maandag 11 juli 2022

Contracten voor levering van LNG in Eemshaven vastgelegd

 

Gasunie-dochter EemsEnergyTerminal heeft de eerste klanten gecontracteerd die via de Eemshaven LNG (vloeibaar aardgas) gaan leveren.

ČEZ a.s. en Shell Western LNG B.V. hebben gezamenlijk 7 miljard m3 (Bcm) per jaar aan capaciteit gecontracteerd. Hiermee is een belangrijke voorwaarde rondom zekerheid voor de levering van LNG vastgelegd.

EemsEnergyTerminal verwacht dat de resterende 1 Bcm van de capaciteit in de komende maanden zal worden verkocht.

Tot dit jaar had Nederland alleen een LNG-terminal in de haven van Rotterdam. Met de uitbreiding in de Eemshaven en de optimalisatie van de terminal in Rotterdam verdubbelt de importcapaciteit voor LNG.

De nieuwe LNG-terminal in de Eemshaven zal bestaan uit twee drijvende FRSU’s (Floating Storage and Regasification Units): de Exmar S188 en de Golar Igloo. Onlangs is de S188 aangekomen in de haven Rotterdam waar ze zal worden klaargemaakt voor haar taken in de Eemshaven.

De verwachting is dat beide FSRU's eind augustus in de Eemshaven aankomen. De Golar Igloo zal als eerste een aansluiting krijgen op het Nederlandse aardgasnet, daarna volgt de S188. Samen hebben de twee FSRU's een doorvoercapaciteit van ongeveer 8 BCM per jaar, wat een belangrijke bijdrage kan leveren aan de voorzieningszekerheid en een afnemende afhankelijkheid van Russisch gas.

vrijdag 8 juli 2022

Extra financiële middelen voor energietransitie in Drenthe


Om te kunnen versnellen in de energietransitie en te anticiperen op de stijging van de energieprijzen wil Drenthe meer inzetten op waterstofprojecten, ondersteuning bij groengas projecten en gebiedsgerichte innovaties van het elektriciteitsnetwerk.

Voor realisatie van deze plannen vraagt het college van Gedeputeerde Staten aan Provinciale Staten om 600.000 euro extra beschikbaar te stellen voor de energietransitie in Drenthe.

Drenthe wil op het gebied van waterstof verder met innovatieve oplossingen voor de industrie en mobiliteit. Hiervoor zijn aanvragen voor diverse Europese subsidies in voorbereiding, waar uiteindelijke concrete projecten uit voort dienen te komen, zoals waterstoffabrieken (elektrolysers) op basis van lokale duurzame elektriciteit. De waterstof uit deze fabrieken wordt vervolgens geleverd aan de lokale industrie en (fast fill) tankstations. Het is hierbij essentieel dat deze lokale waterstofnetwerken via de zogeheten ‘waterstofbackbone’, een waterstofnetwerk dat door heel Nederland loopt, internationaal met elkaar verbonden worden. Zo kan een echte waterstofmarkt ontstaan.

Daarnaast is er nog de wens van veel (agrarische) ondernemers om groen gas te produceren. Enerzijds als bron van hernieuwbare energie voor derden, anderzijds voor verduurzaming van het eigen bedrijf. De inzet van de provincie richt zich bij groen gas op het samenbrengen van partijen tot groen gasclusters om daarmee de business case te verbeteren. En daarnaast op het verbinden van partijen, het begeleiden van initiatiefnemers bij projectontwikkeling en het ondersteunen van onderzoek naar optimale bedrijfsvoering.

donderdag 7 juli 2022

ACM stelt kader op om pilotprojecten met waterstof mogelijk te maken

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) wil netbeheerders en energieleveranciers de ruimte geven om vooruitlopend op nieuwe wetgeving alvast ervaring op te doen met het gebruik van waterstof voor de verwarming van huizen.

Daarom staat de ACM pilotprojecten met waterstof in de gebouwde omgeving toe als bedrijven de veiligheid van projecten goed borgen en zich houden aan de regels voor consumentenbescherming uit het Tijdelijk kader waterstofpilots. Het kader biedt ruimte voor de duur van vijf jaar, of het moment dat de nieuwe wetgeving gereed is.

De ACM heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat(EZK) er in 2021 op gewezen dat er geen wetgeving bestaat voor de levering van waterstof aan consumenten. Ook bestaat er geen wettelijke basis voor netbeheerders om deel te nemen aan experimenten met waterstof. Omdat het in het kader van de energietransitie belangrijk is om ervaring op te doen met het gebruik van waterstof zorgt de ACM er nu voor dat netbeheerders en energieleveranciers niet hoeven te wachten op nieuwe wetgeving.

woensdag 6 juli 2022

Onderzoek naar geur bij waterstof

Stedin en GRDF, de grootste gasnetbeheerder in Frankrijk en Europa, onderzoeken het toevoegen van geur aan waterstof. Net zoals aardgas is waterstof geurloos. Bij het vinden van de juiste geur is onder andere de geschiktheid voor waterstoftoepassingen, waaronder de brandstofcel, van belang. In de geur van aardgas zit bijvoorbeeld zwavel. Dit kan niet in een brandstofcel worden gebruikt.

In dit onderzoek ‘Het identificeren van drie zwavelvrije geurstoffen en hun geschiktheid voor waterstof in het gasnet’, dat samen met onderzoeksbureau DNV is uitgevoerd, zijn drie geuren geselecteerd op basis van belangrijke kenmerken, zoals unieke en alarmerende geurbeleving en ruikbaar vanaf kleine concentraties.

De drie geuren zijn getest in een brandstofcel, een toepassing die waterstof omzet in elektriciteit. Alle drie de geuren slaagden in de test. Uit geurproeven die Stedin heeft uitgevoerd op ruim 600 medewerkers is 2-hexyne de favoriet gebleken. 2-hexyne is een moeilijk te omschrijven geur, dat is goed en belangrijk voor de herkenbaarheid. Stedin trekt samen met GRDF op in het vervolgtraject om verder onderzoek te doen naar deze geurstof.

dinsdag 5 juli 2022

Noordoost-Nederland en Duitse deelstaat Nedersaksen ondertekenen intentieovereenkomst voor waterstofregio

De provincies Groningen, Drenthe, Fryslân en Overijssel en de Duitse deelstaat Nedersaksen ontwikkelen een grensoverschrijdende waterstofregio in Noordoost-Nederland en Nedersaksen. In deze regio gaan de provincies en Nedersaksen samenwerken in diverse waterstofprojecten. Daarvoor hebben de Commissarissen van de Koning van de betrokken provincies en de minister-president van de Duitse deelstaat Nedersaksen, Stephan Weil, een intentieovereenkomst ondertekend. Met het realiseren van een gemeenschappelijke waterstofregio, een Crossborder Hydrogen Valley, dragen de deelnemende regio's bij aan de Europese klimaatdoelstellingen voor 2030.  
 
De urgentie om de energietransitie te versnellen is duidelijk: naast klimaatverandering versterkt de oorlog in Oekraïne de noodzaak om over te stappen op duurzame energie. De provincies en de Duitse deelstaat willen de ‘Hydrogen Valleys’, die aan weerszijden van de grens in ontwikkeling zijn, met elkaar verbinden. Dat gebeurt door lopende projecten aan elkaar te koppelen en nieuwe gezamenlijke initiatieven te ontwikkelen. De ondertekening van de intentieovereenkomst laat zien dat de betrokken partijen vaart willen maken. 

Met de intentieovereenkomst ondersteunen de regio's de voorstellen die bedrijven en kennisinstellingen indienen voor financiering in het kader van verschillende EU-regelingen, bijvoorbeeld van het EU Clean Hydrogen Partnership. Ook zeggen de regio's toe andere financieringsmogelijkheden en ondersteuning te onderzoeken en initiatiefnemers aan te moedigen er gebruik van te maken.
 
Door de samenwerking tussen organisaties en kennisinstellingen te ondersteunen en samen projecten te ontwikkelen, kunnen de regio’s vraag en aanbod van (liefst groene) waterstof bovenregionaal aan elkaar koppelen. Dat leidt tot kennisuitwisseling, werkgelegenheid, schaalvergroting en lagere prijzen van groene waterstof. Door het gebruik van waterstof aantrekkelijker te maken, versnellen we de energietransitie én worden we sneller onafhankelijk van buitenlandse import van energie.
 
Het gaat om projecten in de hele waterstofketen: van productie, distributie en opslag tot gebruik van groene waterstof. En op tal van toepassingsterreinen, waaronder het gebruik van waterstof als grondstof en als energiebron in de industrie. Ook gaat het om het gebruik van waterstof als emissievrije brandstof in de mobiliteit (weg-, water-, spoor- en luchtverkeer) en het gebruik voor verwarming en koeling van gebouwen.  

Foto Anefo



maandag 4 juli 2022

Oplossingen om productie groen gas te verhogen

Netbeheerder Alliander is op zoek naar oplossingen om het overschot aan groen gas in de zomer kwijt te kunnen op het bestaande gasnet.

Daarom daagt Alliander ondernemers, uitvinders en vernieuwers uit met innovatieve oplossingen te komen.

Tijdens de zomermaanden wordt namelijk meer groen gas geproduceerd dan dat er verbruikt wordt. Hierdoor worden producenten van groen gas in hun productie beperkt.

Alliander heeft de zogenoemde ‘innovatie challenge’ gepubliceerd op het platform Starthubs, waarop duizenden startups, scale-ups en mkb-bedrijven meedenken over uitdagingen van bedrijven.

Groen gas is een duurzaam alternatief voor aardgas en heeft daarom een belangrijke rol in de energietransitie. Het wordt schoon geproduceerd uit onder andere GFT-afval, rioolwater en mest en heeft dezelfde kwaliteit als aardgas.

In Nederland wordt per jaar ongeveer 200 miljoen kubieke meter groen gas ingevoerd in het bestaande aardgasnet. De komende jaren moet deze hoeveelheid worden vertienvoudigd. In het klimaatakkoord is afgesproken dat in 2030 2 miljard kubieke meter groen gas wordt geproduceerd.

vrijdag 1 juli 2022

Biodieselsector ziet gezamenlijke aanpak als enige weg naar 2030

 

Biodieselproducenten pleiten voor een gezamenlijke aanpak van sectorpartijen als de enige oplossing om de 2030-doelstellingen voor transport kosteneffectief te halen. Alle verduurzamingsoplossingen moeten worden overwogen, aldus de NBAA - een alliantie van Nederlandse producenten. Daarbij gaat het niet alleen om elektrificatie en waterstof, maar ook om hernieuwbare diesel en biodiesel.

Samen met sectorpartijen moet er worden samengewerkt om zoveel en zo snel mogelijk broeikasgasreducties te realiseren waarbij verduurzamingsoplossingen vooral worden ingezet waar deze het meest kosten-effectief zijn.

Nederland staat de komende jaren voor een grote verduurzamingsopgave, ook in de transportsector. Nieuwe technologieën ontwikkelen zich snel, maar niet snel genoeg om alle klimaatdoelstellingen te halen. Naast elektrificatie en waterstof zijn de komende decennia hogere mengsels van biodiesel dringend nodig in transportsectoren die lastig te verduurzamen zijn. Daaronder vallen ook zwaar wegtransport en scheepvaart, waar alternatieve technologieën nog niet schaalbaar zijn.

De Nederlandse biodieselsector doet nu een beroep op de overheid om de voordelen van afvalbiobrandstoffen te benutten om de broodnodige vermindering van de uitstoot in deze transportsectoren te verwezenlijken. Volgens de organisatie kunnen de emissiereducties gemakkelijk worden verdrievoudigd door de maximumhoeveelheid biodiesel te verhogen van 7 naar 20 procent.

 
Copyright (c) 2010 Biogas Nieuws and Powered by Blogger.