicht in indirecte veranderingen in landgebruik (ILUC) van biobrandstoffen

De Europese Commissie heeft gevraagd om een systematisch overzicht en analyse van de meest recent wetenschappelijke inzichten met betrekking tot de broeikasgasemissies van indirecte veranderingen in landgebruik (ILUC) als gevolg van het gebruik van biobrandstoffen in de Europese Unie. Specifieke aandacht is besteed aan opties om de wetenschappelijke onzekerheden te verminderen die samenhangen met het inschatten van de ILUC effecten van biobrandstofgebruik, de impact van en interacties met ander EU-beleid en de mogelijkheden om criteria vast te stellen voor de identificatie en certificering van biobrandstoffen met een laag risico op ongewensten ILUC effecten.

De meeste biobrandstoffen die in de EU worden gebruikt zijn gemaakt van conventionele gewassen, zoals tarwe, mais, koolzaad en suikerbieten. De productie van deze gewassen leidt direct en indirect tot verschuivingen in het gebruik van landbouwgrond, wat wordt aangeduid met de term indirect landgebruik (indirect land use change, of ILUC). De conversie van natuurlijke vegetatie naar grasland of naar akkerland leidt tot een afname van koolstof in de boven- en ondergrondse biomassa. Deze  broeikasgasemissies van ILUC kunnen aanzienlijk zijn en kunnen de effectiviteit van het gebruik van biobrandstoffen verminderen om de emissies van conventionele brandstoffen te verminderen.

De richtlijn 2015/1513 van de Europese Unie en de herziene richtlijn 2009/28/EG (Richtlijn Hernieuwbare Energie of Renewable Energy Directive (RED)) eisen dat de Europese Commissie informatie verstrekt over de meest recente wetenschappelijke inzichten over de broeikasgasemissies van ILUC die worden veroorzaakt door het gebruik van biobrandstoffen in de EU.
Een literatuuronderzoek is uitgevoerd waarvoor 1248 relevante onderzoeken zijn geïdentificeerd. Op basis van een selectieproces in twee fasen zijn 105 kwantitatieve ILUC-studies geselecteerd die zijn gepubliceerd na 2012 en 31 landmarkstudies uit 2012 of eerder. Deze studies zijn vervolgens in meer detail geanalyseerd.

De resultaten van de literatuuranalyse laten zien dat de onzekerheden met betrekking tot het schatten van de broeikasgasemissies als gevolg van de ILUC effecten van biobrandstoffen sinds 2012 niet zijn verminderd. ILUC kan niet direct worden gemeten of gekwantificeerd en moet daarom worden gemodelleerd, maar de modelresultaten verschillen vanwege verschillen in aanpak, basis data, model parameters, scenario aannames en regionale dekking.

Een decompositie van modelresultaten laat zien dat het gebruik van biobrandstoffen in de EU leidt tot hogere prijzen van landbouwproducten, wat leidt tot een hogere landproductiviteit en tot de voedselconsumptie vermindert. Ook het gebruik van bijproducten van de productie van biobrandstoffen als substituut van veevoer beperkt het ILUC effect van biobrandstoffen, hoewel in sommige studies een complex substitutieprocessen resulteert in een hoger ILUC effect.

Het resultaat is dat schattingen van de emissies van ILUC van biobrandstoffen aanzienlijk variëren tussen typen biobrandstof en de gebruikte grondstoffen en tussen onderzoeken. Studies die onzekerheden van modelparameters hebben onderzocht, komen tot de conclusie deze onzekerheden een groot effect hebben op de resultaten. Als gevolg van deze en andere onzekerheden is het moeilijk om de wetenschappelijke onzekerheden die gepaard gaan met het schatten van de ILUC-effecten van biobrandstoffen in de nabije toekomst verder te verminderen.

Certificering van biobrandstoffen met een laag ILUC-risico, zoals gedefinieerd in de EU richtlijn 2015/1513, is mogelijk een veelbelovende strategie. Studies die deze opties onderzoeken gaan er van uit dat land of bijproducten uit de land- en bosbouw beschikbaar zijn die kunnen worden gebruikt voor de  productie van biobrandstoffen zonder dat het gebruik te kosten gaat van alternatieve toepassingen.

Echter, empirische informatie over hoeveel verlaten en laag productieve landbouwgrond beschikbaar is voor de productie van biobrandstoffen is zeer onzeker. Verder is het onwaarschijnlijk dat alle negatieve effecten kunnen worden, en aanvullende maatregelen, die buiten het bereik van certificering vallen, zijn nodig, zoals geïntegreerde planning van landgebruik en bescherming van natuurlijke vegetatie. Het literatuuronderzoek toont ook aan dat er weinig of geen informatie beschikbaar is over de gevolgen van ander EU-beleid op de ILUC-effecten van biobrandstoffen.
Dit project is in 2016 en 2017 uitgevoerd door het National Renewable Energy Centre (CENER) in Spanje (projectleider), Wageningen Economic Research,Wageningen Environmental Research en het Planbureau voor de Leefomgeving.

vrijdag 18 mei 2018

Wijk Nieuwveense Landen deze winter verwarmd door duurzame houtpellets

Nog voor de komende winter wordt de nieuwbouwwijk Nieuwveense Landen in Meppel warm gestookt met duurzame houtpellets. Bij de wijk wordt een energiecentrale gebouwd die via grote houtpelletkachels water warm maakt. Via leidingen komt het in alle huizen. Ook komt er een duurzaam koelsysteem om in warme zomers de huizen te koelen met koud water.

woensdag 9 mei 2018

RIVM waarschuwt voor biomassa

Het klonk als een oerdegelijk alternatief: de stook van biomassa als schone energiebron. Helaas, als ideale klimaatoplossing kunnen we dit wegstrepen. Het RIVM waarschuwt dat de stook van hout en groenafval zorgt voor een serieuze toename van fijnstof. Het RIVM, dat vandaag de landelijke uitstootcijfers (zie kader onderaan dit artikel) publiceert, voegt daar nu de zorg voor luchtkwaliteit aan toe. De lucht wordt weliswaar steeds schoner, maar om de normen van de Wereldgezondheidsorganisatie te halen moet de uitstoot van (fijn)stof verder omlaag.

dinsdag 8 mei 2018

Arcadis: 'Verkoop biogas-installaties niet voor eind dit jaar'

Arcadis hoopt zijn aandeel in de Braziliaanse biogas-joint-venture Arcadis Logos Energia (ALEN) tegen het eind van het jaar te verkopen. De zes biogas-installaties die het bedrijf van de hand wil doen, zullen rond september operationeel zijn, zegt Arcadis-CEO Peter Oosterveer in BNR Zakendoen. Daar zijn wel investeringen voor nodig, erkent hij. 'Als we die installaties operationeel maken, wordt er omzet gegenereerd en winst gecreëerd en kunnen we overgaan tot de verkoop van die installaties.'

maandag 7 mei 2018

Hogere biogasproductie bij rioolzuivering

In 2016 steeg de productie van biogas door vergisting van het zuiveringsslib met bijna 8 procent tot 118 miljoen kubieke meter. Dit is bijna een vijfde van de totale biogasproductie in Nederland. De toename komt door verbeteringen in het proces en het streven van de waterschappen om steeds meer slib te vergisten. Circa drie kwart van het geproduceerde biogas wordt ingezet als brandstof in gasmotoren voor de opwekking van elektriciteit. De rest wordt gebruikt voor onder meer verwarming of productie van groen gas, of wordt extern afgeleverd. Een klein deel wordt afgefakkeld of gespuid.


Naar schatting werd rond 0,4 miljoen kilogram fosfor teruggewonnen, vergelijkbaar met circa 10 procent van het fosforgebruik via kunstmest in de landbouw. Door speciale zeeftechnieken werd ook tussen de 3 en 4 miljoen kg cellulose, de grondstof van wc-papier, teruggewonnen. De cellulosepulp kan onder andere worden verwerkt in bouwstoffen of gebruikt worden als grondstof voor bio-plastics. Bij 5 rioolwaterzuiveringsinstallaties werd een deel van het gezuiverde afvalwater hergebruikt, voornamelijk als grondstof voor proceswater in de industrie. In 2016 was dat hergebruik 8 miljoen kubieke meter, ofwel 0,4 procent van het totale volume gezuiverde rioolwater.

zondag 6 mei 2018

Engie zet in op groen gas met overname Biogas Plus

Biogas Plus, actief op het gebied van biovergisting en groen gas, is overgenomen door energieleverancier Engie. Met deze overname wil Engie een grote stap zetten op het gebied van de ontwikkeling van groen gas in Nederland. Engie hoopt een leidende rol in de energietransitie te kunnen spelen en het bedrijf is ervan overtuigd dat groen gas een essentiële rol inneemt in deze transitie.

dinsdag 1 mei 2018

SP: Opnieuw blijkt Biomassa heilloze weg voor Overijssel

De provincie Overijssel leunt in haar transitie naar duurzame energie veel te veel op biomassa. Dat blijkt uit een advies van onderzoeksbureau Atelier Overijssel. Zelfs als er grote innovatie op dit gebied plaatsvindt is er zo veel ruimte nodig om biomassa te produceren dat dit volgens het onderzoeksbureau ‘niet realistisch’ en ‘ruimtelijk niet reëel’ is. SP-Statenlid Harry Broekhuijs is al langer kritisch op het provinciale beleid en wil het rapport zo snel mogelijk bespreken en heeft schriftelijke vragen gesteld aan Gedeputeerde Staten over aanpassing van het huidige beleid.
 
Copyright (c) 2010 Biogas Nieuws and Powered by Blogger.