maandag 25 maart 2013

Verdubbeling invoeding groen gas in gasnet Enexis

In 2012 heeft Enexis in vergelijking met 2011 twee keer zoveel groen gas via haar net gedistribueerd. Waar in 2011 10,9 miljoen m3 groen gas is ingevoed is dit in 2012 ruim 21,0 miljoen m3 geweest. Hiermee transporteert Enexis in vergelijking met de andere netbeheerders het meeste groen gas van Nederland en voldoet hiermee maximaal aan haar wettelijke plicht om de invoeders hierin te faciliteren.
Uitgaande van een gemiddeld huishoudelijk gebruik van 1500m3 per jaar, heeft Enexis daarmee in totaal meer dan 14.000 huishoudens volledig voorzien van duurzaam, CO2 arm groen gas. Een auto, die op groen gas rijdt, had hier 315 miljoen kilometer, oftewel 7.800 keer om de aarde kunnen rijden, vrijwel CO2 vrij.
De grootste invoeders van groen gas in het gasnet van Enexis staan verspreid over het verzorgingsgebied. Met de toevoeging in 2012 van twee nieuwe groen gas producenten, staat het totaal aantal invoeders nu op acht stuks. Zij varieren in maximale invoedcapaciteit tussen de 200 m3/u en 1900 m3/u .
In 2013 verwacht Enexis nog minstens vijf nieuwe invoeders aan te sluiten. Daarnaast voeden SuikerUnie Groningen en Biogast Tirns dan het gehele jaar in, wat al met al tot een verwacht totaalvolume van 30 miljoen m3 leidt (oftewel een toename met 50%). De komende jaren voorziet Enexis een lichte verdere toename, waarbij de groei zeer afhankelijk is van het subsidiebeleid. Enexis heeft het aansluiten van invoeders van groen gas tot integraal onderdeel van haar reguliere processen gemaakt om zo, in het belang van de invoeders, koploper te blijven in de betrouwbare en veilige facilitering van groen gas .
Voor Enexis vormt het mogelijk maken van de transitie naar een duurzame energievoorziening een belangrijk onderdeel van haar missie. Enexis werkt daarom hard aan de optimalisatie van de inpassing van groen gas (duurzaam gas van aardgaskwaliteit) en ruw biogas in haar gasnetten. Daarbij werkt Enexis nauw samen met ketenpartners, de andere regionale netbeheerders en met de beheerder van het landelijke gastransportnet GTS.
De invoeding van groen gas op het totaal getransporteerde volume aan aardgas in het net van Enexis is slechts een bescheiden percentage van 0,35%. In opdracht van Enexis is door DNV KEMA een analyse gemaakt van het potentieel aan groen gas binnen het Enexis gebied. Op basis van de beschikbaarheid van biomassa komt DNV KEMA tot de conclusie dat maximaal 13% van de gasvraag door lokaal opgewekt groen gas ingevuld kan worden.
Op veel plaatsen in Nederland wordt ruw biogas gemaakt, door bijvoorbeeld rioolslib, voedselresten of groente-, fruit-, en tuinafval (biomassa) te vergisten. Niet alleen boeren en tuinders, maar ook waterzuiveringsinstallaties en afvalverwerkingsbedrijven zijn potentiele producenten van ruw biogas. Vaak wordt dit gas ter plaatse omgezet in elektriciteit. Op zich heel duurzaam, maar de vrijgekomen warmte wordt niet altijd gebruikt. Het is daarom duurzamer om het gas naar een plek te brengen waar deze warmte wel benut kan worden. Ruw biogas kan niet zonder meer op het Nederlandse gasnetwerk worden ingevoed. Daartoe moet het eerst worden opgewaardeerd tot aardgaskwaliteit via speciale opwerkinstallaties. Pas na een uitgebreide kwaliteitscontrole mag het dan groen gas heten.

woensdag 20 maart 2013

Waterschap werkt aan duurzaam energie- en klimaatbeleid

Waterschap Amstel, Gooi en Vecht werkt hard aan een duurzaam energie- en klimaatbeleid en richt zich sterk op innovatie. Zo besparen we energie met nieuwe technieken, en produceren we biogas uit afvalwater. Zo wordt bij de afvalzuiveringsinstallaties momenteel een energiebesparing van 2 procent per jaar gerealiseerd. Elke afvalwaterzuivering krijgt slimmere technieken en door deze technische aanpassingen zoveel mogelijk te doen op de momenten dat toch al onderhoud plaatsvindt, sla je twee vliegen in een klap. Geen of weinig extra kosten en meteen een forse energiebesparing. Conform afspraken met het Rijk is het doel om in 2020 een energiebesparing van 30 procent te realiseren. Het waterschap produceert ook biogas. Uit het gemaakte biogas wordt elektriciteit gemaakt en ook wordt het biogas ingezet als autobrandstof voor onder andere het wagenpark van Waternet. Naast energiebesparing en het omzetten van afvalstoffen in nieuwe vormen van energie als biogas, onderzoekt het waterschap ook in hoeverre afvalstoffen in de toekomst kunnen worden omgezet in grondstoffen.

dinsdag 19 maart 2013

Bedrijven in het gebied Betuwse Bloem willen biomassa verwaarden

Uit plantaardige reststoffen zijn eerst de waardevolle componenten te halen, voordat de biomassa de biovergister in gaat. Wageningen Universiteit is begin 2013 een studie begonnen om het tot waarde brengen van biomassa voor het gebied van de Betuwse Bloem te onderzoeken. Naast valorisatie is ook het bundelen van plantaardige reststromen via 'Biomassawerven' een aspect dat wordt onderzocht. Logistiek gezien lijkt er behoefte aan centrale plekken om biomassareststromen, zoals snoei- en resthout uit de fruit- en laanboomteelt, resten van glastuinbouwgewassen en champost, tijdelijk op te kunnen slaan en te verwerken. Dit kan mogelijk in combinatie met GFT en verwerkingsresten uit de voedselketen.
Ondernemers uit het gebied Betuwse Bloem die interesse hebben in het onderzoek en die er in zouden willen participeren kunnen contact opnemen met Bert Annevelink van Wageningen UR (tel. 0317-488700). Daarnaast zijn de onderzoekers op zoek naar ondernemers die kennis hebben van de plantaardige reststromen van hun eigen bedrijf en interesse hebben om van plantaardig afval een nieuwe business te maken. De resultaten uit de studie zullen de informatie leveren voor een bijeenkomst met ondernemers, overheden en kennisinstellingen, waarin die kansen worden besproken. Samen met de geïnteresseerde partijen worden er vervolgens concrete projectinitiatieven geïdentificeerd.

maandag 18 maart 2013

Shared Research Center Biobased Aromatics maakt van fossiele bedreiging biobased kans

Op 5 maart 2013 startte het Shared Research Center Biobased Aromatics op de Green Chemistry Campus in Bergen op Zoom. Dit platform dat de ambitie heeft om binnen 5 jaar uit te groeien tot een van de top Centers van de wereld op dit onderwerp is een initiatief van TNO, VITO (Vlaanderen) en de Green Chemistry Campus als onderdeel van de Biobased Delta. Met het Shared Research Center spelen de deelnemers in op het verwachte groeiende tekort aan aromaten uit de petrochemische industrie en anderzijds op de door de industrie breed gedragen ambitie om nieuwe groene routes te ontwikkelen vanuit hernieuwbare grondstoffen. TNO en VITO gaan in dit Shared Research Center onderzoeken hoe bio-aromatische verbindingen uit agro-reststromen kunnen worden ontwikkeld.

vrijdag 8 maart 2013

Schiphol Group steunt KLM met lancering van intercontinentale vluchten op biobrandstof

Schiphol Group heeft samen met de Port Authority of New York and New Jersey en KLM en Delta Air Lines de lancering bekendgemaakt van een reeks intercontinentale vluchten van KLM op tweede generatie biobrandstof - een primeur. Deze tweede generatie biobrandstof wordt gemaakt van afgewerkt frituurvet en heeft geen negatieve invloed op de biodiversiteit en voedselvoorziening.
In het kader van de start van deze serie intercontinentale vluchten op duurzame biobrandstof opende Minister van Economische Zaken, Henk Kamp, in het bijzijn van Jan Peter Balkenende, voormalig Minister President en voorzitter van de Dutch Sustainable Growth Coalition, Camiel Eurlings, Managing Director KLM en Jos Nijhuis, CEO Schiphol Group, de Green Space op de E-pier op Schiphol. Hierin wordt een impressie gegeven van de diverse duurzame initiatieven van Schiphol en KLM.
Daarna is een KLM B777-200-toestel vliegend op biobrandstof vertrokken naar Terminal 4 op John F Kennedy Airport als start van de serie wekelijkse biofuel vluchten van John F Kennedy Airport naar Amsterdam Airport Schiphol. Meer gebruik van biobrandstof in de luchtvaart beperkt de CO2-voetafdruk van de sector en de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen.

dinsdag 5 maart 2013

Cassettebandjespatent inspiratie voor nieuwe Fischer-Tropsch-katalysator

Chemici van de Universiteit van Amsterdam (UvA) hebben op basis van patenten uit de audiocassette-industrie in de jaren zestig een nieuwe Fischer-Tropsch-katalysator ontwikkeld. Deze katalysator kan worden gebruikt voor de productie van synthetische brandstoffen uit aardgas en biomassa. Het onderzoek is onlangs gepubliceerd als VIP-artikel in Angewandte Chemie.
De onderzoekers - Robert Calderone, Raveendran Shiju en Gadi Rothenberg van het Van 't Hoff Institute for Molecular Sciences van de UvA - zijn erin geslaagd ijzeroxidedeeltjes met kobaltomhulsels van nanometerdikte te ontwikkelen. Deze nieuwe materialen zijn uitstekende Fischer-Tropsch (FT)-katalysatoren die goede dieselfracties opleveren.
Het FT-proces maakt het mogelijk traditionele brandstoffen zoals diesel en kerosine te produceren uitgaand van ‘syngas’, een mengsel van waterstof en koolmonoxide verkregen uit aardgas, biomassa of kolen. Door de grote reserves aan schaliegas en aardgas en de daarmee samenhangende transformatie van de mondiale energiemarkt neemt de interesse in FT-technologie toe. Probleem is echter dat FT-reactoren erg groot zijn en doorgaans honderden tonnen katalysatoren gebruiken.
Katalysatoren op basis van kobalt zijn de beste keuze voor het produceren van middeldestillaten zoals diesel en kerosine met behulp van FT-technologie. Kobalt is echter kostbaar. In 2009 werd de onderzoeksgroep van Rothenberg benaderd door Total Gaz & Power met het verzoek samen met het bedrijf een nieuwe FT-katalysator te ontwikkelen. De UvA-onderzoekers namen de uitdaging aan om een goedkopere katalysator te ontwerpen die op zeer grote schaal bereid kan worden maar qua prestaties niet onderdoet voor zuiver kobalt.
Het UvA-team koos voor zogeheten oppervlakte-nucleatie van een kobaltfase op colloïden van ijzeroxide. Daarbij grepen ze terug op de methode die ondernemingen zoals TDK in de jaren zestig van de vorige eeuw gebruikten voor het produceren van magnetische tapes voor audiocassettes. Het standaard opnamemateriaal in deze cassettes bestond uit polymeertapes met sigaarvormige kobalt-gedoteerde ijzeroxidedeeltjes.
Twee jaar aan onderzoek leidde tot een goedkope, betrouwbare, efficiënte en vooral schaalbare methode voor het produceren van bolvormige core-shell-katalysatordeeltjes. Deze deeltjes hebben een gemiddelde diameter van 10 nanometer en bestaan uit een magnetietkern (ijzeroxidekern) van 8 nanometer en een kobaltomhulsel van slechts 1 nanometer. De nieuwe katalysatoren werden getest in samenwerking met de onderzoeksgroepen van Andreas Jess (Universität Bayreuth, Duitsland) en Andrei Khodakov (Université Lille 1, Frankrijk). Ze bleken uitstekende FT-katalysatoren te zijn die goede dieselfracties opleveren.
Op de nieuwe katalysatoren, en de methode voor de bereiding ervan, is octrooi aangevraagd door Total Gaz & Power van moederbedrijf Total S.A., dat de UvA-onderzoekers als mede-uitvinders vermeldt. Het onderzoek is onlangs online als een VIP-artikel in het toptijdschrift Angewandte Chemie gepubliceerd en wordt het coveronderwerp van de printversie die later dit jaar verschijnt.
 
Copyright (c) 2010 Biogas Nieuws and Powered by Blogger.